‘E-revolutie’ een westers idee? Kijk naar Tunesië

Het verbaast mij dat in het artikel ‘Internetsurveillance’ van Evgeny Morozov (Opinie & Debat, 15 januari) niets staat over Tunesië, hoewel de recente gebeurtenissen in de Franse media zijn aangemerkt als de ‘Facebook-revolutie’ of ‘e-revolutie’.

Voor mijn proefschrift over Tunesische rechtspraak woonde ik anderhalf jaar in Tunis (2008-2009). Ik heb met eigen ogen kunnen zien wat Facebook, de meest bezochte website van Tunesië, in dit land betekent. Er wordt over allerhande kwesties gedebatteerd en daardoor is het een belangrijk middel tegen de psychische onderdrukking die het regime kenmerkte. Facebook heeft in Tunesië derhalve een volstrekt andere rol dan in Nederland.

Of ook de ‘revolutie’ aan internet te danken is, is natuurlijk moeilijk vast te stellen. Maar de stelling dat de benaming ‘e-revolutie’ een westers idee is, zoals Morozov schrijft, is ongegrond. Op Facebook (!) discussiëren ook Tunesiërs over deze vraag. Sommigen stellen dat de term ‘e-revolutie’ geen recht doet aan de doden die zijn gevallen, terwijl anderen benadrukken dat het één het ander niet uitsluit. De één schrijft dat dankzij artikelen, foto’s en filmpjes iedereen direct wist wat er gebeurde, hetgeen een einde betekende voor het ‘obscurantisme’ van het regime. De ander benadrukt dat internet de Tunesische bevolking heeft geholpen om zich te mobiliseren in haar strijd tegen ‘het systeem’, en weer een ander vult aan dat dankzij internet iedereen het idee heeft dat hij zijn steentje heeft bijgedragen aan deze revolutie.

De discussie toont dat de betiteling ‘e-revolution’ niet uitsluitend een ‘westerse’ benaming is, maar aansluit bij de ervaring van een aantal Tunesiërs.

Maaike Voorhoeve

Universiteit van Amsterdam