Hint van chocola met bloemig karakter

Douwe Egberts zelf wilde op visite komen en zijn eigen koffie meebrengen. Hij heeft nieuwe soorten met nieuwe verhalen. Die wilde hij komen vertellen. Tijdens een proeverijtje aan huis. Handiger, Douwe, kun je alleen je nieuwe koffie sturen, zei ik beleefd. Proeven gaat beter in eenzaamheid en stilte. Goed, zei Egberts, maar hoe zet je koffie? In een roestvrijstalen versie van de in 1933 door Alfonso Bialetti ontworpen Moka Express van aluminium die ten onrechte ook wel percolator wordt genoemd. Een potje op een gasje. Elke ochtend even feest. Onderin raakt water aan de kook. Boven het water in de kelder ontstaat stoom die snel uitzet en daardoor het water door een buisje naar de tussenverdieping perst die vol gestampt is met gemalen koffie waar het hete water doorheen moet om door een tweede buis in de bovenkamer van het koffiezettertje te komen.

Het weergaloze ontwerp is nooit wezenlijk verbeterd. Wel zijn er honderden varianten van gemaakt en zijn er miljoenen in gebruik. Bij vlagen worden ze in Nederland opeens weer populair. En als in de krant staat dat de Hema goeie namaak heeft uit China moet de Hema halsoverkop bijbestellen omdat ze weg vliegen. Dan bruikleen ik je een machine erbij, zei Douwe Egberts. Zijn nieuwe koffies komen het best tot hun recht uit een automaat, minder uit mijn Moka.

Een man van TNT tilde zich een breuk aan de zending. Drie pakken koffie, samen met een reusachtige koffiemachine die volautomatisch maalt en zet. Het ding vraagt twee keer zoveel ruimte in de keuken als hij groot is. Hij functioneert niet in een hoekje waar hij precies past. Om er water in te doen moet de linkerwand open om de watertrommel er uit te halen en de doos waar koffiewatjes melk in doen. De rechterwand bewaart de trommel koffiedik. Koffiebonen moeten door een luik bovenop de machine. Van de huurwaarde van je huis kun je een halve kubieke meter aftrekken met dit ding, merk Saeco, op je aanrecht.

Maar de koffie die er uit komt! Heel verschrikkelijk goed. Dat wil zeggen, de Flowery Papua New Guinea met ‘bloemig karakter en natuurlijk pit met een hint van chocola’. Het karakter van bloemen en de hint van chocola ontgaan me, maar wat is deze koffie, ordinair gezegd, lekker sterk heer Egberts. Om van de andere koffies te kunnen proeven moet de automaat eerst leeggemalen worden, je kunt niet zomaar van bonen wisselen, tenzij een takelwagen het apparaat even ondersteboven houdt om de bonen er uit te gooien zodat er nieuwe in kunnen.

Met het simpele espressozettertje en een losse koffiemolen kan wel snel van smaak gewisseld worden, maar daarmee vervuilt het wetenschappelijk onderzoek. De techniek moet steeds dezelfde zijn bij vergelijk van soorten bonen. Maar die uit Nieuw Guinea zijn alvast verpletterend goed bevonden, naar mijn smaak, en Douwe Egberts zegt dat men daar fatsoenlijk met mensen omgaat en met het milieu. Ik vond ook andere fatsoenlijke koffiebonen. Eko en Fair Trade van een oorspronkelijk Belgische onderneming in ijs en chocola, nu ook in koffie. Merknaam: Australian. Geen koffie uit Australië, waar ze ook de chocola en het ijs helemaal niet kennen. Om te weten waar Australian koffie vandaan komt moet men op een website het nummer intikken dat op de zak met bonen staat. De mijne komen, blijkt dan, uit Honduras, Bolivia en van twee plantages in Peru. De zak staat ook te wachten naast de automaat. Aan de beurt over drie maanden.

Morgen: Woordhoek van Ewoud Sanders