Nationale islamtest: dit is niet mijn godsdienst, vriend!

In de sociale media was al voor de uitzending van Zóóó moslim! (AVRO) door menige twitteraar het oordeel geveld. De staatsomroep zou weer eens met belastinggeld een kansloze multiculturele goednieuwsshow optuigen.

Moed kun je de AVRO en de voor die omroep debuterende presentator Art Rooijakkers dus niet ontzeggen, temeer daar het online reageren tijdens de rechtstreekse uitzending nadrukkelijk werd aangemoedigd.

Nu keek de grote meerderheid van de kijkers natuurlijk op datzelfde moment naar Nederland 1, waar Rooijakkers met onder meer een van zijn panelleden, actrice Miryanna van Reeden, ingeblikt in El Salvador Wie is de mol? speelde, dus echt veel kwaad kon het niet.

Toch kunnen islamitische Nederlanders niet erg blij zijn geworden van het warrige en ondoordachte programma, dat meer begrip trachtte te wekken voor hun religie. Niet voor niets zakte het deel van het studiopubliek dat zei affiniteit te hebben met de islam van 75 procent bij aanvang naar 50 procent tegen het einde.

Er werd wel meer gestemd en ingetoetst. Zowel de kijkers thuis als een gemengd panel kreeg een lijst meerkeuzevragen voorgelegd. Deels betroffen die kennis over moslims in Nederland (de gemeente met het hoogste percentage islamieten is Alblasserdam, en niet Gouda of Ede), voor een ander deel werd gevraagd naar meningen en attitudes.

Zoals wel vaker werden godsdienst en cultuur weer eens op een hoop gegooid. Bovendien is het natuurlijk onzin om affiniteit met de islam te veronderstellen als je antwoordt dat je graag een groot feest geeft op je bruiloft of niet aan gokken doet.

Verrassend was de terugkeer op televisie van de afvallige moslim Ehsan Jami, nu geïntroduceerd als „de rechterhand van PVV-Kamerlid Hero Brinkman”. Hij ging een stekelige discussie aan met hoogleraar Maurits Berger, die beweerde dat ook christenen gekwetst worden door met hun godsdienst spottende cartoons. „Maar die plegen geen geweld!” riposteerde Jami.

Nou ja, dat debat kunnen we wel dromen. Een nieuwe invalshoek levert dezer dagen PowNews met een op internet eindeloos geciteerde en geparafraseerde video over een agressief bontkraagje.

Het ontstond toen Rutger Castricum op zoek naar subsidiemisbruik voor de deur van een reisbureau werd aangesproken door een zekere Mohammed, die hem het filmen trachtte te beletten. „Dit is niet mijn winkel, vriend!” waren de mysterieuze woorden waarmee de jongen het gesprek afsloot.

Ad absurdum worden variaties op die uitspraak nu gerecycled. Bij een studentendemonstratie hing gisteren zelfs al een spandoek met de tekst: „Rutte: dit is niet mijn kabinet, vriend!”

Gisteren bracht Castricum een surprisebezoekje aan de advocaat die Mohammed op PowNed had afgestuurd om verdere uitzending van het filmpje te verbieden. De raadsman bleek zijn dossier, en zelfs de naam van zijn cliënt niet te kennen, en verhoogde zo de algemene feestvreugde.