Barroso kan beter zijn mond houden

José Manuel Barroso heeft eindelijk een paar ideeën geventileerd over de manier waarop de schuldencrisis van de eurozone moet worden aangepakt. Helaas zijn het de verkeerde ideeën. Het afgelopen jaar heeft de voorzitter van de Europese Commissie grotendeels geschitterd door afwezigheid. Maar een week geleden heeft hij plotseling zijn steun betuigd aan een verruiming van de middelen van de Europese Financiële Stabiliteits Faciliteit (EFSF), net toen de ministers van Financiën de controversiële kwestie aan het bespreken waren. Barroso kreeg het lid op de neus - heel openlijk van Duitsland en achter gesloten deuren van Frankrijk. Parijs en Berlijn hebben gelijk dat het noodfonds een zaak is voor regeringen. De uitbarsting van Barroso maakt de zaak alleen maar ingewikkelder.

Na veel getreuzel en politieke dikdoennerij in 2010 lijkt de Duitse regering eindelijk een geloofwaardige en coherente lijn te hebben gekozen ten aanzien van de eurozonecrisis. Berlijn betoogt op overtuigende wijze dat de onmiddellijke schuldencrisis - feitelijk of potentiëel - een langere termijn benadering vergt. Vandaar het standpunt van bondskanselier Angela Merkel dat iedere hervorming van de EFSF rekening moet houden met wat de eurozone wil doen om zo’n crisis in de toekomst te vermijden - en wat voor soort permanent mechanisme de EFSF zal vervangen als die in 2013 afloopt. Dat standpunt is niet alleen intellectueel gezond, maar ook politiek verstandig.

Deze opstelling verklaart het commentaar van Duitse functionarissen dat de uitlatingen van Barroso niet ‘behulpzaam’ zijn. Minister van Financiën Wolfgang Schäuble heeft zelfs op hatelijke wijze gewezen op het verleden van de Commissie-voorzitter als premier van Portugal, tussen 2002 en 2004. Gezien het feit dat het begrotingstekort van het land is toegenomen onder het bewind van Barroso, was dit een niet al te subtiele manier om te suggereren dat hij althans ten dele verantwoordelijk moet worden gehouden voor de huidige schuldenproblemen.

Frankrijk en Duitsland willen eveneens duidelijk maken dat de EFSF een vehikel is, dat is opgezet en wordt gegarandeerd door de regeringen van de eurozonelanden. Met andere woorden, het is hún geld waar Barroso het over heeft.

Toch waren de twee landen de voornaamste steunpilaren van Barroso toen hij zich in 2009 verkiesbaar stelde voor een tweede termijn als Commissie-voorzitter - ook al was zijn eerste termijn niet bepaald glanzend te noemen. Het is een vingerwijzing dat de Commissie, of zij nu sterk en doortastend of zwak en hulpeloos is, niet méér kan zijn dan wat de EU-lidstaten ervan maken.

Pierre Briançon