ABN Amro niet voor 2014 in de verkoop

ABN Amro zou in 2014 weer naar de beurs kunnen of op een andere manier verkocht kunnen worden. Dat schrijft minister van Financiën Jan Kees de Jager (CDA) vandaag in een brief aan de Tweede Kamer. De bewindsman streeft ernaar om de overheidsbelangen in de financiële sector binnen vijf jaar “zeer substantieel” terug te brengen.

Een beursgang heeft als voordeel dat de staat nog geruime tijd aandeelhouder blijft en zo invloed kan uitoefenen op het beleid. Privatiseringen van deze omvang worden doorgaans in verschillende fases uitgevoerd, schrijft de minister. Bij de eerste beursgang wordt een “bescheiden gedeelte” van de aandelen naar de markt gebracht.

Ook andere vorm van verkoop mogelijk
Voor ABN Amro geldt dat waarschijnlijk in 2013 kan worden begonnen met de voorbereiding voor de verkoop, die een jaar later kan worden bezegeld. De Jager denkt in eerste plaats aan een beursgang, hoewel andere vormen van verkoop “nadrukkelijk” niet worden uitgesloten.

‘Overheidsbelang terugbrengen’
Het overheidsbelang in de sector terugbrengen gebeurt alleen als aan een aantal voorwaarden is voldaan. Zo moet de financiële sector stabiel zijn en moeten er voldoende investeerders zijn. Verder moeten de ondernemingen goed zijn voorbereid op de beursgang en moet de staat de totale investering in deze instellingen kunnen terugverdienen.

De overheid nam ABN Amro eind 2008 over, om te voorkomen dat de bank ten onder zou gaan als gevolg van de economische crisis. Ook ASR - het voormalige Fortis - werd overgenomen. Een aantal andere financiële instellingen, zoals ING en Aegon, kregen voor miljarden aan kapitaalinjecties van de staat.