U luidt de klok, WikiLeaks doet de marketing

Niet Assange doet het werk maar de klokkenluiders achter hem. WikiLeaks is de expediteur van hun informatie. Wat hen drijft is belangrijker dan de mythe rond hun colporteur.

Journalist. Hij schreef onder andere ‘Turbotaal’ (1987). Vorig jaar verscheen ‘De woorden van Wilders en hoe ze werken’.

Onlangs twitterde ik dat Julian Assange een ‘kletsmajoor’ was. Voor de zekerheid deed ik het ook nog even in het Engels (‘full of shit’). Het was een experiment, ik was benieuwd hoe zoiets in een sociaal netwerk als Twitter zou vallen. Ik verloor een handvol ‘volgers’ en kreeg een stroom aan verontwaardigde reacties. Iemand stuurde alleen een link: sowhyiswikileaksagoodthingagain.com. Als je daarop klikt verschijnen korte omschrijvingen, één voor één, van wat wij tot nu toe allemaal aan WikiLeaks te danken hebben. WikiLeaks heeft onthuld dat de Deense, Finse en Australische politie kinderporno als excuus gebruiken om bonafide websites te sluiten. WikiLeaks heeft onthuld dat US peacekeepers in Congo meisjes verkracht hebben, WikiLeaks heeft onthuld hoe Trafigura mensen ziek maakte door gifgas te dumpen, enzovoort. Ik liet die oneindige loop van wapenfeiten aan me voorbijtrekken en dacht: goh, en dat álles door WikiLeaks!

Maar toen die zin even later voor de tweede keer door mijn hoofd speelde, stond er een vraagteken achter. Deze ongelijksoortige reeks gebeurtenissen, is dat het werk van één organisatie? Nee, het werk achter die onthullingen komt van individuele klokkenluiders, mensen die toegang hadden tot die brisante informatie en vonden dat die geopenbaard moest worden. Klokkenluiders lopen grote risico’s, ze begaan strafbare feiten, plegen contractbreuk en niet zelden komen ze er bekaaid vanaf. De rol van WikiLeaks is eigenlijk alleen die van expediteur: de klokkenluider levert zijn info in, WikiLeaks verzorgt het beveiligd transport. Toen de muziekindustrie illegaal downloaden begon aan te pakken, richtte ze zich eerst op de ontwerpers van peer-to-peer-netwerken zoals Napster en Limewire, maar die wasten hun handen in onschuld: wíj kopiëren en distribueren niet illegaal, zeiden ze, dat doen de gebruikers van dit netwerk. Als ik de blauwdrukken van een raketsilo steel en per UPS naar Moskou stuur, is UPS dan strafbaar? Nee. Strikt genomen zou WikiLeaks ook die positie in kunnen nemen, maar in de moderne mediacultuur heeft die aanpak een belangrijk nadeel: er blijft aandacht over.

Iedereen wil weten wie de ‘lekker’ is, maar de lekker wil anoniem blijven, en dat doet afbreuk aan de sexyness van zijn informatie. Waar is de held, waar is de heroïsche eenling die het met gevaar voor lijf en leden opneemt tegen het establishment? Waar is de ‘klokkenluider’ om er een écht spectaculair en universeel verhaal van te maken, met een Zaak én een Protagonist? That’s where Assange comes in. Julian Assange: voor al uw klokluiderij. Of, in het idioom van de western: have whistle, will blow. Om die rol geloofwaardig te kunnen spelen moet Assange zich presenteren als iemand met uitzonderlijke vermogens, een soort SuperLeaker, die zelfs reageerbuisjes vol TNT veilig in de juiste brievenbus weet te krijgen. En whoosh, daar verdwijnt hij alweer in de nacht, met zijn zwarte tas over zijn schouder. Thank you, SuperLeaker!

Alsof de cd-roms van soldaat Manning zonder Assange nooit het daglicht zouden hebben gezien, terwijl Manning ze natuurlijk net zo goed in een bruine envelop bij The New York Times in de bus had kunnen gooien. De suggestie dat WikiLeaks over speciale expertise zou beschikken die een serieuze krant of nieuwsrubriek niet in huis heeft, is onzin. Het is andersom – anders zou WikiLeaks zelf wel een team samengesteld hebben om met dit exclusieve, explosieve materiaal het best gelezen weblog aller tijden te beginnen. Dat al dit materiaal uiteindelijk in een traditioneel tempo via traditionele media doorsijpelt naar het publiek, is een bewijs op zich dat de wereld door de digitale revolutie misschien toch niet zo radicaal veranderd is als sommigen graag lijken te geloven. Journalistiek is mensenwerk, dat vergt tijd, kennis en ervaring. Zo was het, zo is het en zo zal het altijd zijn.

