350 keer misbruik in de jeugdzorg gemeld

De helft van het aantal zaken is nog niet verjaard, maar veel slachtoffers willen hun zaak niet oprakelen.

Het afgelopen half jaar zijn 350 meldingen van seksueel misbruik binnengekomen van kinderen die door de overheid in een jeugdinrichting of een pleeggezin waren geplaatst. Het zijn kinderen die na 1945 door de rechter uit huis waren geplaatst. In de jeugdzorg zijn ze vaak ernstig en langdurig seksueel misbruikt.

Dat meldde een commissie onder leiding van oud-procureur-generaal Rieke Samson-Geerlings gisteren bij de presentatie van een tussentijdse rapportage. De commissie is op 19 juli 2010 ingesteld door het vorige kabinet. Dat besloot tot het onderzoek omdat de rol van de Kinderbescherming niet wordt belicht in het onderzoek van de commissie-Deetman naar misbruik binnen de Rooms-Katholieke Kerk.

Samson zei dat zij 36 niet-verjaarde zaken (van na 1984) heeft overgedragen aan justitie, waarvan acht zonder nadrukkelijke toestemming van het slachtoffer. Bij deze acht zaken bestaat het risico dat de misstanden voortduren. „Die zaken zijn dermate ernstig dat die aangemeld móéten worden”, aldus Samson. „Dat heeft met burgerschap te maken. Als mens kun je het niet opbrengen daar niets mee te doen.”

Het Openbaar Ministerie (OM) kijkt of er genoeg aanknopingspunten zijn voor het slachtoffer om aangifte te doen. De helft van de gemelde zaken is nog niet verjaard. Maar veel slachtoffers willen hun zaak niet oprakelen en wijzen het doorgeven daarvan aan het OM daarom zelf af.

De commissie doet niet aan waarheidsvinding, maar wil laten zien hoe misbruik kon plaatsvinden, waarom het nooit eerder naar buiten is gekomen en welke lessen eruit te trekken zijn. (NRC)