Een menselijke lont

Op 17 december 2010 werd de Tunesische straatventer Mohammed Bouazizi (26) in zijn dorp Sidi Bouzid gesard en diep beledigd door een vrouwelijke gemeenteambtenaar. Zij sloeg hem in het gezicht, bespuugde hem, nam zijn elektronische weegschaal in beslag en liet zijn groentekar omgooien door agenten, die hem vervolgens aftuigden. Mohammed had namelijk niet genoeg geld om de politie steekpenningen te betalen. Diezelfde dag stak hij zichzelf in brand voor het gemeentehuis.

Om zijn eer te redden had Mohammed zijn kwelgeest kunnen ombrengen. Dan was hij doodgeschoten of in de gevangenis beland en had niemand meer iets van hem vernomen. In plaats daarvan maakte hij demonstratief een einde aan zijn leven. Zijn brandende lichaam was de lont in het Tunesische kruitvat en ontketende een volksopstand.

In de jaren zestig staken in toenmalig Zuid-Vietnam enkele boeddhistische monniken zichzelf in brand, uit protest tegen onderdrukking van de boeddhistische meerderheid door de katholieke dictator Diem. Zij verbrandden zittend in de lotushouding. Het Mahayana-boeddhisme kent teksten die zo’n daad rechtvaardigen als een toonbeeld van minachting voor het lichaam en exclusieve achting voor de geest. De islam kent zo’n rechtvaardiging niet.

De laatste weken staken elf mensen zichzelf in brand: in Algerije, Egypte, Mauretanië en Saoedi-Arabië. Dat was aanleiding voor Sjeikh Salah Nassar – de imam van de Al-Azhar-universiteit in Kaïro, het hoogste religieuze gezag van de sunnitische islam – om te verklaren dat zelfdoding, om welke reden dan ook, verboden is bij de islamitische wet. Dat had hij al eens eerder gezegd, in reactie op zelfmoordaanslagen.

Zelfverbranding en zelfmoordaanslagen trekken veel aandacht. Maar Mohammed Bouazizi en zijn navolgers handelden niet uit religieuze motieven. Hun woede en wanhoop waren groter dan hun vroomheid. Wie zichzelf op straat in brand steekt doet een vonk overslaan, zeker als die daad is ingegeven door de rechteloosheid van velen. Het is het tegendeel van een zelfmoordaanslag: het verdeelt niet, maar verenigt.

Dirk Vlasblom