Terug in de winkel -de winstversneller

og even en de knotsgekke jaren negentig van de vorige eeuw zijn weer terug. Bedrijven konden toen hun pensioenfonds als een winstversneller gebruiken. Ondernemingen als Philips en Unilever telden de uitzinnige rendementen van hun pensioenfonds deels op bij hun eigen winst. Al waren zij formeel geen eigenaar van dat geld. Philips kreeg zelfs geld overgemaakt van zijn pensioenfonds.

Dat mocht toen.

Inmiddels is dat laatste wat moeilijker, maar winst maken op je pensioen kan nog steeds. Zelfs als je pensioenfonds, zoals dat van Philips in Nederland, een gedupeerde is in de vastgoedfraude bij onder meer een kantoorpand aan de Amsterdamse Zuid-As?

Pensioencrisis? Niet bij Philips. Het concern heeft vorig jaar 103 miljoen euro verdiend op de collectieve pensioenregelingen voor zijn werknemers en gepensioneerden. De individuele pensioenregelingen kostten echter 118 miljoen euro, zodat pensioenen per saldo nog 15 miljoen euro vergden. In 2009 waren de totale pensioenkosten 110 miljoen euro. Als de kosten in dit tempo verder dalen zijn de pensioenen voor de ruim 119.000 werknemers in dit kwartaal een heuse winstbron voor Philips.

Hoe gaat Philips winst maken op zijn pensioenen?

De verklaring zit ’m in de vergrijzing van de samenleving en in het boekhouden VAN? over pensioenen. Maar wel boekhouden met gevolgen voor de werkelijkheid.

Eerst het boekhouden. De manier waarop Nederlandse pensioenfondsen, zoals dat van Philips, de waarde van hun bezittingen en resultaten becijferen verschilt in talloze opzichten van de boekhoudregels voor ondernemingen zoals Philips.

Het pensioenfonds zet de actuele waarde van zijn beleggingen en zijn verplichtingen op een rij. Kijkt of er genoeg vermogen is voor de verhoging van de pensioenen. Stelt de pensioenpremie vast voor de werkgever en het personeel.

En nu komt het vervreemdende element van pensioenboekhouden: de premies die Philips betaalt zijn niet de pensioenkosten die het concern in zijn eigen resultaten verwerkt. Philips mag ook de verwachte rendementen op de beleggingen van zijn pensioenfonds meetellen. Dat is fictie en boekhoudkundig feit in een. In 2009 was het verwachte rendement bijvoorbeeld 5,9 procent op de Nederlandse pensioenbeleggingen. Het cijfer in 2010 moet Philips nog melden.

Het Philips pensioenfonds in Nederland verkeert in adequate gezondheid en heeft een aanzienlijk vermogen – ruim 14 miljard euro. Met dank aan decennia premies betalen en de daarop behaalde rendementen. Dat laatste is de tweede verklaring voor de pensioenwinst van Philips: in de aanloop naar de vergrijzing zorgt rente op rente voor recordvermogens in de pensioenwereld.

Duizelt het? Kijk dan naar de consequenties. Oud en jong worden geconfronteerd met de hoge prijs van de vergrijzing. Maar de boekhoudfictie van pensioenwinst is genieten voor Philips (extra winst), voor beleggers (meer dividend) en voor de bonussen. Ook hoger.

MENNO TAMMINGA