Directie media-opleiding Inholland weggestuurd

Inholland vervangt het management van de opleiding media & entertainment management (MEM). De hogeschool heeft hiertoe besloten naar aanleiding van een kritisch rapport van de onderwijsinspectie, dat vandaag openbaar is gemaakt.

De opleiding MEM kwam afgelopen zomer in opspraak omdat studenten die erg lang deden over hun studie, via een alternatieve route aan een diploma werden geholpen. In de nasleep van deze onthullingen zijn inmiddels het college van bestuur en de raad van toezicht van de hogeschool opgestapt.

Een aantal conclusies uit het rapport:

  • Een speciaal afstudeertraject voor trage studenten bij de opleiding MEM  was onreglementair.
  • Omdat op diverse niveaus binnen Inholland de kwaliteitszorg niet functioneerde, is er te laat ingegrepen.
  • De docenten die de speciale afstudeerroute hebben opgezet, handelden te goeder trouw, maar „hadden niet op deze manier te werk mogen gaan”
  • Leidinggevenden van MEM en van de school waartoe de opleiding behoorde, waren op de hoogte van het bijzondere traject en hadden moeten optreden.

De inspectie heeft geen bewijzen aangetroffen waaruit blijkt dat docenten door leidinggevenden structureel onder druk zijn gezet om studenten voldoendes te geven. De inspectie heeft ook geen aanwijzingen gevonden dat het college van bestuur van Inholland langere tijd op de hoogte was van de bijzondere afstudeerroute bij MEM en dit heeft stilgehouden. Wel had het college zich „kritischer moeten opstellen” toen er aanwijzingen waren over „kwaliteitsrisico’s en conflicten”.

Onderwijsredacteur Bart Funnekotter, die voor NRC Handelsblad over Inholland bericht, noemt de conclusies “nauwelijks opmerkelijk”.

“Het rapport bevestigt min of meer de conclusies uit een eerder door Inholland ingesteld eigen onderzoek onder voorzitterschap van Gerd Leers, die toen nog geen minister was.”

Over het conflict binnen het toenmalig college van bestuur, waarin voorzitter Geert Dales tegenover de twee andere bestuursleden stond, zegt de inspectie dat de raad van toezicht eerder had moeten ingrijpen. Zeker nadat Dales daarom gevraagd had. “Ik kan me voorstellen dat Dales dit als erkenning ziet van de positie die hij destijds innam”, aldus Funnekotter.

Doekle Terpstra, die in november aantrad als nieuwe voorzitter van het college van bestuur van de hogeschool, is blij met de grondige analyse van de inspectie, zegt hij. „De kwaliteit van Inholland moet boven elke twijfel verheven zijn. Dat was bij MEM niet het geval en dat mag niet meer gebeuren.”

Inholland is na  dit rapport nog niet klaar is met de onderwijsinspectie, zegt Funnekotter. Volgens hem verschijnen er de komende maanden nog twee andere rapporten van de onderwijsinspectie en is dit eerste rapport “in potentie het minst spectaculair”.

“In april verschijnt het rapport waarin de opleiding inhoudelijk onderzocht wordt: hebben mensen terecht of onterecht een papiertje gekregen? In juni verschijnt het meest brisante rapport, namelijk over geld. Dit rapport gaat onder meer over het declaratiegedrag van de leden van het college van bestuur van de hogeschool. Zijn er terecht of onterecht declaraties gedaan? Wellicht moeten mensen geld terug gaan betalen.”