Strijd tussen politieke clans laait op

Na de rellen met drie doden van vrijdag blijft de sfeer gespannen in Tirana. Er staat veel op het spel. Wie de macht heeft in dit postcommunistische land, verdeelt geld en banen.

Belgrado, 24 jan. - Inwoners van Tirana komen al maanden slechts met grote moeite het centrum van de stad door. Het centrale Skenderbeg-plein in de hoofdstad van Albanië kreeg een opknapbeurt in opdracht van burgemeester Edi Rama, tevens leider van de grootste oppositiepartij, de Socialistische Partij (PS). De wegwerkzaamheden zijn echter halverwege stilgelegd door premier Sali Berisha, leider van de Democratische Partij (PD). Burgers slalommen door de bouwput.

Ze zijn er inmiddels enigszins aan gewend dat Berisha en Rama alles doen om elkaar dwars te zitten, maar lastig is de animositeit tussen de twee belangrijkste politici van het land wel.

En soms best genant. Afgelopen maandag liet de premier zich in het parlement gaan en schold Edi Rama uit. Volgens Berisha heeft Rama’s vader het met zijn vrouw gedaan en is uit die daad zijn zoon voortgekomen. Rama zelf heeft het volgens Berisha vooral druk met homoseksuele contacten. Toen PS-parlementariërs de premier tot zwijgen wilden dwingen, kwamen diens bodyguards tussenbeide. De anekdote is illustratief voor de sfeer in het parlement sinds de laatste verkiezingen, in juni 2009.

Hoewel internationale waarnemers sterk de indruk hadden dat daarbij minder werd gefraudeerd dan bij vorige verkiezingen, weigert Edi Rama – en met hem de PS – al anderhalf jaar zich neer te leggen bij de nipte verkiezingsoverwinning van Berisha. Het is alsof de keiharde verkiezingsstrijd gewoon is doorgegaan. Er staat dan ook veel op het spel. Wie in Albanië de macht heeft verdeelt het geld en de banen. Ambtenaren van de tegenpartij krijgen ontslag.

In november wees de Europese Commissie de Albanese aanvraag voor kandidaat-lidmaatschap van de Europese Unie af. Het landsbestuur is te corrupt, de rechtspraak niet onafhankelijk, het parlement functioneert niet. Het kritische rapport was bedoeld als een wake up call, zei de eucommissaris voor Uitbreiding, Stefan Fuele, destijds. De boodschap van de EU leek niet aan te komen. De twee worstelende politieke clans gaven in de reacties elkaar de schuld.

In mei 2010 organiseerden PS’ers een hongerstaking om af te dwingen dat een deel van de stembussen zou worden geopend. Ruim twee weken lang kampeerden de hongerstakers op veldbedden voor het kantoor van premier Berisha. Veel effect had die staking niet, ondanks gelijktijdige grote betogingen.

Afgelopen vrijdag was er weer een protestactie. Aanleiding was een corruptieschandaal met een hoofdrol voor vicepremier Ilir Meta, van de kleinere partij LSI die door een coalitie met Berisha diens regering mogelijk maakte. TV-kanaal Top Channel had eerder deze maand de hand weten te leggen op een video waarin te zien en te horen was hoe Meta probeerde de aanbestedingsprocedure voor een elektriciteitscentrale te beïnvloeden. Meta zag zich tien dagen geleden gedwongen af te treden.

Tienduizenden PS-aanhangers hadden zich vrijdag met gratis busvervoer uit de provincies naar de hoofdstad laten brengen om ook het aftreden van de premier te eisen. Nadat de Nationale Garde op demonstranten schoot die probeerden door het hek voor het regeringsgebouw te dringen en er drie doden en tientallen gewonden vielen, veranderde de betoging in een nationaal drama.

De reacties waren echter als vanouds. Premier Berisha wachtte het onderzoek niet af, maar beschuldigde Rama en de PS er van op hun eigen demonstranten te hebben geschoten, om hem er de schuld van te kunnen geven. Hij noemde de demonstratie een poging tot staatsgreep. Rama en de PS wezen naar de premier („een gek”) als het brein achter „de slachting”. Uit videobeelden blijkt dat zeker een van de doden een stilstaande betoger was, die na een schot in zijn borst vanachter het hek voor het kantoor van de premier dood neervalt.

Na de onlusten van vrijdag is het rustig gebleven in de hoofdstad, maar sfeer blijft gespannen. Berisha heeft opgeroepen tot een betoging „voor de vrede” die waarschijnlijk zaterdag wordt gehouden. Vrijdag demonstreert de oppositie opnieuw.

Vertegenwoordigers van de EU en de VS hebben samen met de Albanese president Bamir Topi, die voornamelijk ceremoniële functies heeft, opgeroepen tot kalmte, terugkeer van dialoog en respect voor de instituties. Wat Albanië broodnodig heeft is „politiek leiderschap” en „compromissen”, zei de Amerikaanse ambassadeur, niet voor het eerst. „Volwassenheid en evenwichtigheid zijn van vitaal belang.”

Vanuit Brussel klinkt dezelfde boodschap. Maar deze oproepen zijn tot nu toe aan dovemans oren gericht. Het Europees Parlement is afgelopen jaar ver gegaan in pogingen te bemiddelen in de binnenlands-politieke geschillen tussen Rama en Berisha. In een poging beiden letterlijk aan dezelfde tafel te krijgen, werd na de hongerstaking in mei een diner in Straatsburg georganiseerd waarbij de twee kemphanen de oren werd gewassen. Ze beloofden een paar weken bezinning. En gingen daarna door als vanouds.