Geheime 'tafel van zes' strijdt voor de toekomst

Om het kabinet voor te zijn zijn zes vertegenwoordigers uit de kunsten achter gesloten deuren op zoek naar een nieuw bestel. Misschien zelfs wel zonder Raad voor Cultuur.

Van vele pijlen één knots maken. Zo omschreef één van de deelnemers het doel van het overleg van een groot aantal partijen binnen de cultuursector, dat gisteren werd gehouden aan de Amsterdamse Herengracht. In een uniek vertoon van saamhorigheid bespraken vertegenwoordigers van de schouwburgen, de vakbonden en de cultuurfondsen, plannen voor een nieuw bestel voor de kunsten.

De cultuursector ligt onder vuur, nu het kabinet fors wil bezuinigen. Hoe die bezuinigingen worden ingevuld is nog niet duidelijk. Minder orkesten? Minder subsidie voor beginnende kunstenaars? Minder theatergezelschappen? Een heel nieuw bestel, zonder Raad voor Cultuur?

De bijeenkomst gisteren maakt duidelijk dat het afgelopen half jaar een soort SER voor de cultuur is ontstaan, waarin werkgevers en werknemers zijn vertegenwoordigd. Als er een gezamenlijk standpunt komt, zal het kabinet daar moeilijk omheen kunnen.

De vertegenwoordigers uit de sector gaan niet een lijstje bezuinigingen presenteren, maar kijken of ze kunnen komen tot een brede visie met nieuwe rollen van overheid, andere financiers, fondsen, et cetera.

Op de bijeenkomst gisteren in cultuurcentrum Castrum Peregrini, met een vergadering van ’s ochtends tien tot ’s middags vijf en een borrel na, zijn ze ver gekomen. Maar niet zo ver dat ze er formeel mee naar buiten willen komen. Het is een delicaat proces, geven verschillende deelnemers aan, waarbij veel belangen bijeengebracht moeten worden. De deelnemers aan het overleg willen niet on the record praten. Het is ook nog de vraag of ze eruit komen. In de komende weken vindt verder overleg plaats, worden notities geschreven en de verschillende achterbannen geraadpleegd. Ze hopen er uit te zijn voordat de Raad voor Cultuur, de officiële gesprekspartner van de regering, met zijn gevraagde advies komt. Dat is in april.

De Raad voor Cultuur noemt het bij monde van algemeen secretaris Kees Weeda „prima” dat er ook vanuit de sector zelf een advies komt. Hij wijst er wel op dat de raad de formele adviseur is van de regering en dat de sector, in tegenstelling tot de raad, belangen behartigt. Ook de Raad voor Cultuur kijkt of een heel nieuw bestel nodig is, of dat het voldoende is om het huidige bestel „heet te wassen”. Een nieuw bestel waarin de Raad voor Cultuur niet meer bestaat, is een mogelijkheid waar naar gekeken wordt. Weeda: „Wij houden ons niet vast aan onze stoelen.”

Een woordvoerder van staatssecretaris Zijlstra (VVD, Cultuur) laat weten: „We zijn op dit moment in overleg met de cultuursector over de invoering van het nieuwe cultuurstelsel. Het is logisch en een goede zaak dat de sector ook bezig is met de manier waarop dat het beste kan gebeuren: we wachten af wat er uit het sectorbrede overleg komt.”

Het overleg gisteren was de zesde bijeenkomst in een reeks sinds de zomer van 2010. Er deden telkens zes vertegenwoordigers van de cultuursector aan mee (zie kader). Daarom wordt het overleg de Tafel van Zes genoemd. Voor de bijeenkomst gisteren was de tafel uitgebreid tot twaalf: elk lid mocht een gast meenemen.

Alle vergaderingen vinden achter gesloten deuren plaats, in informele setting. Er wordt gegeten en gepraat. Wat wordt afgesproken, is nog niet op papier te vinden. Toch was bij de aftrap al duidelijk dat er op den duur een toekomstvisie voor de sector op papier moet komen.

Tot de oprichting van de Tafel van Zes werd afgelopen juni overgegaan na een bijeenkomst in Schoorl, georganiseerd door de Cultuurformatie. Daar praatten veertig prominenten uit de cultuursector over de bezuinigingen. De aanwezigen bleken ervan doordrongen dat alleen verzet tegen de bezuinigingen geen nut heeft. VVD-politicus Frank de Grave, die was uitgenodigd als gastspreker, raadde de aanwezigen aan mee te denken met de politiek.

In Schoorl, tijdens de bijeenkomst die de naam Zonnewende kreeg, was de conclusie: we moeten zelf de criteria voor bezuinigingen vaststellen. Bezuinigen met de kaasschaaf werd afgewezen. Topkwaliteit, innovatie en internationalisering zouden prioriteit moeten krijgen. De amateurkunst moest worden ontzien om het draagvlak voor kunst te behouden en te verbreden. De ondersteuningsstructuur – sectorinstituten en cultuurfondsen – zou wel soberder kunnen; fusies werden niet uitgesloten. Naar het kunstvakonderwijs moet kritisch gekeken worden. Volgens vertegenwoordigers van ‘de Zes’ zou de aansluiting op de beroepspraktijk beter moeten.

Het kunstvakonderwijs valt onder Onderwijs en dus buiten de cultuursector. Of het ‘de Zes’ lukt binnen de eigen geledingen een haalbaar hervormingsplan te formuleren, moet de komende weken blijken.