Retour Den Haag-Brussel

Tweede Kamer als eeuwig strijdtoneel

Toen Bas van der Vlies, nestor van de Tweede Kamer, afgelopen juni afscheid nam, maande hij zijn collega’s tot minder lomp taalgebruik. Wie de afscheidsspeech van de SGP-fractievoorzitter hoorde, zou bijna denken dat het in de Tweede Kamer met de jaren inderdaad grover is toegegaan.

Uit het vorige week verschenen proefschrift Goede politiek. De parlementaire cultuur van de Tweede Kamer, 1860-1940 blijkt dat een hersenspinsel. De taal in het parlement is altijd verfijnder geweest dan in de gemiddelde buurtkroeg, maar echt zachtzinnig ging het er nooit toe. Ook honderd jaar geleden was het parlementaire gevecht geen rustiek tijdverdrijf voor bedaagde adellijke juristen.

Opvallend genoeg was zelfs één van de meest opruiende fanatiekelingen nota bene een partijgenoot van Van der Vlies, Gerrit Hendrik Kersten. Zoals de parlementariër Geert Wilders vandaag de dag tekeergaat tegen moslims, zo moest dominee Kersten de katholieken hebben, altijd weer. Erie Tanja beschrijft in haar proefschrift die ene keer in 1926 dat een communistisch Kamerlid de Kamer aan het lachen bracht door Kersten net op tijd te onderbreken. Die had weer eens uitgeroepen, met grote armgebaren: „Wie is de schuld van alles?” En nog voor Kersten „Rome!” kon roepen, zei Visser, luid verstaanbaar: „Kersten!” Gelach alom. Tenminste, volgens de op dit terrein bevooroordeelde katholieke krant De Tijd. (PvO)

VVD’er Ton Elias leert een lesje

Ooit had VVD-prominent Theo Joekes (1923-1999) hem het advies gegeven het hele Reglement van Orde te lezen, alle 144 artikelen. Ofwel, de spelregels van de Tweede Kamer. Dat deed Ton Elias. En onlangs kwam die kennis van pas, toen Ton Elias in een felle strijd belandde met D66-Kamerlid Boris van der Ham.

Wat was het geval? Na 17 jaar leek het voorstel dat het samengaan van openbare en bijzondere scholen regelt, eindelijk de eindstreep te halen. De D66’er stelde daarop een wetswijziging voor die bepaalt dat zulke fusies ook mogen als geen van de scholen met opheffing wordt bedreigd. Die wijziging is tegengesteld aan de geest van de wet, zo meende Elias. Bovendien is de wet dan in strijd met artikel 23 van de Grondwet.

In grote verontwaardiging besloot Elias een bijna vergeten parlementair wapen uit de kast te halen, geregeld in artikel 97 van het Reglement van Orde. Hij vroeg de Kamer de door Van der Ham voorgestelde wetswijziging „destructief” te verklaren, waardoor dat amendement zou worden uitgesloten van stemming. De laatste keer dat de Kamer daartoe overging, was 28 jaar geleden. Het lukte niet, Elias verloor.

„Maar ik ging strijdend ten onder voor een goede zaak: het zorgvuldig omspringen met het wetgevingsproces.” Joekes zou trots op hem zijn geweest, meende Elias. „Want politiek is meer dan koppen tellen.” (PvO)

Fleur Agema is ‘Engel van het jaar’

Geert Wilders en de zijnen zijn getransformeerd in modelgedogers. Zo ook PVV-vicefractievoorzitter Fleur Agema. Voor de vorming van het kabinet-Rutte stond ze bekend om haar fanatisme en hoge, scherpe toon. Sinds afgelopen vrijdag is dat imago naar de maan. De jongeren van de ChristenUnie hebben haar tot ‘Engel van het jaar’ gekroond, wegens haar strijd voor de bescherming van het ongeboren leven.

De ‘Engel van het jaar-award’ is „voor de politicus die zich het afgelopen jaar heeft ingezet voor christelijke idealen maar zelf geen vertegenwoordiger is van een christelijke partij”. Volgens het juryrapport is het bemoedigend dat mevrouw Agema „vanuit haar eigen ideologie” opkomt voor foetussen van minder dan 24 weken.

Sympathiek van de ChristenUnie-jongeren? Of ook een beetje vals? Dat hangt er maar vanaf hoe ze er mee omgaat. Zie Femke Halsema. Die had er als GroenLinks-leider een zware dobber aan de eigen achterban uit te leggen waarom de liberale jongeren van de JOVD haar hadden uitgeroepen tot ‘liberaal van het jaar’. Redenen: Halsema’s pleidooi voor WW-duurverkorting en ontslagrechtversoepeling. Het lukte haar wel.

Naderend schouwspel: wat doet een PVV’er die van een tegenstander het predicaat engel krijgt? (BR)

Met bijdragen van Pieter van Os en Barbara Rijlaarsdam.