Cholesterol

Wetenschapsbijlage 15-01-11

Wim Köhler complimenteer ik met zijn uitstekende artikel over cholesterol (‘Goed cholesterol slecht cholesterol’). Toch wil ik een aanvulling maken. Hij schrijft: ‘Vaststaat dat cholesterol verlagende medicijnen (statinen, geslikt door bijna 1,5 miljoen Nederlanders) de kans op een hartziekte en de hartdood verlagen.’ In juni 2010 is echter anders gebleken. Bewezen is dat cholesterolverlagers de hartdood niet voorkomen bij gebruikers die nog geen hartaanval hebben doorgemaakt (Ray KK, e.a. Archives of Internal Medicine 2010). In 2005 is ook al aangetoond dat cholesterolverlagers onnodig zijn als we nog geen infarct gehad hebben, zelfs niet als we een hoog risico hebben (cholesterol > 5 mmol/l, roken, suikerziekte, hoge bloeddruk, overgewicht) (Getz L, e.a. British Medical Journal 2005). Deze twee studies bewijzen de overbodigheid van statinen als er in de voorgeschiedenis geen infarct is. Ik begin erover vanwege de bijwerkingen. Artsen zijn ervoor gewaarschuwd (Janssen SP, e.a. Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde). Om één naar neveneffect te noemen: myalgie, spierpijn. Tien procent van de 1,5 miljoen gebruikers lijdt eraan. Stel dat de helft van hen nog geen hartaanval gehad heeft, dan hoeven 750.000 mensen die medicijnen niet langer, krijgen 75.000 van ons geen spierpijn. En dan zwijg ik nog over de andere bijwerkingen. En over de kosten. Als er evidence based medicine, op wetenschappelijk bewijs gebaseerde geneeskunde, beoefend wordt, zal het aantal recepten voor cholesterolverlagers drastisch afnemen. Of hebben artsen andere redenen statinen voor te schrijven?

dr. Ger Ritsema

Noordgouwe.