De grote stoelendans is begonnen bij de publieke omroep

Het is de omroepen nog steeds niet gelukt tot één hervormingsplan te komen.

NTR-directeur Daalmeijer: „Een te grote bundeling is een gevaar voor de pluriformiteit.”

De slag om Hilversum is begonnen. De van oorsprong liberale AVRO onderzoekt of ze samen wil met de intellectualistische VPRO of met de populaire TROS. Seniorenomroep Max opteert voor samenwerking met de evangelische EO. De eerste gefuseerde omroep NTR (NPS, Teleac en RVU) denkt aan nauwer samenwerken met verwante organisaties NOS, VPRO en AVRO.

Het is de omroepen nog niet gelukt om tot één hervormingsplan te komen. Daarvoor liggen de belangen te ver uiteen bleek de afgelopen twee weken tijdens lange en soms emotionele vergaderingen. Toch legt het College van Omroepdirecteuren minister Marja van Bijsterveldt (Media, CDA) morgen drie modellen voor samengaan voor. Die lopen uiteen. Een scenario gaat uit van fusie tussen omroepen waarbij merknamen en verenigingen gehandhaafd blijven, maar met één directeur en één raad van toezicht. BNN en VARA praten al langere tijd over zo’n fusievorm.

In het tweede model komen er stichtingen boven omroepbedrijven die kiezen voor samenwerking, elke omroep houdt een eigen directeur.

In weer een ander model gaat de samenwerking beduidend minder ver, maar worden omroepen wel gebundeld in vier blokken: een levensbeschouwelijk (NCRV, KRO en EO), een progressief (VARA, BNN, VPRO en PowNed), een populair (TROS, AVRO en Max) en een taakomroep (fusie tussen NOS en NTR).

Omroepbestuurders Jan de Jong (NOS) en Koen Becking (KRO) pleiten „voor een herkenbaar en bestuurbaar Hilversum waarin de omroepen moeten doorpakken en dwarsliggers moeten worden aangepakt. Het meest verregaande model levert het meeste op. We moeten minder regels hebben en minder bureaucratie.”

Joop Daalmeijer, directeur van de NTR, ziet juist het grootste risico in een te grote bundeling van omroepen. „Dan loopt de pluriformiteit gevaar.” AVRO-directeur Willemijn Maas wil tijd hebben om haar omroep, die 88 jaar bestaat, naar een nieuwe toekomst te leiden en vindt dat zo’n proces ook tijd moet krijgen.

De publieke omroep staat voor grote veranderingen. Er wordt de komende jaren stapsgewijs 200 miljoen per jaar bezuinigd, bijna een kwart van het budget. De omroepen hebben zelf afgesproken om te streven terug te gaan van 21 naar 8, om een deel van de bezuinigingen op te vangen. Van Bijsterveldt laat dit voorjaar een onderzoek doen naar de kostenbesparing die samenwerkingsvormen bij de publieke omroep opleveren. Voor de zomer komt zij met een brief over de toekomst van het bestel en wetwijzigingen die voor eventuele stelselveranderingen nodig zijn. Om druk op de ketel te zetten, zou zij er bijvoorbeeld voor kunnen kiezen om in de nieuwe concessieperiode 2015-2020 maar acht uitzendvergunningen af te geven.

Bestuursvoorzitter Henk Hagoort is voorstander van fusies die moeten leiden tot tenminste acht omroepen. „We zien weinig in samenwerkingsvormen die leiden tot een extra leemlaag in Hilversum”, zegt een woordvoerder van koepelorganisatie Nederlandse Publieke Omroep (NPO).

De TROS wil graag samen met Max en WNL, maar de toenaderingspogingen liepen stuk. Omroepbaas Jan Slagter (MAX) wil ondanks grote druk niets weten van deze ‘flirt’, hoewel hij in het verleden aangaf best samen te willen werken met de grootste familie van Nederland. „Ik durf te zeggen dat wij de goedkoopst werkende omroep van Hilversum zijn. Ik heb geen zin om mee te betalen aan topsalarissen bij andere omroepen”, zegt hij. „We hechten aan onze eigen identiteit.”

De seniorenomroep praat wel met de EO over een minder vergaande vorm van samenwerking: het delen van kantoortaken en het gezamenlijk maken van niet-identiteitsgebonden programma’s, zoals Blauw Bloed, dat gaat over koningshuizen in Europa. „In dit model zou zich ook een andere omroep kunnen aansluiten, zolang je maar de kosten deelt.”