‘Ik zag ook dat het zo niet verder kon’

Demotie Een stap terug doen op de carrièreladder is best lastig. Hoe kan een bedrijf daarbij helpen? „Kondig ook demoties aan in het personeelsblad.”

Illustratie Pepijn Barnard

Of hij niet terug wilde naar z’n oude baan als onderhoudsmonteur, had de personeelsafdeling van installatiebedrijf Feenstra uiteindelijk aan Dennis Schreefel (48) gevraagd. Want hoewel hij veel plezier had in zijn werk als servicemonteur, was hij tegen het middaguur zó moe dat hij vaak even moest gaan liggen. Volgens Schreefel waren het vooral de onregelmatige diensten in zijn nieuwe, hogere functie die hem parten speelden. „’s Avonds reed ik met de ramen open terug naar huis, om maar niet achter het stuur in slaap te vallen.”

En dus ging Schreefel met pijn in zijn hart terug naar de functie waarmee hij in 1995 bij het bedrijf in dienst getreden was, met bijbehorend (lager) salaris. „Mijn eerste reactie was dat ik dat niet wilde, want je wil toch vooral stappen vóóruit maken in je carrière. Maar ik zag ook wel dat het zo niet verder kon.”

Hoeveel mensen net als Schreefel demotie maken, zoals een stap terug op de carrièreladder officieel heet, is lastig te zeggen. Wel berekende het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) in 2016 dat een op de 25 medewerkers, die langer dan twee jaar voor dezelfde baas werkten, er in dat jaar op achteruit was gegaan in functie. Uit het rapport HR Trends 2017-2018 van adviesbureau Berenschot, salarisdienstverlener ADP en Performa Uitgeverij, blijkt dat bijna 40 procent van de meer dan duizend onderzochte organisaties demotie gebruikt om werknemers langer binnen boord te houden. Vooral bij de overheid en binnen kennisinstellingen is het middel populair, bijvoorbeeld wanneer iemand gezondheidsklachten heeft of de pensioenleeftijd nadert.

Gedwongen stap terug

Volgens René Schalk, bijzonder hoogleraar sociaal werk aan Tilburg University, zijn er voor werkgever en werknemer verschillende redenen om te kiezen voor demotie. Gezondheidsredenen bijvoorbeeld, of organisatorische veranderingen.

Schalk, die onderzoek doet naar het fenomeen, benadrukt dat er daarbij onderscheid gemaakt moet worden tussen vrijwillige demotie en gedwongen demotie, wanneer iemand bij een reorganisatie bijvoorbeeld voor de keuze wordt gesteld: „of je gaat een lagere functie vervullen, of je vliegt eruit”.

En vooral op die laatste vorm van demotie heerst nog een taboe, zegt Richard Jongsma, die als HR-adviseur verschillende boeken over het onderwerp schreef. „In een wereld waarin gedacht wordt dat je alles kunt bereiken zolang je er maar hard genoeg voor werkt, en de enige weg op de carrièreladder de weg omhoog lijkt, voelt een gedwongen stap terug als gezichtsverlies.”

Zo had ook Astrid van de Nieuwenhof (34) aanvankelijk moeite te accepteren dat ze haar oude functie niet kon behouden. „Ik heb er zoveel tranen om gelaten. Al die tijd zag ik voor me dat ik over een paar jaar kon opklimmen naar een hogere positie, maar precies het tegenovergestelde gebeurde.”

Als consultant reed ze voor haar bedrijf, dat advies geeft in de voedselsector, jaarlijks zo’n 50.000 kilometer, altijd was ze onderweg naar klanten. Totdat ze door een ongeluk reumatische klachten ontwikkelde. „Ik kon ineens veel minder op pad. Dus toen er een functie op de afdeling planning vrijkwam en het management mij vroeg, stemde ik toe die functie tijdelijk te vervullen.”

Een lagere functie betekent vaak ook een stap terug in salaris, al hoeft dat volgens Schalk niet altijd het geval te zijn. „Vooral mensen die bijna met pensioen gaan, behouden vaak hetzelfde salaris.” Van de Nieuwenhof was zelf stellig: „Ik wilde best een stap terug doen, maar niet minder gaan verdienen. Omdat het management de stap terug voorstelde, kon ik daar gelukkig makkelijk over onderhandelen.”

Inmiddels werkt ze ruim anderhalf jaar op de afdeling planning en is het haar vaste baan geworden. Al bleef ze vooral aan het begin benadrukken dat de functie tijdelijk was. „Omdat ik het tegenover mezelf niet goed kon verantwoorden. Het voelde alsof ik mijn werk niet aankon, en dat rekende ik mezelf zwaar aan.”

Frustratie

Uit onderzoek van hoogleraar Schalk en organisatiepsycholoog Edith Josten blijkt dat medewerkers na een demotie vaak minder tevreden zijn over hun werkzaamheden, terwijl gevoelens van emotionele uitputting niet minder worden. Een onderzoeksresultaat dat Schalk verbaasde. „Demotie wordt meestal ingezet om een probleem op te lossen, maar blijkbaar weten bedrijven niet te voorkomen dat het in de praktijk meer problemen veroorzaakt.”

Volgens Schalk zitten die problemen ‘m vooral in het gebrek aan uitdaging in de nieuwe functie. „Er bestaat een vooroordeel dat iemand die terugkomt na een burn-out of tegen zijn pensioen aan zit, vooral licht werk kan doen. Bedrijven laten ze een stapje terug doen en geven ze ‘saaiere’ werkzaamheden, maar daar worden medewerkers niet gelukkiger van.”

Zonder duidelijke communicatie over een vervolgplan, kan een demotie bovendien veel frustratie opleveren, ziet Jongsma. Kan een medewerker op den duur bijvoorbeeld weer terugkeren naar de oude functie? En hoe houd je het werk uitdagend?

„Zonder die duidelijkheid kan een stap terug vervelend uitpakken, want anders dan bij ontslag blijf je collega’s bij de koffieautomaat tegenkomen. En dan is het niet alleen voor jezelf, maar ook in je communicatie met anderen fijn om een plan te hebben.” Ook de communicatie binnenshuis is heel belangrijk. Jongsma: „Kondig je promoties altijd aan in het personeelsblad, doe dat dan ook met demoties.”

Netflix heeft een onconventionele bedrijfscultuur: als je werk erop zit, dan vlieg je eruit. En die promotie komt er ook niet

Van de Nieuwenhof had het geluk dat veel van haar collega’s wisten van haar gezondheidsproblemen, en haar stap terug dus begrepen. Maar ze merkt wel dat klanten haar soms anders behandelen. „Mensen met wie ik nota bene heb samengewerkt als consultant, vragen nu of er een ‘echte consultant’ aan de telefoon kan komen om mijn antwoord te bevestigen.” Ze lacht erom, maar destijds was het minder leuk. „Alsof mijn kennis ineens minder waard was.”

Wat uiteindelijk hielp was de waardering die ze in haar nieuwe functie krijgt. „Ik krijg veel complimenten over mijn werkwijze, en merk dat ik ook nu goed ben in wat ik doe. Wat eerst als een stap terug voelde, voelt nu als een stap in de goede richting.”

    • Loeka Oostra