Voodoo voor alle dag

Afrika is op alle continenten te vinden. Door de slavernij verspreidde de cultuur zich over de aarde. In voodoo mengde het oude geloof zich met het katholieke. Het Afrika Museum wijdt er een boeiende expositie aan.

Wee het Europese museum dat besluit om Afrikaanse kunst te exposeren. Steevast elke grote expositie oogst kritiek: de kunst wordt te veel of te weinig toegelicht, te veel op een witte sokkel neergezet of juist te volkenkundig ingebed, en de westerse koloniale blik lijkt onontkoombaar. Zoals de Senegalese kunstenaar Iba Ndiaye waarschuwend tegen zijn Afrikaanse kunstvrienden zei: „Waak voor diegenen die jullie allereerst als Afrikaan zien eer jullie als beeldhouwer of schilder te erkennen. Waak voor diegenen die ons, uit naam van authenticiteit die nog gedefinieerd moet worden, proberen op te sluiten in een exotische tuin.”

Maar musea die alleen witte westerse kunst belangrijk vinden, dat is wel erg kortzichtig. Steden als Londen, Parijs en New York besteden al jaren aandacht aan Afrikaanse kunst en aan dat lijstje kunnen we ook Berg en Dal toevoegen. Daar prijkt in het Afrika Museum de uitspraak van Ndiaye groot aan de muur. Samen met een schilderij van hem maakt het deel uit van de groepstentoonstelling Geheime Relaties.

Het Afrika Museum richt zich nadrukkelijk op hedendaagse kunst uit Afrika en uit de Afrikaanse diaspora – sinds de slavernij zijn er overal sporen van Afrikaanse culturen. Dat maakt het terrein van het museum breder, ingewikkelder en interessanter. Zo kun je thema’s uitlichten die vanuit Afrika de hele wereld zijn overgegaan, zoals voodoo. Daarover gaat Geheime Relaties. Het is een tentoonstelling waar de exposanten behalve kunstenaar vaak ook priester zijn.

Hun werk verhaalt over leven, dood en de mysteries daaromheen. De Braziliaanse Eneida Sanches verbeeldt een spirituele trance door uit honderden kleine etsen van koeienogen – offers voor de geest Exu – vormen te laten opdoemen. Voodoorituelen dienen om te communiceren met geestwezens. Kunst is onderdeel van die rituelen. Zo maakt de Braziliaanse Nederlander Nilton Moreiro da Silva stoelen voor de goden. Gewone keukenstoeltjes decoreert hij uitbundig in de hoop dat de kritisch aangelegde goden zijn geschenk accepteren. Worden ze aanvaard, dan kunnen mensen via die objecten zich tot de goden richten. Een stoel met metaal is voor zwangeren die een voorspoedige bevalling wensen waarbij geen metalen objecten nodig zijn.

Katholieken die door de tentoonstelling lopen zullen veel heiligen herkennen. De Haïtiaan Pierrot Barra verbeeldde een schip met Sint Nicolaas en kinderen die een bootreis maken. Het is geen sinterklaasvreugde: de kinderen zijn verminkte poppen en het schip brengt hun zielen naar gene zijde. Net zoals katholieke kerken moderne kunststoffen Mariapoppen bevatten en de Sint-Jan in Den Bosch nu een heiligenbeeld met mobieltje heeft, zijn voodooreligies flexibel. Ze brengen producten op de markt als Holy Spirit badschuim.

Voodookunst staat midden in het dagelijks leven. Het wordt gemaakt van eigentijdse materialen – jerrycans, speelgoed – en legt een link met de actualiteit. Als reactie op de migratieproblematiek ontwierp de Haïtiaan Edouard Duval Carrié een vloot van drie lichtgevende schepen, bemand door figuren die een mix lijken van monsters en katholieke heiligen. Met bezwerende gebaren lijken ze de bootvluchtelingen de goede kant op te gidsen, tegelijk lijkt de vloot met zijn vlammende golven en zwevende dolken zelf tot het hiernamaals te behoren.

Of het nu voodoo of vodou heet, santería, candomblé of obeah: de wortels van deze religies liggen in Afrika. Vanaf 1520 zijn ongeveer twaalf miljoen Afrikanen getransporteerd naar Latijns-Amerika, waar de plantagehouders hun godsdiensten verboden. Daarom deden ze alsof ze zich bekeerden tot het katholicisme en mixten dat heimelijk met Afrikaanse spiritualiteit – de ‘geheime relaties’ uit de expositietitel.

Volkenkundige musea denken veel na over hun rol doordat ze een moeilijke geschiedenis hebben – koloniale sporen, de missie, geroofde stukken. Het Afrika Museum wil met de nieuwe vaste opstelling met veel moderne kunst heel veel vertellen – over de westerse blik, modernisering, vervalsingen, gebruiken, religies, toeristenkunst en de plunderingen. Die zijn helaas nog geen verleden tijd, meldt de zaaltekst.

Kunstmusea kunnen Afrikaanse kunst negeren, volkenkundige musea laten wel niet-westerse kunst zien. Een thematische aanpak zoals in Geheime Relaties is daarbij misschien wel de beste manier. Deze tentoonstelling laat veel tegelijk zien: kunstenaarschap, religie, geschiedenis, Afrikaanse invloeden in Nederland. En het thema hink-stapspringt handig over alle valkuilen van etniciteit en landsgrenzen heen.

Je zou verwachten dat zo’n internationale expositie veel bruikleengevers vereist. Maar dat valt mee – of tegen. De stukken komen uit de eigen collectie of van werk dat het via het Instituut Collectie Nederland in langdurig bruikleen heeft. Door schenkingen heeft het ICN werk van Afrikaanse topkunstenaars. Dat levert opmerkelijke situaties op. Een prachtige sculptuur van de Congolees Bodys Isek Kingelez – een internationale superster – is te zien in Berg en Dal, als illustratie bij een itempje over verstedelijking. Sjiek, maar ook een beetje sneu.

Tentoonstelling: Geheime Relaties. Afrika Museum, Berg en Dal. T/m 30/10. Inlichtingen: afrikamuseum.nl