Een meerderheid in de Eerste Kamer is cruciaal Stabiel

Na ruim honderd dagen zijn Rutte en zijn ministers nauwelijks in de problemen geweest. De studentendemonstratie, afgelopen vrijdag, kon niet verhullen dat het ingecalculeerde maatschappelijke verzet reuze meevalt. Het kabinet toonde daadkracht met een reeks snelle maatregelen. En de altijd opgewekte premier Mark Rutte lachte de meningsverschillen met Geert Wilders weg. „Wen er maar aan.”

Goed, er zijn gevaren. Strubbelingen binnen de partijen bijvoorbeeld. Die waren er even bij de PVV. In november volgden de onthullingen elkaar snel op. PVV-leider Wilders was zichtbaar aangeslagen door het vele nieuws over de brievenbuspissende, ontuchtplegende en kopstootgevende seksbaronnen in zijn fractie. Eén Kamerlid ging weg, een ander bracht een bloemetje naar een ex-buurvrouw. Zo waaiden de affaires betrekkelijk snel over, geholpen door Wilders’ vaste tactiek om naar „de hyperige media” te wijzen. De samenwerkingspartners VVD en CDA wensten van de PVV-onthullingen geen politiek te maken, en dus is alles voorlopig vergeten.

De schade voor de PVV lijkt inmiddels mee te vallen, in de opiniepeilingen is de groei alweer ingezet. De fractie ontpopte zich als model-gedoger. Dat het kabinet helemaal geen drieduizend extra agenten aanstelt? Hero Brinkman: „Als dit kabinet er niet was geweest en er waarschijnlijk een PvdA-minister had gezeten, waren drieduizend man de laan uitgestuurd.” Klaar.

Dan het CDA, de andere risicofactor. De heftige machtsstrijd in de zomer mondde uit in hét congres van 2 oktober. Interim-partijleider Maxime Verhagen kreeg een meerderheid achter zich, waarmee, in de woorden van Piet Hein Donner, een grondwet gewijzigd kan worden: 68 procent. Sinds de bordesscène is de kritiek verstomd. Ad Koppejan en Kathleen Ferrier doen gewoon mee in de fractie. Meest gevoelig voor hen was het strengere asiel- en immigratiebeleid, maar de kans dat zij de marges moeten aangeven is niet zo groot. Dat doen de internationale verdragen en Europa wel.

Ook buiten de fractie bleef het bij het CDA stil. Het besef is groot dat op korte termijn breken geen optie is. Beter is om de natuurlijke bondgenoot VVD vast te houden en de PVV te gedogen. Ook als de Statenverkiezingen op 2 maart slecht aflopen is dat de meest waarschijnlijke lijn. Oppositievoeren vanuit het midden is geen aantrekkelijk alternatief.

Van cruciaal belang is natuurlijk dat de coalitie na 2 maart in de Eerste Kamer een meerderheid haalt. Peilingen zijn gunstig. De oppositie maakt een weinig stralende indruk. Ook zal deze week blijken of het kabinet een belangrijk besluit zonder PVV-steun door het parlement krijgt. Als dat met de missie naar Afghanistan niet lukt, is dat een domper voor Rutte, maar ook voor anderen die hun nek uitstaken (GroenLinks en D66).

Na 2 maart begint het echte regeren. Dan moeten de miljardenbezuinigingen vorm krijgen. De economische groei helpt al mee, en ook de standvastigheid om links buiten de deur houden.

Instabiel

Door Pieter van Os

Den Haag.

Nu heeft het kabinet de publieke opinie misschien nog mee. Wellicht halen ze bij de komende verkiezingen ook een meerderheid in de Eerste Kamer. Maar dan. Begint dan het regeren pas echt?

Nee, dan zal blijken dat de groots aangekondigde sanering van de Nederlandse overheidsfinanciën uitblijft. Het Centraal Planbureau vindt de miljardenbezuinigingen op het openbaar bestuur volstrekt irreëel. Datzelfde bureau wijst erop dat het kabinetsbeleid voor lastenverzwaringen van enkele miljarden euro’s zorgt. Niks lastenverlichting, waar de grootste regeringspartij voor zegt te strijden.

En dat is slechts één van de dingen die de kiezer zijn beloofd, maar niet krijgt. Een halvering van de immigratiestroom? Volgens PVV-leider Geert Wilders zeiden kenners dat het kabinetsbeleid daartoe zal leiden. Zelfs de interne cijfers van het ministerie van Binnenlandse Zaken spreken dat tegen. Minister Gerd Leers (Immigratie) laat dagelijks zien waarom. En minister Ivo Opstelten (Veiligheid en Justitie) sputterde bijna kolderiek tegen, maar nee: de beloofde extra agenten komen er niet.

En dan de gedoogconstructie. Is die wel zo mooi voor PVV-leider Wilders zoals vaak is gezegd?

Op een dag kan hij zich niet meer profileren met het regeringsbeleid. Want hoe lang blijven dierenpolitie, roken in kleine cafés en het tegenhouden van arbeidsmarktflexibilisering overtuigende argumenten voor zijn stemmers? De trambestuurders hebben het al door. De aanbesteding van het openbaar vervoer in de grote steden gaat gewoon door, ondanks het gehuil van Wilders’ partij. Ook overbodige postbodes ontdekten alleen verbale steun van de PVV te krijgen.

Die gedoogconstructie werkt ook interne spanning in de hand. Nu lacht de schijnbaar altijd goedgeluimde Rutte nog om het sms’je („slecht plan”) dat Wilders verstuurde tijdens de persconferentie waarop de premier de missie naar Kunduz aankondigde. In het AD noemde Wilders die missie zelfs „de grootste blunder van dit kabinet tot nu toe”. Dat soort vrienden gaat op de zenuwen werken.

En vergeet het CDA niet. Tegenstanders als Herman Wijffels, Ruud Lubbers en Ernst Hirsch Ballin staan voorlopig langs de kant, maar zwijgen niet voor eeuwig.

De redenaarskunsten en het enthousiasme van de premier zijn te mager als basis voor de populariteit van een kabinet. Het draagt ook niet ver, zo bleek kort voor Kerst al in de Eerste Kamer. Alle senatoren prezen het optreden van Rutte uitvoerig, maar toen het op stemmen aankwam, namen diezelfde senatoren een hele reeks regeringsonwelgevallige moties aan. Komende week zal de Tweede Kamer hetzelfde laten zien. Het moet raar lopen wil Rutte daarin een meerderheid krijgen voor de missie naar Kunduz.

Dat is nog allemaal niet dodelijk voor een kabinet met de tijdgeest aan zijn kant, ook al verkeert het in de luxe positie dat de oppositie geen aansprekend alternatief biedt. Ook dat is niet voor eeuwig.