'We waarborgen basaal recht'

In Nederland is kritiek op het Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg. „Er is een nationalistischer wind gaan waaien”, zegt rechter Egbert Myjer.

Egbert Myjer, rechter aan het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg, is nog steeds verbijsterd over Nederlandse kritiek op het Hof. Uitgerekend vorig jaar, toen het Hof zijn 50-jarig bestaan vierde. Trots toont de 63-jarige rechter in zijn kantoor in Straatsburg het jubileumboek, The Conscience of Europe (Het geweten van Europa) dat vandaag verschijnt.

Nadat premier Balkenende in mei vorig jaar de Four Freedoms Award uitreikte, een internationale prijs van de Roosevelt Stichting in Middelburg, zwol in Nederland de kritiek op het Hof aan. In november beschreef rechtfilosoof en historicus Thierry Baudet in deze krant het Hof als een „allesverslindend monster dat zonder enige legitimiteit talloze nationale wetten en regelingen buiten werking stelt”. CDA-Kamerleden vroegen de regering in een motie een „signaal” te geven aan het Hof dat het de „nationale eigenheid” van landen moet respecteren. De Utrechtse jurist Tom Zwart pleitte in deze krant voor politiek „tegenspel” tegen het Hof.

„Toen premier Balkenende ons vol lof die prijs uitreikte, vertolkte hij tevens het CDA-standpunt”, zegt Myjer. „Toen Verhagen minister was, waren mensenrechten een speerpunt. Je mag in een nieuw kabinet andere speerpunten hebben. Maar het gaat er bij mij niet in dat wat heel kort geleden werd uitgedragen, nu opeens geen waarde meer heeft. Dat geldt ook voor de VVD. Tom Zwart is betrokken bij de Teldersstichting [het Wetenschappelijk Bureau van de VVD, red.]. Welnu, de mensenrechten waarmee ons Hof zich bezig houdt zijn liberale rechten.”

Critici van het Hof wijzen op uitspraken met grote gevolgen voor het immigratiebeleid. In 2007 verbood het Hof Nederland asielzoekers terug te sturen naar Zuid-Somalië. Minister Leers (Immigratie, CDA) moest afgelopen oktober het uitzetten van Irakezen staken na een e-mail van het Hof.

Raakt dat aan de nationale zeggenschap over het immigratiepolitiek?

„Nationale rechters vragen ons ook wel eens: als wij al bepaald hebben dat een land veilig is, waarom zien jullie dan wel gevaar? In het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens staat dat iedereen op het ‘grondgebied’ van een lidstaat – dus niet alleen staatsburgers – recht heeft op bescherming van zijn leven en zijn lichaam. In onze jurisprudentie betekent dat: als je iemand wilt uitzetten, mag er geen ‘reëel risico’ zijn op de dood of op marteling. In 2007 kwam het Hof na zeer uitgebreid onderzoek tot de conclusie dat het terugsturen van mensen naar Zuid-Somalië gewoon niet veilig was. Het Nederlandse standpunt was niet houdbaar.

Wat betreft Leers: toen we in oktober 2010 van een neutrale bron, de UNHCR, zeer verontrustende rapporten kregen over Irak, hebben we even een time-out gevraagd om ons te oriënteren op de vraag of er een algemeen risico bestond bij uitzettingen. Leers was toen toevallig net aangetreden.”

Heeft de kritiek te maken met de huidige kritische houding van Nederland met betrekking tot internationale samenwerking?

„Er is misschien een nationalistischer wind gaan waaien. Maar ik weiger te erkennen dat er nu een meerderheid tegen dit Hof is. Het Hof is er gekomen als reactie op de Tweede Wereldoorlog. Er bestond de sterke overtuiging dat er een waarborg nodig was voor basale rechten. Dat staten dit niet alleen moesten beloven, maar dat ze er ook aan moeten worden gehouden. We hebben wat dit betreft zo veel tot stand gebracht in Europa! Wie dat zou willen opgeven, die snapt er helemaal niets van. ”

Myjer pakt het jubileumboek er weer even bij. „kijk, hier beschrijf ik de Kostovski-zaak uit 1989. De man die de Nederlandse staat aanklaagde was veroordeeld voor bankroof, vooral op basis van anonieme getuigenissen. Die getuigenissen waren voor de verdediging oncontroleerbaar. Het recht op een eerlijk proces was geschonden. Toen was de reactie: nu moeten we opeens allemaal bankrovers gaan vrijlaten! Nu vindt iedereen het normaal dat een veroordeling niet alleen kan steunen op anonieme getuigenissen.”

Vorige week bepaalde het Hof dat EU-landen asielzoekers niet zomaar mogen terugsturen naar Griekenland, als zij via dit land de EU zijn binnengekomen. Het land schendt de mensenrechten in zijn asielprocedure.

Is dit het einde van het huidige Europese asielbeleid, waarbij het land van aankomst verantwoordelijk is voor de asielaanvraag?

„De situatie in Griekenland voor asielzoekers is slecht: zowel de asielprocedure zelf als de opvang. Iemand moest ingrijpen, en dat was het Hof. We werden werkelijk overspoeld met honderden klachten, dus we hebben deze zaak topprioriteit gegeven. Eén Europees asielbeleid is zeer belangrijk. Je kunt vluchtelingen niet van land naar land sturen. Dat beleid moet dus niet overboord. Maar de EU-landen zelf moeten wel aan de normen voor opvang en beroep voldoen. Dan hebben wij hier in Straatsburg ook minder te doen.”

Critici hekelen uitspraken van het Hof die raken aan nationale tradities, zoals over Ierland en abortus.

„Anders dan de EU-wetgeving is het Europeese Verdrag voor de Rechten van de Mens niet bedoeld om tot een juridische eenheidsworst te komen in Europa. Het gaat om minimumrechten. Drie vrouwen klaagden de Ierse staat aan omdat het abortusverbod een risico zou vormen voor hun gezondheid. Ierland zei: blijf hiervan af, ons volk is tegen abortus. Wij zeiden: ja, op zo’n gevoelig terrein voor de Ieren moet de beleidsmarge groot zijn. Maar: in één van de drie zaken was het leven van de vrouw echt in gevaar. Zij had kanker en wilde weten wat de gevolgen zouden zijn van haar zwangerschap voor haar behandeling. Geen Ierse dokter wilde haar daar iets over zeggen, laat staan over de mogelijkheid van abortus. Dit terwijl de Ierse wet zelf uitdrukkelijk de mogelijkheid biedt tot abortus in het geval van dreigend levensgevaar. Wij hebben tegen Ierland gezegd: hou je aan je éigen wet.”

Wat vindt u van de gerechtelijke uitspraak in het proces-Wilders?

„Op uitspraken van Nederlandse rechters geef ik geen commentaar. Wel interessant is: welke ideeën mensen ook hebben over dit Hof en de mensenrechten, ze willen altijd wél dat de eigen mensenrechten in acht worden genomen. De verdediging verwees in deze zaak steeds naar het mensenrechtenverdrag en naar de jurisprudentie.