Minimumnorm voor kankerzorg

Ziekenhuizen die patiënten met borstkanker of darmkanker opereren, moeten dat vanaf januari volgend jaar minimaal vijftig keer per jaar doen. Meer ervaring met die behandelingen verbetert de kwaliteit. Het verlaagt het aantal complicaties en heroperaties. Voor longkanker is de nieuwe minimumnorm twintig operaties per jaar.

Dat hebben de chirurgen in de Nederlandse Vereniging van Heelkunde (NVvH) afgesproken, zo hebben ze vanochtend bekendgemaakt. Halen ziekenhuizen het aantal behandelingen niet, dan moeten ze patiënten doorsturen naar een ziekenhuis dat de minimumnorm wel haalt.

Oktober vorig jaar bleek al dat een groot deel van de ziekenhuizen zal moeten ophouden met de behandelingen. De Nederlandse vereniging van oncologen, Soncos, zei dat eenderde van de negentig ziekenhuizen die nu borstkankerzorg aanbieden, de norm van vijftig operaties niet haalt. De helft van de ziekenhuizen die longkanker behandelen aanbieden, komt ook niet aan de nieuwe norm.

De chirurgenvereniging komt over een aantal maanden met vergelijkbare normen voor de behandeling van een verwijde buikaorta, slokdarmkanker, alvleesklierkanker en leverkanker.

De NVvH stelt meer eisen in haar nieuwe richtlijn. Zo moeten er per ziekenhuis minimaal twee gespecialiseerde chirurgen zijn, zodat ze met elkaar kunnen overleggen. Verder dienen ziekenhuizen teams te hebben met goed ondersteunend personeel en de juiste medische apparatuur. Ook moeten ze nauwkeurig gegevens van hun verrichtingen bijhouden.

Achmea, de grootste zorgverzekeraar van Nederland, is blij met de normen van de NVvH. Branchegenoot CZ wilde er vorig jaar niet langer op wachten, stelde eigen kwaliteitsnormen vast en sloot ziekenhuizen uit van een contract. Ook de Inspectie voor de Gezondheidszorg uitte kritiek op het uitblijven van normen.