Verzamelwoede

Thijs Wolzak kijkt wekelijks binnen op een bijzondere plek.

Wie Ramsey Nasr (1974). Acteur, regisseur en Dichter des Vaderlands. Wat hij van die drie het meest is, vindt hij een flauwe vraag. „Ik hou ervan niet te hoeven kiezen. Zolang ik dit allemaal kan doen, ben ik gelukkig.” Maar de meeste aandacht gaat nu uit naar zijn dichterschap: „Het is erg prettig dat je in zo’n functie kunt tonen dat poëzie niet niet is losgezongen van de maatschappelijke realiteit. Het zijn geen zweverige teksten voor een paar fijnproevers, maar ze worden gelezen als nieuws-items in een krant.”

Waarom Donderdag 27 januari is het weer Gedichtendag. Ramsey Nasr is met Remco Campert te zien en te horen in de Rotterdamse Paradijskerk: „Altijd een feest, een middagje samen met Remco in de auto naar Rotterdam en optreden.”

Waar Het appartement van Nasr in de binnenstad van Amsterdam. Hij woont er sinds februari vorig jaar, maar is nog niet alle verhuisdozen kwijt. Op de doos onder zijn extra grote laptop staat zijn laatste gedicht, grapt Nasr: ‘Kast Hank Lade Electro’. Het betekent: „Uit de kast van tante Hank, de inhoud van de lade, afdeling elektra. Hij zit vol met snoeren en stekkers.”

De tas op de grond komt uit Georgië, waar hij in oktober was, de pantoffels uit het West Inn Hotel in Rotterdam, waar hij na een optreden verbleef. „Ik vind het leuk dingen mee te nemen, geen badjas hoor. Maar ik verzamel graag herinneringen om me heen. Wat dat betreft, ben ik een vreselijk sentimenteel mens.”

Nasr zegt van zichzelf dat hij een slecht geheugen heeft, vandaar misschien die verzamelwoede. En de opschrijfboekjes op het bureau. „Van een reis naar Berlijn, vorig voorjaar. Op reis houd ik altijd een dagboek bij, dat is mijn herinnering.” Nu is hij ook net terug uit Berlijn, waar hij les gaf aan de Freie Universität. Zijn paspoort ligt nog op tafel.