'Bracha lag maanden met prins Bernhard in bed'

Acteur Daan Schuurmans begon als charmeur in Costa!, werd prins Bernhard en staat nu op toneel. „Wie van James Bond houdt, houdt van Bernhard.”

Herien wensink

Geen BN’er meer, geen meisjesidool; Daan Schuurmans (38) is nu acteur. Een echte. Toneelspeler ook: na Petites Crimes (2006), Closer (2007), en Ko! (2010) staat hij sinds donderdag weer op de planken met Expats.

Begon zijn carrière met commerciële publiekssuccessen als Costa! en Volle Maan, afgelopen jaar domineerde hij de publieke zenders met rollen in de kwaliteitsseries Annie M.G. (als Flip van Duijn, de zoon van Annie), Bernhard, Schavuit van Oranje, waarin hij de jonge Bernhard speelde, en Bellicher: de macht van meneer Miller, in de rol van Bellicher. Voor de eerste twee prestaties werd hij genomineerd voor een Beeld en Geluid Award; de uitreiking is op 24 januari – zijn verjaardag.

Voor hem voelen de ontwikkelingen logisch, zegt hij, maar het publiek ziet een opmerkelijke transformatie. Zijn ogenschijnlijke koerswending werd breed uitgemeten in de media, ook de kwaliteitskranten en -bladen. Vroeger in de Hitkrant, nu in NRC. „Ja, NRC”, knikt hij tevreden. „De krant van mijn vader.”

Zijn vader, journalist Ton Schuurmans, overleed in 1997, 56 jaar oud. Hij had een grote invloed op het leven van zijn zoon, en de start van diens carrière. Toen Schuurmans studeerde aan de Toneelschool in Maastricht, ontving hij 500 brieven van zijn vader. Schuurmans: „Mijn vader was erg gedreven en had een sterke winnaarsmentaliteit, dat heeft mij ook gevormd. Ik wilde winnen, zeker in het begin van mijn carrière.”

Bernhard is oplichter, charmeur, bon vivant. De geëngageerde, seksloze Mark uit ‘Expats’ is het tegenovergestelde.

„Ze zijn uitersten, ja. Bij Mark heb ik alle charme weggepoetst. Hij is een journalist op bezoek bij expats in China, omdat hij een stuk schrijft over bedrijven die China gebruiken als lagelonenland. Mark maakt zich zorgen over de wereld en zit gevangen in een seksloos huwelijk. Aanvankelijk ben je geneigd hem integer te vinden, maar hij corrumpeert al snel.”

De charme voorbij, dat moet raar zijn voor een acteur wiens bekendheid begon met de rol van vrouwenverleider in ‘Costa!’.

„Ik heb in mijn carrière wel vaker minder charmante types gespeeld. De drugsverslaafde vader van Polleke is allesbehalve charmant. Net als Flip, de onzichtbare zoon van Annie M.G. Schmidt.”

Maar het spelen van loserige types is relatief nieuw. Wat veroorzaakte de omslag?

„In Closer (2007) bij het Nationale Toneel moest ik op zeker moment een scène spelen waarin mijn personage verliest. Ik merkte dat ik mij in bochten wrong om daar tòch niet echt te verliezen. Dat was een blokkade. Ik moest ergens doorheen om mannen te kunnen spelen die mislukken – types met wie mijn vader weinig op zou hebben gehad. Uiteindelijk lukte dat, en kon ik inzien dat in dat verliezen ook schoonheid school.

„Het ergste dat je als acteur kunt doen is oordelen over je personage. Bij Bernhard zeiden mensen tegen me: je weet toch wel dat hij slechte dingen heeft gedaan hè? Maar dat is voor mij niet interessant. Als ik een oordeel had over hem, zou ik hem niet geloofwaardig kunnen spelen. Dan zit er een incongruentie in, die voor het publiek onbegrijpelijk is.”

‘Closer’ was uw tweede toneelstuk na tien jaar film en tv. Waarom koos u zo nadrukkelijk voor de camera?”

„Ik kwam eigenlijk gewoon van het ene in het andere filmproject terecht. Vers van school wist ik van toeten noch blazen; ik wist alleen dat ik een beetje kon spelen. En dat ik goed wilde leren filmacteren. Ervaring opdoen, draaiuren maken, alle finesses leren beheersen, dat was vaak een reden om ‘ja’ te zeggen tegen een rol. En waarom het zulke commerciële films waren, tja. Ik werd gevraagd door Johan Nijenhuis, niet door Alex van Warmerdam – en ik had destijds geen behoefte zelf achter begeerde rollen aan te gaan.

„Peter Gorissen waarschuwde mij ooit: ‘Pas op hè? Want ze zullen u komen halen, de producenten met hun harige handen.’ Iedereen weet wat de juiste weg is als je wilt toneelspelen en steeds beter worden. Ik heb een andere route genomen; de deur voor die producenten opengezet. Maar dat wilde ik ook, dat zit in mijn karakter. Ik heb nergens spijt van.”

Betreurt u het nu, dat u geen idool meer bent?

