Wegmeppen

Soms bestudeer ik in stille bewondering de etalage van een winkel die zich specialiseert in de modernste elektronica. Al die hyperspulletjes zien er mooi uit. Dof of glanzend zwart, met venstertjes, toetsen, lensjes, lampjes, oordopjes aan draadjes. Het dient allemaal om met een paar duizend vrienden of desnoods de hele wereld te communiceren, een meesterwerk te schrijven, je voor een dodelijk gevaar te waarschuwen. Het moet mogelijk zijn, zo’n doosje te bouwen dat er nog interessanter uitziet, de indruk wekt dat het de eigenaar de absolute almacht verleent terwijl er niets inzit. Als een Hauptmann von Köpenick slaat de eigenaar zich ermee door het leven.

Tot de interessantste dingen in zo’n uitstalling behoort de apparatuur voor de beveiliging. Piepkleine lensjes waarschuwen je tegen de grootste gevaren, via een gevoelig membraantje kun je horen hoe op de stoep rovertjes een overval beramen. De etalages tonen je de ontwikkeling van de beschaving: aan de ene kant de meest verfijnde apparatuur om zoveel mogelijk te genieten, en aan de andere kant de bewapeningswedloop tegen de partij die als ‘het tuig’ bekendstaat.

Nieuw is het niet. Mijn opa en oma hadden een spionnetje, een kleine spiegel die aan de buitenkant van het raam was bevestigd en waarin je kon zien wie er voor de deur stond. In die deur zat bovendien een judasoog, een piepklein lensje dat door de geringe brandpuntsafstand een wijd beeld gaf. Zelf verborgen blijven en alles kunnen horen en zien, daar gaat het om. Dat is de goddelijke macht: alles weten terwijl je door niets wordt bedreigd. Dankzij de modernste elektronica en de digitale techniek zijn we al aardig op weg, en het verst gevorderd zijn degenen die het best op de hoogte zijn. Denk aan Julian Assange en Rop Gonggrijp. Dan blijkt ook weer dat je door te veel te weten, de wraak der ontmaskerden over je afroept. Ook een klassiek gegeven.

Ik dwaal af. Dit stukje gaat over de persoonlijke veiligheid. Al wat verder terug in de vorige eeuw dachten boosaardige jongeren dat ‘bejaarden’ – destijds nog mensen van boven de zeventig – een gemakkelijke prooi waren. En dit gebeurde toen in het café Hans en Grietje aan de Spiegelgracht in Amsterdam. Een 72-jarige stamgast werd daar benaderd door een paar jonge oplichtertjes. Al vlug begreep hij dat ze niets goeds van plan waren. Dat moeten jullie niet doen jongens, zei hij nog tamelijk vriendelijk. Ouwe lul! riepen ze. De bejaarde gaf eerst de aanvoerder een knal voor zijn kanus en sloeg daarna het hele gezelschap de deur uit. Met diepe instemming heb ik er toen een stukje over geschreven.

Jaren gingen voorbij. Steeds vaker las je dat bejaarden, hoogbejaarden van hun tasje, pinpas, chipknip waren beroofd, op gezag van een praatjesmaker een aardig bedrag hadden geïnvesteerd in een liefdadig doel dat niet bestond. De vindingrijkheid van de oplichters is onuitputtelijk. Maar soms gaat het mis, zoals op de avond van de zevende januari in Ouddorp. Daar zat de 81-jarige Corrie (haar achternaam wil ze geheimhouden) klaar om naar de eerste aflevering van Flikken Maastricht in het nieuwe seizoen te kijken, toen er gebeld werd. Ze deed voorzichtig open. Daar stonden twee jongens van wie ze even veronderstelde dat het haar kleinzoons waren. De grootste deed een stap naar binnen. Dit is een overval, schreeuwde hij. Je geld! En hij trok een pistool.

Corrie aarzelde geen ogenblik. Ze schreeuwde ‘Ben jij besodemieterd’, duwde met volle kracht tegen de deur, zette hem klem en mepte hem twee keer in zijn gezicht, zoals ze later vertelde. ‘Ik loop al zeventien jaar achter een rollator en dus heb ik veel kracht in mijn armen.’ De overvallers gingen er vandoor, Corrie belde de politie, werd even in de wacht gezet maar daarna waren de agenten snel ter plaatse. Toen kwamen de buren. Die zijn tot half twaalf gebleven. Ze vond het mooi geweest en ging naar bed, maar ze kon niet slapen. Om drie uur heeft ze de hond nog even uitgelaten. De volgende dag belde slachtofferhulp, maar die had ze niet nodig. ‘Ik heb de kinderen toch. En de buren.’

Tot zover dit verhaal van Corrie, uit Het Parool van 11 januari. Ik vind dat het nationaal nieuws is. Evenmin als bij de krachtmeting in Hans en Grietje heeft de moderne elektronica hier een rol gespeeld. Vastberadenheid en de kracht van de oude vuisten hebben de doorslag gegeven. Het had natuurlijk anders kunnen aflopen, maar deze twee mensen waren in hun eer aangetast. Van de ene op de andere seconde werden ze ongelofelijk kwaad. In lichaamskracht waren ze waarschijnlijk de minderen maar in hun moreel torenden ze hoog boven de aanvallers uit.

In deze tijd wordt de ‘bejaarden’ en de ‘hoogbejaarden’ nederigheid ingeprent. Laat het u, als u een ‘plusser’ mocht zijn – 50, 60, 70, 80 – niet gebeuren. Citeer Corrie. Ben jij besodemieterd!