Fluwelen hand

Iemand vertelde me dat hij vroeger een vriend had – nou ja, geen echte vriend, maar meer een drinkebroertje – die de gewoonte had om ruwe cafés binnen te stappen en dan te vragen: ‘Wie is er hier de baas?’

Dan kwam er ruzie, want er waren altijd verschillende mensen die dachten dat ze de baas waren, en vaak eindigde het ermee dat in een woest gevecht barkrukken door het lokaal vlogen. De stokebrand kneep er dan gnuivend tussenuit; missie volbracht.

Als er in the schaakwereld over ‘The Boss’ wordt gesproken, gaat het nog altijd over Gari Kasparov, ook al heeft hij sinds 2005 geen serieuze wedstrijdpartij meer gespeeld. Hij zit natuurlijk niet stil en zijn laatste actie is een reclamecampagne voor de Poolse tak van de ING Bank.

Zoek bij YouTube naar kasparow ing (en let op de w aan het eind van zijn naam, want het zijn Poolse filmpjes) en dan zie je hem verschillende openingen behandelen, de Poolse opening in een half Pools en half Russisch gesproken filmpje, het Russisch in het Russisch en het Engels in het Engels.

‘Dit is de Engelse opening’, zegt Kasparov, die net als zijn Poolse gastheer een Engelse bolhoed op heeft. Op een scherm verschijnt de zet c2-c4. ‘En na die zet drinken wit en zwart een kopje thee’, zegt de Pool. ‘My pleasure’, zegt Kasparov met een glimlach terwijl hij zijn kopje leegdrinkt.

Als een kleine Muck in de pantoffels van Kasparov maakt Magnus Carlsen reclame voor een kledinglijn, maar Kasparovs bankzaken zijn leuker.

Ik schrijf dit op donderdag, een vrije dag voor de grootmeestergroepen van het Tata Steel-toernooi. Bij afwezigheid van de grote baas zijn de hoogste onderbazen in het toernooi Anand en Hikaru Nakamura. Ze staan samen bovenaan met de mooie score van zeven uit tien Anand heeft vier partijen gewonnen, Nakamura vijf, maar die heeft er ook een verloren, tegen Magnus Carlsen, die hem hardhandig van het bord sloeg.

Anand heeft de fluwelen hand. Van 1998 tot 2004 had hij in de toernooien in Wijk aan Zee een serie van zeventig partijen zonder er een te verliezen, en als je hem nu bezig ziet, lijkt het of hij onkwetsbaar is. Zijn vier overwinningen leken vanzelfsprekend, alsof hij er geen speciale moeite voor hoefde te doen.

Nakamura is een en al energie en je kunt bij wijze van spreken de stoom uit zijn oren zien spuiten.

Morgen weten we wie het Tatatoernooi wint, de Indiase fluwelen hand of het Amerikaanse brok energie, of misschien toch de stille krachten Vladimir Kramnik en Levon Aronian, die drie ronden voor het eind met een half punt achterstand onder het wateroppervlak loeren.

Anand - Alexei Shirov, Tata tiende ronde

1. d4 d5 2. c4 c6 3. Pf3 Pf6 4. Pc3 e6 5. Lg5 Pbd7 6. e3 Da5 De Cambridge Springs variant. In goede en kwade tijden blijft Shirov zijn geliefde openingsvarianten trouw. 7. cxd5 Pxd5 8. Dd2 Lb4 9. Tc1 h6 10. Lh4 c5 11. Lc4 Pxc3. Een dag eerder deed Shirov tegen Aronian 11...cd4. Ook die partij verloor hij. 12. bxc3 La3 13. Tb1 a6 14. Le2 0-0 15. 0-0 b5 16. c4 Lb4 17. Dc2 Lb7 18. Tfd1 bxc4 19. dxc5 Pxc5. Zwarts stukkenkluwen op de damevleugel ziet er wankel uit. Zijn lopers voelen de dreiging van wits Tb1. Zijn paard en zijn dame moeten het zaakje bij elkaar houden, maar zijn zelf ook kwetsbaar. Schaakleermeester John Nunn heeft er een waarschuwende formule voor bedacht: L.P.O.D ofwel loose pieces drop off. Maar misschien valt het hier nog mee. 20. Td4 Tab8 Volgens Anand was 20...Ld5 beter. 21. Pe5 Ld5 22. Le7 Tfe8. Hier had zwart de interessante zet 22...Le4. Na 23. Txe4 Pxe4 heeft wit veel mogelijkheden, maar de beste is waarschijnlijk 24. Pc6 Df5 25. Lf3 Pd2 26. Dxf5 exf5 27. Txb4. In dat eindspel staat wit beter, maar zwart hoeft misschien niet te verliezen. 23. Ld6 Tbd8. De laatste kans was 23...Tb7, al krijgt wit dan zowel met 24. Pxc4 als met 24. Lxc4 duidelijk voordeel.

24. Lh5. Na deze elegante zet, die Shirov niet had zien aankomen, heeft zwart geen verdediging meer. 24...Txd6 25. Lxf7+ Kf8 26. Lxe8. Zwart gaf op. Na 26...Kxe8 27. Dg6+ Kd8 30. Pxc4 (of 30. Txd5) verliest hij have en goed.