Rutte draaft niet op voor debatten

De campagnes voor de Statenverkiezingen zijn nog niet begonnen. Nu al is duidelijk dat de premier, en ook minister Verhagen, zich niet aan de debatten wagen.

Een goed en vrolijk debater, jong en energiek. VVD-leider Mark Rutte was de verrassende winnaar van de vorige verkiezingen. En hij is ook nog eens premier. Zijn partij zal wel staan te popelen hem in de zo belangrijke Provinciale Statenverkiezingen te gebruiken.

Zou je denken.

Toch zal Rutte aan geen enkel tv-debat meedoen, toch dé manier om grote aantallen kiezers te bereiken. Kijkers zullen ook vicepremier Maxime Verhagen moeten missen. Verhagen – in de identiteitcrisis waar regeringspartij CDA zit de facto partijleider – blijft weg.

De officiële reden? Deze verkiezingen gaan over de Provinciale Staten, niet over het landsbestuur. En trouwens, Rutte is premier van alle Nederlanders, niet alleen VVD-leider.

Maar de verkiezingen gaan natuurlijk wel over het landsbestuur. Zoals Rutte zelf zei in een interview met Elsevier: „Het is gewoon heel plat. Wij hebben een meerderheid in de Eerste Kamer nodig en via de Provinciale Staten moeten we die zien te bereiken.” En deze premier van alle Nederlander zei erbij: „Maakt niet uit wat u stemt. Als het maar CDA, PVV of VVD is.”

VVD en CDA hebben in overleg afgesproken het te ‘doen’ met hun lijstrekkers voor de Eerste Kamer: Loek Hermans (VVD) en Elco Brinkman, (CDA). Ook bij debatten waarvoor de fractieleiders in de Tweede Kamer zijn uitgenodigd.

En gedoogpartner Geert Wilders? Die weet het nog niet.

Tot irritatie van de publieke omroep. Want daar hadden ze een behoorlijke stapel debatten in de planning staan: de NOS drie, Pauw & Witteman twee, en ook nog een van EenVandaag. Daar zien ze het al gebeuren: Partijleiders als Job Cohen, Alexander Pechtold of Emile Roemer die de strijd aangaan met de voor het publiek veel minder bekende senaatskandidaten. Dat is geen mooie televisie en ook niet goed voor de kijkcijfers.

Er zijn goede redenen voor de regeringspartijen om niet hun leiders af te vaardigen. En die liggen niet in het feit dat het regionale verkiezingen zijn. Een debat waar Rutte en Verhagen elkaar aanvallen zou geen fraai beeld van het kabinet geven. En daar zouden de debatleiders, en de oppositiepartijen, best op uit kunnen zijn.

Bij het CDA kan meespelen dat Verhagen onder delen van het eigen electoraat niet echt populair is. Die overweging geldt niet voor Rutte. Maar een premier komt op tv wanneer hij wil. Daar heeft hij geen debat met vervelende tegenstanders voor nodig.

De oppositiepartijen willen graag dat de campagne over het door Wilders gedoogde minderheidskabinet gaat. Dat wordt zo lastiger. De teleurstelling is duidelijk. Een D66-woordvoerder: „Het is een kabinet van macho’s. Dan is het toch gek dat je niet naar een debat durft te komen.”