Wat Julian Assange met WikiLeaks doet is in essentie niets meer dan marketing. Packaging. De schijfjes die bij WikiLeaks worden ingeleverd zijn de balen koffie, WikiLeaks is Nespresso. Sexy koffie, zorgvuldig afgestemd op een behoefte in de markt.

In 2006 schreef Frans Timmermans in deze krant dat hij de SP een ‘onbetrouwbare’ partij vond. Vorige week stond het opnieuw op de voorpagina’s, deze keer als ‘onthulling’ van WikiLeaks. Die cables hebben wel een paar echte onthullingen gebracht, maar de bulk van het materiaal zou, als een ijverige researcher van de NOS het ergens had opgediept, waarschijnlijk zijn doorgeschoven naar Geschiedenis 24. Maar met de branding van WikiLeaks en de Assange-mythologie wordt het iets anders. Ssssexyyyy!

Kijk eens naar de foto’s van die Zweedse computerhost die begin december op de voorpagina’s van alle kranten stonden. WikiLeaks had ‘onderdak’ gevonden bij het Zweedse datacentrum Bahnhof, gevestigd in een oude bunker, uitgehouwen in de rotsen in Stockholm. Besneeuwde rotsblokken rond de ingang, blinkend futuristische installaties, vuistdikke deuren, noodaggregaten, alles even gelikt vormgegeven en gloedvol uitgelicht. Het lijkt wel een James Bond-set. Op een van de foto’s drijft zelfs koolzuursneeuw door de ruimte, alsof er elk moment een showballet kan beginnen. „The ongoing denial-of-service-attack against WikiLeaks has forced his minions to move the site to a fortified data center encased in a cold war-era, nuke-proof bunker encased in bedrock”, lees je dan. Het is een meesterlijke zet om de ‘jacht’ op Julian Assange te visualiseren. Want die jacht bestaat natuurlijk niet uit pogingen om fysiek schade toe te brengen aan de hardware waar WikiLeaks zijn data in opslaat, dat heeft geen enkele zin. Die jacht, als hij bestaat, is natuurlijk digitaal van aard, ondernomen door hackers vanachter hun toetsenbord. Nucleaire bunkers, vuistdikke stalen deuren en koolzuursneeuw bieden daar geen enkele bescherming tegen.

For all we know is dat hele WikiLeaks niet meer dan een laptop in die zwarte tas waar we Assange altijd mee zien sjouwen, maar in deze visueel gerichte mediacultuur moet er iets te zien zijn. Dat is de functie van dat Zweedse datacenter: als visuele uitdrukking van Assanges grimmige, eenzame, heroïsche strijd. WikiLeaks is zó gevaarlijk, alleen hier zijn ‘de data’ veilig. Wat krijg je als krant of televisiezender als je met WikiLeaks tot overeenstemming bent gekomen? Een datastickje, overhandigd in een koffiehuis! Of neem Assanges ‘thermonucleaire verzekeringsbestand’ – ook zo’n vondst. Niet een harddisk, weggeborgen in een banksafe of het gootsteenkastje van zijn oma, nee, een allesverzengend monsterbestand dat zichzelf automatisch zou verspreiden, mocht Assange iets overkomen. Een space age-variant van de dodemansknop. Sci-fi Hollywood-stuff.

De Koude Oorlog is voorbij, de spionnen zitten in het bejaardenhuis, hun dodelijke paraplu’s liggen in het museum, maar de behoefte aan cloak and dagger is van alle tijden, en Julian Assange weet het. Hoofdredacteuren en bemiddelaars vinden het ook allemaal reuze spannend om zaken met hem te doen, en doen per blog uitvoerig verslag van hun avonturen. Kranten dood? Kijk ons eens twee-punt-nul zijn.

