Cacao moet de macht van Gbagbo breken

Een exportverbod van cacao moet in Ivoorkust de president tot opstappen dwingen.

Nederlandse handelaren blijven rustig: „Er zijn nog genoeg bonen in aantocht.”

Cacaobonen zijn het nieuwe wapen in de strijd tussen de twee mannen die aanspraak maken op het presidentschap van Ivoorkust: Alassane Ouattara, de oppositieleider die eind november de verkiezingen heeft gewonnen. En Laurent Gbagbo, de zittende president die ondanks internationale druk weigert op te stappen.

Ouattara vaardigde zondag een exportverbod van een maand uit op de cacaovoorraden die in de opslagloodsen van de grote exporteurs liggen. Zo probeert hij tientallen miljoenen dollars aan exportbelastingen uit handen van Gbagbo te houden. Als Gbagbo straks geen geld meer heeft voor salarissen, dan zal het leger hem vroeg of laat de rug toekeren is de gedachte. Met het ontslag van de gouverneur van de centrale bank van West-Afrikaanse landen raakte Gbagbo ook al de toegang tot de staatsrekening van Ivoorkust kwijt. De gouverneur, vriend en stamgenoot van Gbagbo, moest vertrekken omdat hij tegen een besluit van de centrale bank in de regering van Gbagbo van geld was blijven voorzien.

Macht is in veel Afrikaanse landen nauw verknoopt met controle over grondstoffen. Ook in Ivoorkust, dat jaarlijks ruim eenderde van de wereldoogst produceert en rijk werd dankzij cacao. Het exportverbod afdwingen kan Ouattara niet: hij zit opgesloten in een hotel in de havenstad Abidjan. Een van zijn woordvoerders, Patrick Achi, noemt het een gewetenskwestie. „De consumenten in Europa zullen het misschien niet zo leuk vinden te horen dat buitenlandse bedrijven de illegale regering van Gbagbo geld betalen waarmee hij wapens kan aankopen.” Een ander argument is dat het hoofd van het nationale koffie- en cacaocomité van Ivoorkust die het cacaogeld int, eerder deze maand een reisverbod kreeg van de EU omdat hij het regime Gbagbo steunt. Zakendoen met het comité kan resulteren in sancties, zegt de regering van Ouattara, die dreigt exportvergunningen in te trekken van bedrijven die zich niet aan het verbod houden. Bonen kopen van boeren in het binnenland is nog wel mogelijk.

De Amerikaanse regering, die Ouattara erkent als president, steunt de boycot. Maar het exportverbod heeft wereldwijd verwarring veroorzaakt op de cacaomarkt. Na een dag van koortsachtig overleg lieten vijf grote exporteurs in Ivoorkust weten dat ze geen cacao verschepen tot het moederbedrijf uitsluitsel heeft gegeven. Cargill, de grootste cacaohandelaar ter wereld, meldde dat het voorlopig geen nieuwe bonen koopt. Wat meetelt is dat de opslagplaatsen in Abidjan vol liggen. Het oogsten begint in oktober en bereikt eind december een hoogtepunt. Door de politieke onrust konden de meeste exporteurs minder snel cacao verschepen dan vorig jaar. Tot nu toe hebben de boeren naar schatting 850.000 ton geoogst. Tussen de 100.000 en 300.000 ton cacao zou nog opgeslagen liggen.

Het exportverbod lijkt vooralsnog geen grotere gevolgen te hebben voor handelaren in het buitenland. Veel cacao komt na een omweg via verwerkingsfabrieken in Azië in Noord-Holland terecht. „Ik denk dat een maand geen grote problemen zal opleveren voor de Europese cacao-industrie”, zegt een Nederlandse handelaar die niet met zijn naam in de krant wil. „Er zijn nog genoeg bonen in aantocht.” De meeste fabrieken in Europa hebben voorraden aangelegd. Maar als Ouattara de boycot verlengt, en de exporteurs zich aan het verbod blijven houden, dan kan het lastig worden, zegt de handelaar. „Als wij bonen kopen die we niet kunnen exporteren, worden de voorwaarden voor leningen minder goed.”

De economie, een van de sterkste van West-Afrika, heeft zwaar te lijden onder de machtsstrijd. Het is de eerste keer dat cacao een cruciale rol speelt in de nu tien jaar durende politieke crisis. De naar schatting half miljoen cacaoboeren in Ivoorkust zijn politiek net zo verdeeld als de rest van de bevolking. Velen denken dat de smokkel naar buurland Ghana zal toenemen als de exporteurs in het binnenland geen bonen meer opkopen. De exporteurs buigen zich intussen over een ander probleem: een verbod van de EU op handel tussen Europa en de twee havens van Ivoorkust. Dat heeft het moeilijker en duurder gemaakt om schepen te charteren. „We verwachtten een paar schepen aan het einde van de maand”, zegt een Franse exporteur. „Maar we moeten nu eerst uitzoeken wat die sancties precies betekenen.”