Waarom er nóg een crisis komt

Eind 2008 werd de droom van schuld zonder boete ruw verstoord. Inmiddels zijn overheidsschulden met vele miljarden toegenomen en handelen bankiers nog steeds roekeloos. Hoe nu verder?

Egbert Kalse en Daan van Lent: Het rampscenario. Waarom een nieuwe crash onvermijdelijk is. Prometheus, 240 blz. € 18,95

In hun nieuwe boek Het rampscenario. Waarom een nieuwe crash onvermijdelijk is citeren de de economieredacteuren Egbert Kalse en Daan van Lent de Amerikaanse investeerder Jeremy Grantham: ‘De Amerikaanse overheid heeft een tekort alsof ze net de Derde Wereldoorlog achter de rug heeft’. Tot overmaat van ramp laten ze in het door hen beschreven scenario die Derde Wereldoorlog nog uitbreken ook. In juli 2013 is een gewapend treffen tussen de VS en China onafwendbaar als de valutaoorlog escaleert en president Obama een handelsoorlog begint.

Het rampscenario is bedoeld als waarschuwing. De schrijvers willen het publieke debat op gang brengen. In 2009 legden zij in Bankroet. Hoe bankiers ons in de crisis stortten het ontstaan van de crisis uit. Nu schetsen ze hoe er sindsdien bitter weinig is veranderd.

Volgens de auteurs is de wereld na de schok van 2001 nog steeds op zoek naar een nieuw evenwicht. Daarbij doelen ze niet op de aanval op het WTC in dat jaar, maar op de toetreding van China tot de wereldhandelsorganisatie (WTO). Sindsdien explodeerde de Chinese export. Was het handelsoverschot van China in 2001 nog 84 miljard dollar, in 2008 was dit opgelopen tot 270 miljard. De zo verdiende dollars zochten een bestemming en vonden die in een spilzuchtig Westen, in westerse bedrijven en in consumenten die zich te buiten gingen aan overnames en nieuwe keukens. Daartoe aangemoedigd door historisch lage rentes. Ook Nederland bleef niet afzijdig. Door onze royale hypotheekrenteaftrek behoren we met een totale schuld van 350 procent van ons nationaal inkomen tot de mondiale top-3, vóór het op de pof levende VS en vóór erkende schuldencrisislanden als Spanje, Griekenland en Ierland.

Roekeloos

De droom van schuld zonder boete werd eind 2008 ruw verstoord. Kalse en Van Lent constateren echter dat sindsdien de overheidsschulden door stimuleringsprogramma’s en bankreddingsacties met duizenden miljarden dollars zijn toegenomen. Bankiers blijken nog even roekeloos. In de weken voorafgaand aan de eurogarantie voor Griekenland in mei 2010 kochten de Europese banken snel nog wat van het wankele Grieks staatsschuldpapier op. De hoge rente daarop vertaalde zich in mooie bonussen.

De les van de financiële crisis lijkt vooral te zijn dat de overheid toch wel bijspringt. Ook aan de fundamentele oorzaak van de crisis, de mondiale economische onevenwichtigheden, is niets gedaan. De VS blijven schulden maken, China blijft exporteren. De VS beleven nu, na 1991 en 2001, hun derde jobless recovery. De werkloosheid blijft boven de 10 procent. De kritiek op China dat zijn munt, de yuan, kunstmatig laag houdt, neemt toe. Daarmee zijn alle voor het rampscenario benodigde elementen aanwezig. Kalse en Van Lent trekken een parallel met de jaren dertig, toen de wereldhandel stil kwam te liggen. Maar het hoeft niet zo somber te eindigen. De auteurs trekken tien ‘lessen voor leiders’ en schetsen in het laatste hoofdstuk een gouden toekomst die ook mogelijk is.

Toekomst

Het schetsen van een doem- en droomscenario maakt duidelijk dat het de komende tijd ergens over gaat. Maar maakt dit boek, zoals de auteurs beogen, de kans op een stralende toekomst groter? Stelt het politici in staat de pijnlijke maar noodzakelijke maatregelen te treffen?

Ik vrees dat de tien lessen die worden getrokken politici veeleer tot wanhoop zullen drijven: de schulden moeten afgebouwd (‘snoeien om te groeien’), maar de prille groei mag niet gesmoord (‘snoeien voorkomt groeien’). De geldpersen moeten stoppen, maar er dient gewaakt te worden voor sociale onrust. Hier wreekt zich de journalistieke aanpak van de schrijvers. Die garandeert een goed geschreven en compleet overzicht. Maar het journalistieke principe van hoor en wederhoor kent een keerzijde. Het objectieve verslag ontneemt het zicht op een heldere lijn. Waar iedereen schuldig is, is niemand schuldig. Waar iedereen elkaar tegenspreekt, heeft niemand gelijk, waar niemand weet wat te doen verzandt de discussie vaak in technische details. De lezer blijft verward achter tussen een veelheid aan gezaghebbende meningen.

Het rampscenario vestigt de aandacht op de precaire relatie tussen de VS en China. Tot dusver heeft de wereld een herhaling van de jaren dertig weten te voorkomen. Maar zoals de auteurs betogen, ook al hebben we de macro-economische lessen geleerd, het zijn vaak de microbelangen die de politieke koers bepalen. Het populisme en protectionisme winnen overal in het Westen terrein. Dat is uitermate zorgelijk. Wellicht reden voor zelfs journalisten om in de nabije toekomst resoluter stelling te nemen.