„Roem is niets, ik heb er nooit iets mee gehad. Mensen verwarren bekendheid met succes. Ik was bekender dan veel toneelacteurs, die in mijn ogen succesvoller waren. Die verwarring zat me dwars.”

Sinds vier jaar kiest u nadrukkelijk andere projecten. Wat is er veranderd?

„Mijn spelontwikkeling stond stil, en dat is natuurlijk het einde voor een acteur. Dus ik moest nieuwe uitdagingen aangaan. En ik had in toenemende mate de behoefte zelf de regie te nemen, zelf keuzes te maken, meer te kiezen voor rollen waar ik iets mee had. Er zijn mij het afgelopen jaar veel rollen aangeboden, ook toneel, maar ik ben vaker ‘nee’ gaan zeggen. Je moet het durven, maar ik merk dat ik er erg gelukkig van word. Het voelt goed dat ik nu zelf zeil, in plaats van als wrakhout alle kanten opdobber.

„Ik ben mezelf nauwkeuriger gaan beluisteren, en heb me opengesteld voor het proces dat hoort bij het spelen van een rol. Vroeger had ik meteen het eindresultaat in mijn hoofd, en was ik elke dag gefrustreerd dat ik dat nog niet had bereikt. Ik eerbiedigde het proces niet, ging die onzekerheid niet aan. Nu ben ik vrijer in mijn hoofd, en dat geeft ook een grotere vrijheid in het spelen.”

Wat had u met prins Bernhard?

„Als je van James Bond houdt, dan hou je ook van Bernhard. Toen mijn agent zei ‘ze gaan Bernhard doen’, deed ik hem onmiddellijk na. Bernhard was energie, voor een groot gedeelte vrolijke energie. Hij was een levenskunstenaar, een soort stripfiguur – er zijn ook daadwerkelijk strips over hem gemaakt. Het is leuk om zulke figuren te spelen.”

Hoe eigent u zich als acteur zo’n bekende, echte persoon toe?

„In het geval van Bernhard is het een voordeel dat er zoveel informatie over hem te vinden is, zoveel boeken, eindeloos veel interviews, van alles op internet. Ik ben maanden bezig geweest me voor te bereiden, nog voor het repeteren zelfs.

„Bij het spelen van een historisch personage moet je je aan bepaalde uiterlijkheden houden, die je aangeeft met een paar minieme details. Maar verder is de benadering zoals bij elke rol. Je speelt een situatie, je moet ‘in de situatie zijn’. Bij Bernhard komt daar een technisch gedeelte bij, zijn manieren, stembuigingen, het accent.”

Wat was voor u de sleutel tot Bernhard?

„Geweldig is het interview dat Maartje van Weegen met hem had, in 1986. Daar komt de hele Bernhard voorbij; alles is te zien: zijn speelsheid, de kwajongen die hij is, maar ook zijn ijdelheid, de manier waarop hij zijn handen gebruikt, zijn pijp rookt. Prachtig. Voor mij was Bernhard een Duitse matador. Hij was een Duitser met de charme van een Italiaan.”

En de sleutel tot Flip van Duijn?

„Hij zei zelf ooit eens: ‘Ik ben de zoon van een briljant kinderboekenschrijfster en een briljant chemicus. Daar had een briljant jongetje uit moeten komen. Nou, niet dus.’ Dat zégt ie! Nu ik het zo herhaal krijg ik weer kippenvel. Het is zó tekenend. Ik vond daar de kern van zijn personage, en zo heb ik hem toen gespeeld: in de schaduw van Annie. Dat gevoel kan ik lang vasthouden, die ontroering is echt. Het is een soort vonkje.

„Goed spelen betekent: bij je gevoelens kunnen. Dat dat mij nu beter lukt, heeft te maken met mijn ontwikkeling als mens. Ik voelde me op zeker moment te zeer ingekaderd – begon te vrezen dat ik nooit meer uit dat hokje zou komen. Toen ben ik me bewust gaan terugtrekken, dat voelde goed. Ik moest wel brokstukken opruimen – ik ben weggeraakt van de kern, maar zit nu geloof ik op de goede weg. Ik voel dat er iets wezenlijks gebeurt.”

Zocht u bij dit proces therapeutische hulp?

„Nee, geen therapie. Wel de juiste gesprekspartners. Vlak daarbij ook zeker Bracha [van Doesburgh, zijn vriendin] niet uit. Ik kan met haar goed over het vak praten. Ik ben intuïtief, zij is aardser, technischer. Ze ontdoet alles van franje – daarin vullen we elkaar goed aan.

Twee acteurs in één huis, wordt er dan voortdurend gerepeteerd?

„We testen vaak accenten op elkaar. Dus Bracha lag een paar maanden met Bernhard in bed, ja. Volgens haar klonk hij in het begin als een Surinamer.”

’Expats’ is nu te zien in Amsterdam. Inl. hettoneelspeelt.nl. Uitreiking Beeld en Geluid Awards: 24/1 live op beeldengeluid.nl/live.