Brabantse techniek terug in de wereld

Brabantse technologiebedrijven hebben de crisis overleefd. ‘Het gaat om een symbiose van ontwikkeling en productie.’

De techneuten in Eindhoven en omgeving glunderen. Niet alleen draait ‘hun’ chipmachinefabrikant ASML weer op volle toeren en maken de toeleveranciers overuren. Ze kregen deze week ook nog eens wereldwijde erkenning als één van de zeven slimste regio’s in de wereld. Onafhankelijke internationale wetenschappers, verenigd in het Intelligent Community Forum, prijzen de hightech spelers in Eindhoven en omgeving om hun samenwerking en innovatie op het gebied van ICT die de afgelopen tien jaar heeft geleid tot het creëren van 55.000 arbeidsplaatsen.

In de fabriekshallen van de VDL Enabling Technologies Group draaien mannen in witte overals in stofvrije ruimtes minuscule onderdelen in elkaar. Met vaste hand wordt er gelast en geschroefd. Even verderop wordt een enorme freesmachine getest op een blok aluminium. In een afgesloten ruimte vliegt het aluminiumslijpsel woest rond.

Buiten staan twee mannen aandachtig te luisteren naar het geluid dat de machine produceert. Op het oor stellen ze vast of de nieuwe frees die erin zit gelijkmatig en dus precies is, of dat er toch een kleine afwijking inzit. Precisie is core business van het bedrijf, in het geval van de machines voor ASML tot op de nanometer (een miljardste meter).

De freesmachines maken overuren om de nieuwste technologie beschikbaar te maken voor ASML: vacuümkamers, gemaakt van aluminium blokken, waarin de lijntjes op de chips nog dichter bij elkaar kunnen worden gezet zodat de er meer op kan. De markt schreeuwt om meer en kleinere chips om te kunnen voldoen aan de wereldwijde vraag naar bijvoorbeeld smartphones.

Bij VDL ETG herinnert niets meer aan de angstige dagen van 2008 toen de wereld van de halfgeleiders eerst zelf in een dip raakte en vervolgens keihard getroffen werd door de internationale kredietcrisis. Eerst viel de vraag weg, daarna de financiering, een dubbele dip. De Brabantse industrieel Wim van der Leegte, president-directeur van het familiebedrijf VDL Groep dat in totaal 80 bedrijven omvat en vorig jaar een omzet had van 1,3 miljard euro, geeft graag toe dat hij nog nooit zoiets had meegemaakt. „Dat zoiets kon gebeuren hielden we eerst niet voor mogelijk”, zegt hij nu.

Hij had de machinefabriek ETG in 2006 overgenomen van Philips. 2007 was een topjaar geweest. Dat was ook het jaar dat de supergrote freesmachine was aangeschaft voor drie miljoen euro. Even later viel het freeswonder stil en begon Van der Leegte zich serieus zorgen te maken. In 2008-2009 zag hij 400 miljoen euro in rook opgaan. Uitzendkrachten en tijdelijke contractanten werden naar huis gestuurd. Voor een deel van de vaste werknemers werd deeltijd-WW aangevraagd. Anderen werden dagelijks met bussen naar Valkenswaard gereden om daar te gaan sleutelen aan de bussen die de VDL Groep produceert. Het personeelsbestand zakte van bijna 7500 in 2007 naar ruim 6000 in 2009. Maar gedwongen ontslagen konden worden voorkomen.

En nu is iedereen weer terug in de fabriekshallen waar machines worden geproduceerd voor ASML. En waar nog tal van producten worden gemaakt voor andere bedrijven, producten waarbij vaak ook halfgeleiders een rol spelen zoals zonnecellen en ledverlichting. Het bedrijf is erin geslaagd om ook tijdens de crisis de vakkennis in huis te houden. Zonder de deeltijd-WW was dat niet gelukt, zegt Van der Leegte en hij pleit nadrukkelijk voor het behoud van de maatregel om schommelingen van de markt op te kunnen vangen. „Onze buurlanden hebben allemaal een soort deeltijd-WW. Veertig procent van de Nederlandse export gaat naar die landen. Hoe kunnen we concurreren als we zelf niet ook een permanente deeltijd-WW-regeling hebben?”

Het behoud van de vakkrachten is van groot belang geweest voor de wederopleving van de sector. Maar minstens zo belangrijk is het feit dat de ontwikkeling van nieuwe technologie tijdens de crisis door is gegaan. „ASML wilde op het dieptepunt van de crisis gewoon verder gaan met de ontwikkeling van producten”, vertelt Jos Janssen van CCM (Centre for Concepts in Mechatronics).

Het bedrijf, waar 90 hooggeschoolde ontwikkelaars werken, voert een kwart van zijn activiteiten uit voor ASML. CCM bedenkt producten en denkt mee in productieprocessen. De ontwikkelaars, op één uitzondering na allemaal mannen, zijn mede-eigenaars van het bedrijf en hebben medezeggenschap in de lange termijnkoers van het bedrijf. Ze zijn minder afhankelijk van de grillen van de markt dan de bedrijven die zich uitsluitend met productie bezighouden.

Tijdens de crisis kon het bedrijf doorgaan met het bedenken van nieuwe ontwerpen en het bouwen van prototypes voor de fabrikant van chipmachines. Mede daardoor kon ASML precies op tijd komen met een nieuwe generatie chipmachines die voldoet aan de exponentieel toegenomen vraag wereldwijd. Op het gebied van technologie grijpt alles in elkaar in de regio Eindhoven. Productie en ontwikkeling zijn onlosmakelijk verbonden, zegt Arend-Jan Beltman, manager mechatronica van CCM. „Als alles bij elkaar zit dan loopt het. Het gaat om een symbiose van ontwikkeling en productie.” Beltman vindt dat de Nederlandse overheid en Europa, maatregelen moeten nemen om te voorkomen dat de productie naar goedkopere landen verdwijnt. „Globalisering is goed, zolang je de productie hier houdt”, vat hij de wederopstanding van de regio samen.