Nederland als bakermat van manipulatie en speculatie

Nederland heeft een rijke traditie aan financiële schurken, oplichters en speculanten. Zij deden in hun tijd niet onder voor de schandalen van tegenwoordig.

Willem Broekhuijs was de uitvinder van de sneeuwballoterij. Het was een piramidespel, waarbij steeds nieuwe deelnemers nodig waren om de beloofde prijzen te betalen. Na de Eerste Wereldoorlog maakte Broekhuijs, een advocaat uit Rotterdam, furore met zijn loterijen.

Bij de sneeuwballoterij moest de koper van een lot van vier gulden zelf vier loten uitzetten. Als er voldoende loten waren verkocht zou de oorspronkelijke koper 2.000 gulden uitgekeerd krijgen of kans maken op prijzen zoals een motorfiets met zijspan.

Het liep storm, maar het succes was van korte duur. In 1925 werd Broekhuijs gearresteerd, een jaar later overleed hij op 42-jarige leeftijd aan een hartstilstand. Broekhuijs is in de vergetelheid geraakt, het spel ging door.

Tachtig jaar later beloofde René van den Berg, de ‘tennismecenas van het Gooi’, onwaarschijnlijke beleggingswinsten. Ruim 1.400 deelnemers die wonderman Van den Berg geld toevertrouwenden, verloren samen 127 miljoen euro.

Nederland heeft een rijke traditie aan financiële schurken, oplichters en speculanten. Dat gaat terug naar de 16de en 17de eeuw, toen eerst Vlaanderen en vervolgens Holland de bakermat van het financiële kapitalisme in de wereld waren. In de 16de eeuw beheersten de bankiers van Antwerpen de Europese geldmarkt. Ze waren pioniers op het gebied van leningen aan soevereine vorsten.

Met de oprichting van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) in 1602 ontstond de eerste onderneming ter wereld met aandeelhouders als kapitaalverstrekkers. Er bestond in die tijd in Amsterdam al een termijnmarkt in haringen en graan, waar prijzen werden afgesproken voor leveringen in de toekomst.

De VOC gaf de aanzet tot het ontstaan van de eerste aandelenmarkt. Er kwam een gebouw voor de geld- en goederenhandel, de Beurs. In 1609 werd de Wisselbank opgericht met het doel om verrekeningen tussen kooplieden te vergemakkelijken.

De VOC, de Wisselbank en de Beurs: in de woorden van de Schotse economisch historicus Niall Ferguson „de drie hoekstenen van een nieuw soort economie” in de wereld, het handelskapitalisme. Deze drie-eenheid maakte het mogelijk dat Amsterdam uitgroeide tot het belangrijkste financiële centrum en dat de Republiek gedurende twee eeuwen het rijkste land was.

Er was een andere kant. Nederland pionierde met speculatie, boekhoudfraude en marktmanipulatie. In de financiële geschiedenis gaan glorie en zwendel, boom en bust, altijd samen.

In 1609 deed zich de eerste poging tot speculatie op een koersdaling voor. Isaac Lemaire, medeoprichter van de VOC, speculeerde à la baisse door VOC-aandelen op termijn te verkopen. Hij verloor anderhalf miljoen gulden. Tegenwoordig staat dergelijke speculatie bekend als naked short gaan.

Enkele decennia later brak in de Hollandse steden een speculatieve verdwazing uit die wereldberoemd is geworden. De tulpenbollenmanie van 1636-1637 staat bekend als de eerste financiële ‘bubbel’, een periode waarin prijzen tot absurde hoogtes stijgen en vervolgens in elkaar klappen.

De eerste beurscrash in de financiële geschiedenis vond plaats in Amsterdam: in het ‘rampjaar’ 1672 kelderden de koersen op de beurs met 53 procent.

Op een zomerse zaterdag in 1763 sloot een handelsbank in Amsterdam zijn deuren. De verwevenheid van de financiële markten was inmiddels zo groot, dat het bankroet van Gebroeders de Neufville leidde tot een keten van bankfaillissementen in Noordwest-Europa. Aldus veroorzaakte een Amsterdamse bank de eerste Europese bankencrisis.

Ook al waren de bedragen die ermee gemoeid waren kleiner en de negatieve economische effecten beperkter, de Hollandse schandalen, crashes en speculatieve verdwazing deden in hun tijd niet onder voor de financiële schandalen van tegenwoordig.

Geld speelde de hoofdrol. „Holland”, schreef de Engelse ambassadeur Sir William Temple midden zeventiende eeuw, „is een land waar de grond beter is dan de lucht en winst meer telt dan eer.”

Dit artikel is gebaseerd op het vaboek Grof Geld, financiële schandalen en speculatie in Nederland van de auteur dat vandaag is verschenen.