Letsel door zwaar vuurwerk ernstiger, OM wil Europees verbod

Met drie doden en het hoogste percentage ziekenhuisopnamen in tien jaar was de ernst van het vuurwerkletsel de afgelopen jaarwisseling hoog. Dat maakte de Stichting Consument en Veiligheid vandaag bekend. Honderdtwintig slachtoffers werden na een bezoek aan de Eerste Hulp opgenomen in het ziekenhuis.

Het gebruik van zwaar knalvuurwerk voor de vervaardiging van zelfgemaakte vuurwerkbommen komt de laatste jaarwisselingen steeds vaker voor, schrijft de stichting. De afgelopen jaarwisseling was 4 procent van de 710 vuurwerkslachtoffers het gevolg van zelfgemaakte vuurwerkbommen. Het jaar daarvoor was dat percentage nog verwaarloosbaar.

Europees verbod op zwaar vuurwerk
In Nederland is zwaar vuurwerk al verboden, maar in de buurlanden is het nog wel te krijgen. Het Openbaar Ministerie vindt daarom dat er een Europees verbod moet komen, schrijft de Volkskrant.

Volgens de stichting Consument en Veiligheid zijn rond de jaarwisseling, in de periode 24 december tot en met 3 januari, 710 vuurwerkslachtoffers behandeld op een Spoedeisende Hulpafdeling van een ziekenhuis. Dat is 9 procent minder dan bij de vorige jaarwisseling. De opvallendste daling is te zien geweest in de leeftijdsgroep 15 tot en met 19 jaar, aldus de stichting.

Deze jaarwisseling vielen drie doden door vuurwerk, terwijl dat er de vorige keer nog nul waren. Het dodelijk slachtoffer dat viel bij het op het platteland populaire carbidschieten is hierbij meegerekend, hoewel carbid strikt genomen volgens de stichting geen vuurwerk is.

Een 13-jarige jongen overleed in Harderwijk toen een mortierbom in zijn nabijheid verkeerd werd afgeschoten door een volwassene. Een 17-jarige jongen uit het Groningse Tolbert kwam om door een zelfgemaakte vuurwerkbom.