Amerikaanse druk

Een hete confrontatie in de Koude Oorlog: dat was de inval van het communistische Noord- op het kapitalistische Zuid-Korea in juni 1950. Omdat de agressor werd gesteund door Moskou, waren de Verenigde Staten doodsbenauwd dat dit het begin was van een mondiale Sovjetoverheersing. Een grote VN-vredesoperatie moest de Noord-Koreanen terugdringen. Natuurlijk leverden de VS het grootste deel van de troepen – in totaal zouden ze niet minder dan 5,7 miljoen soldaten naar het oorlogsgebied sturen – maar steun van de bondgenoten was wel gewenst. Kon Nederland niet ook zijn steentje bijdragen?

Dat lag een beetje ingewikkeld. De Nederlandse regering keurde de inval van de Noord-Koreanen weliswaar af, maar gaf liever haar geld uit aan de wederopbouw. Om toch goede wil te tonen opperde minister Stikker van Buitenlandse Zaken om een ambulance te sturen. Jammer genoeg vonden de Amerikanen deze gift een beetje zuinigjes. Het commentaar van televisiezender CBS sprak boekdelen: „One nation is letting us down: Holland.”

In het Tweede Kamerdebat over de kwestie gingen alle argumenten over tafel. Het communistische Kamerlid Paul de Groot vond de eventuele inmenging in de Koreaanse kwestie een ‘aanranding van de vrede’. Maar zowel zijn meeste collega-parlementariërs als de regering zelf waren bang in een slecht blaadje bij de Amerikanen te komen. De Marshallhulp zou op het spel staan als Nederland niet hielp met de bestrijding van het Rode Gevaar.

De Amerikaanse pressie wierp haar vruchten af: Nederland stuurde uiteindelijk 3.418 militairen naar Korea, van wie er 120 zouden sneuvelen. Maar ondanks alle geallieerde inspanningen kon Zuid-Korea de oorlog niet winnen. In 1953 kwam het slechts tot een wapenstilstand, die tot op de dag van vandaag voortduurt.

Deze week staat Nederland weer onder grote druk van de Amerikanen om Nederlanders naar een oorlog in Azië te sturen. Zoals 61 jaar geleden de Marshallhulp in gevaar kwam, staat dit keer deelname aan de G20 op de tocht. En ook dit verhaal kent een Paul de Groot. Zijn naam is Geert Wilders. Die noemde de voorgenomen politiemissie naar Afghanistan al een ‘grote blunder’. Maar anders dan zijn communistische voorganger heeft hij als gedoogpartner van een minderheidskabinet wél wezenlijke politieke invloed.

Jaap Cohen