Veilig in onze onveiligheid

Voel ik me onveilig op straat? Zelden of nooit. Ook bij andere mensen die ik spreek, krijg ik niet de indruk dat zij zich elke dag bevend van angst over straat bewegen. Toch heerst er in de politiek en de media een zekere consensus dat Nederland een onveilig land is geworden.

‘Onze straten worden geteisterd door tuig’, schreef de PVV in haar partijprogramma. ‘Nederland is op veel plekken zeer onveilig.’ En de VVD: ‘Mensen voelen zich niet meer veilig op straat (…) Nederland moet veiliger, want zonder veiligheid is er geen vrijheid.’

Hebben ze gelijk?

Deze week verscheen over veiligheid in Nederland een rapport waaraan vrijwel geen aandacht is besteed. Ik vermoed omdat de onderzoekers concluderen: ‘Nederland is een veilig land.’

Dat is geen conclusie waarmee je als onderzoeker tegenwoordig de voorpagina’s haalt. ‘Nederland is een onveilig land’, dát willen we lezen voor we ons fluitend op straat begeven om vermoedelijk onbedreigd een ommetje te maken.

Het rapport is samengesteld door de Raad voor het openbaar bestuur, een adviesraad van regering en parlement. Minister Opstelten nam het glimlachend in ontvangst, hoewel de rapporteurs op een nette manier de kachel aanmaken met zijn beleidsvoornemens. Opstelten zal ongetwijfeld op een even nette manier wraak nemen: naar de onderste la met dat rapport.

Ik ben geen gretig lezer van saaie rapporten, maar dit rapport las voor mij als één grote aha-erlebnis. Alles wat je niet meer over veiligheid mocht zeggen, staat erin. Ik doe een greepje.

‘Cijfers laten zien dat de criminaliteit daalt en ook de beleving van onveiligheid daalt. Andere cijfers laten daarentegen zien dat criminaliteit door burgers als een van de belangrijkste maatschappelijke problemen wordt beschouwd. Met mijn veiligheid gaat het goed, met de veiligheid in de samenleving gaat het slecht.’

‘Mensen zijn dus van mening dat Nederland steeds onveiliger wordt, maar zelf voelen ze zich juist minder onveilig.’

‘Het gevoel van onveiligheid wordt mede bepaald door incidenten die breed worden uitgemeten in de media.’

‘Simpelweg harde maatregelen verkondigen en het blijven tamboereren op onveiligheid, daar wordt het gevoel van veiligheid niet groter van.’

Over meer toezicht, nieuwe procedures, organisatieveranderingen, zoals de nationale politie: ‘Het zijn oplossingen die voor gevoelens van onveiligheid geen soelaas bieden.’

‘Burgers hebben heel hoge verwachtingen van politie en justitie en dat leidt onherroepelijk tot teleurstellingen.’

‘Maar gelet op de enorme hoeveelheid vraagstukken in de veiligheidszorg is het ondenkbaar dat de overheid in staat zou zijn om veiligheid te garanderen.’

Die onderzoekers wilden de minister en zijn vreesachtige collega’s niet te veel voor het hoofd stoten, maar als ik hun gedachten goed heb geraden zouden ze het liefst tegen Opstelten zeggen: „Schei nou toch eens uit met het overdrijven van het veiligheidsprobleem, je maakt de mensen alleen maar onnodig bang en al die stoere mannenpraat over zero tolerance en law and order helpen ook niets – het is dure symboolpolitiek, gebaseerd op verkeerde veronderstellingen, waar niemand wijzer van wordt. We gunnen u verder best een cavia, maar om er nou meteen een politie-eenheid van te maken…”