De bevolking laat zich niet meer verjagen

De Egyptische politie en het leger grepen keihard in, maar duizenden betogers lieten zich niet door traangas uit het centrum van Kairo verdrijven. „Dit is een keerpunt.”

De straten zijn van het volk. Beschietingen met traangas, een avondklok, zelfs de pantservoertuigen van het leger kunnen dat niet veranderen. Duizenden en nog eens duizenden demonstranten gaan vrijdagavond niet weg, zoals ze zich al de hele dag koppig verzet hebben tegen de politie.

President Hosni Mubarak heeft zelfs met het grootste machtsvertoon de protesten van de bevolking tegen zijn regering niet kunnen stoppen. Zijn ordetroepen schoten de hele dag op alles wat bewoog, in veldslagen rond de centrale pleinen en bruggen van Kairo en andere grote steden van Egypte. Maar meer kunnen ze niet. Mensen blijven komen uit de vele nauwe straten, hergroeperen zich en trekken weer samen op.

‘s Avonds laat lijkt Kairo eruit als een oorlogsgebied. Gebouwen staan in brand, waaronder het partijkantoor van Mubaraks Nationale Democratische Partij (NDP). De politie heeft de straat verlaten. Het leger heeft de controle overgenomen op de strategische plekken. Daartussenin lopen mensen in groepen rond. Ze roepen opgetogen naar elkaar, scanderen leuzen, of staan wat te kijken.

De demonstraties in Kairo beginnen deze vrijdag in een gespannen stilte. Rond het cruciale middaggebed stromen de moskeeën vol. De Al-Nour-moskee in het noorden van de stad heeft geen plaats voor zoveel aanwezigen. Binnen kijken mensen elkaar aan als de imam oproept tot kalmte. „De islam leert ons dat vrijheid van meningsuiting goed is, maar dat mag nooit tot sabotage van de overheid leiden.” Een man sist: „Precies wat ik dacht. Moskeeën zijn op de hand van de regering, zoals gebruikelijk.”

Het einde van het middaggebed is het startsein voor de demonstraties. Bij het uitgaan van de moskee scanderen de mensen: „Viva Egypte”. En: „Geen geweld!” Daarna zingen ze het Egyptische volkslied. Honderden gewapende agenten proberen hen tegen te houden maar de mensen lopen naar het centrum, naar het Ramses-plein. Onderweg sluiten duizenden mensen zich bij hen aan, tot de straten zwart zien. Ze hebben vlaggen bij zich en kijken vastberaden.

Vanaf de pleinen schiet de politie met traangas. Het helpt weinig. Mensen vluchten zijstraten in, spoelen de ogen uit met water en beginnen opnieuw. Ze roepen omstanders op zich bij hen aan te sluiten of althans water te geven. In de loop van de middag escaleren de rellen. De politie schiet met rubberen kogels. Er wordt branden gesticht in huizen en restaurants. Boven de stad hangt een dikke laag rook.

„We gaan niet meer naar huis. Mubarak moet gaan. Heeft hij de boodschap nog niet begrepen?”, zegt een man bij het Ramses-plein. Hij zet een leus in: „Nee Hosni, nee Mubarak”. „Dit is een keerpunt”, zegt een student. Ze doet een mondkapje voor tegen het traangas en legt een Egyptische vlag over haar hoofddoek. „Mubarak kan nog maar twee dingen doen: opstappen of zijn land met grof geweld leiden zoals vandaag. Nooit meer kan hij zeggen dat de bevolking achter hem staat.”

De komst van het leger en het vertrek van de politie heeft de situatie op straat in de avond wat gekalmeerd. Soms klinken knallen maar leger en demonstranten lijken de confrontatie te mijden.

Commentaar: TweeVS vrezen verlies van hun Arabische bondgenoten: Drie

Olie duurder door onrust Egypte: pagina 15