Als het Assange alleen om openbaarheid ging, waarom zou hij de pr voor WikiLeaks dan onderdeel van de onderhandelingen maken? NRC Handelsblad en RTL besloten uiteindelijk niet in zee te gaan met WikiLeaks maar samen te werken met Aftenposten dat dezelfde hoeveelheid informatie heeft. De NOS ging wel in zee met WikiLeaks en begeleidde de kick-off van Operatie Cable met een portret van Assange dat verdacht veel weg had van een advertorial, inclusief niet gestaafde beschuldigingen tegen PayPal, Mastercard en Visa. Ook plaatsen zij keurig bij elk bericht opnieuw het welbekende logo. De spontane naamsbekendheid van WikiLeaks moet inmiddels enorm zijn.

„WikiLeaks heeft meer documenten onthuld dan alle oude media ooit bij elkaar”, sprak Assange in die NOS-advertorial. Onzin: papieren documenten kun je nu eenmaal niet met vrachtwagens tegelijk lekken, digitale wel, maar het gaat natuurlijk om kwaliteit, niet kwantiteit. (En die exponentieel gegroeide kwantiteit is niet de verdienste van WikiLeaks, maar van Bill Gates cum suis, die ons gegevensverkeer gedigitaliseerd heeft.) Op de stelling dat geheimen ook nuttig en noodzakelijk kunnen zijn, heeft Assange in al die jaren ook nog geen goed antwoord bedacht. „Nee”, zegt hij, ook in dat NOS-filmpje, „want als iets geheim is, is het in strijd met de wil van het volk.” Kennelijk is Assange ook bereid de lanceercodes van nucleaire raketten te publiceren, een geheim dat je onmogelijk in strijd met de wil van het volk kunt noemen. „Dit is net zo belangrijk als toen de archieven van de Stasi voor het eerst opengingen” – het zijn toch meer de teksten van een begenadigd hypeartiest dan van iemand die serieus met rekenschap en openbaarheid bezig is. Van zo iemand zou je iets meer onderscheidingsvermogen verwachten. (Vandaar dat ‘kletsmajoor’.)

Maar de marketing-magic mist zijn uitwerking niet. Het is een oude wet dat technologische innovatie gepaard gaat met overspannen voorspellingen van wat het allemaal teweeg zal brengen. The paperless office, heette het begin jaren tachtig. Nee dus. Begin jaren negentig meende Felix Rottenberg in de fax het instrument te hebben gevonden om de PvdA te transformeren. Tja.

Rond internet waren de verwachtingen zo mogelijk nog hoger gespannen, maar het is allemaal een beetje tegengevallen. Internet heeft veel veranderd, zie de stakende postbodes en zich het hoofd brekende krantenbazen, maar dát bedoelden de pioniers van het eerste uur helemaal niet! Internet als de sleutel tot de definitieve en volledige empowerment van het individu, de totale vrijheid en democratie, tja, het is toch een beetje anders gelopen. Maar de digitale droom is hardnekkig, elke noviteit roept hem weer wakker, en de laatste erectie heet WikiLeaks.

Maar hoezeer de intelligentsia het ook lijkt te willen geloven, dat we met de komst van het digitale lekken een Nieuw Tijdperk zouden zijn betreden, is flauwekul. Gelekte informatie is gelekte informatie, of hij nu uit een kopieermachine komt of uit een pc.

De diplomatie is een bedrijfstak die graag vasthoudt aan tradities, die liep gewoon nog een beetje achter en is nu door een pijnlijke wake-upcall uit haar sluimer ontwaakt. Als een eenzame pedofiel zijn laptop zo kan beveiligen dat een heel politiekorps er wekenlang niet doorheen komt, moet het Pentagon of de NAVO toch een eind kunnen komen met het afschermen van hun gevoelige info. Dat gaan zij dus doen, en dan is het weer even uit met de pret.

Zou de aandacht zich intussen niet wat meer op de mensen achter WikiLeaks moeten richten? En dan bedoel ik niet die kleine (en allesbehalve eensgezinde) sekte van transparantiefundamentalisten die Assange vertegenwoordigt, maar de mensen die deze informatie om te beginnen ontvreemden, met gevaar voor have en goed, soms lijf en leden. Wat hen drijft lijkt mij wezenlijker dan de mythologie van de charismatische colporteur die hun schijfjes aan de man brengt.