Liever een oorlog dan compromis

President Laurent Gbagbo profiteert van patstelling.

Voorbereidingen van de Afrikaanse Unie voor een militaire ingreep zijn in een „vergevorderd stadium”.

Aanvankelijk wil de ober best over de economische malaise vertellen. In het visrestaurant hebben de vliegen vrij spel op de versleten tafelkleedjes: sinds de verkiezingen blijven de klanten weg. Maar als hij de wantrouwende blik van een collega ontwaart, verandert Fulgence Kouassi van gedachten. „Belt u liever”, zegt hij. „Straks raak ik mijn baan ook nog kwijt.”

Die avond spreekt hij per mobiele telefoon, veilig vanuit zijn huiskamer, over de slechte sfeer in zijn wijk in Abidjan, de commerciële hoofdstad van Ivoorkust. „Openlijk over politiek praten doet niemand meer”, zegt Kouassi. „We kopen onze spullen op dezelfde markt, we nemen allemaal dezelfde minibussen, maar we praten alleen nog over voetbal of hoe duur uien zijn geworden.”

Zeven weken met twee presidenten. De politieke crisis in Ivoorkust sleept zich voort. Zeven weken waarin bedrijven van twee kanten onder druk worden gezet belastingen te betalen, ambtenaren zich afvragen of ze hun salaris zullen ontvangen, de voedselprijzen verdubbelden en de politiek de gemoederen zo hoog doet oplopen dat de meeste mensen het op een angstig zwijgen hebben gezet. De enigen die nog een grote mond opzetten zijn de aanhangers van Laurent Gbagbo, de president die eind november de verkiezingen verloor maar dankzij het leger gewoon kan blijven zitten.

Op de staatstelevisie klinken de hatelijke woorden van de Gbagbo-aanhangers steeds dreigender. Op straat belagen ze steeds vaker, en met steeds meer geweld, patrouilles van de Verenigde Naties. De VN zijn volgens hen partijdig omdat het hoofd van de VN-vredesmissie in Ivoorkust zegt dat Alassane Ouattara de verkiezingen won. Ouattara zit in een hotel in Abidjan dat beschermd wordt door zo’n duizend VN-soldaten.

Afgelopen week beschoten militairen die loyaal zijn aan Gbagbo bovendien pantserwagens van de VN in Abidjan. Vorige week staken relschoppers op klaarlichte dag drie VN-auto’s in brand.

Elke dag als de ochtendfiles tergend langzaam door Abidjan kruipen, de supermarkten hun rolluiken opengooien en fruitverkoopsters langs de stoeprand hun schalen uitstallen, lijkt het leven weer even normaal. Maar dat beeld wordt voortdurend verstoord door gewapende mannen met bivakmutsen en de droge knallen van geweervuur. Soms zijn het waarschuwingsschoten. Soms niet. In de arme wijk Abobo, waar Ouattara fanatieke aanhang heeft, raakte de politie vorige week verwikkeld in een vuurgevecht met onbekenden nadat militairen agressieve huiszoekingen hadden verricht. Twee dagen lang leek Abobo een oorlogsgebied, met smeulende autowrakken, doodsbange bewoners achter houten barricades en langsrazende legerjeeps. Zeker tien mensen kwamen om.

De VN, de VS, EU en de Afrikaanse Unie (AU) hebben Gbagbo herhaaldelijk gevraagd het presidentiële paleis aan Ouattara over te dragen. Financieel en economisch worden hem de duimschroeven aangedraaid met sancties. Na vijf mislukte onderhandelingspogingen ziet de AU zich nu gedwongen serieus na te denken over een door Nigeria aangevoerde militaire interventie. Volgens een hoge Nigeriaanse militair zijn de voorbereidingen voor een militaire ingreep in een „vergevorderd stadium”. Het is een vooruitzicht dat Nigeriaanse immigranten in Ivoorkust koud om het hart slaat.

„Ik hoop dat ze hun problemen zelf oplossen”, zegt Charles die op een terras bier zit te drinken. „Ivorianen zijn kortzichtig. Ze leggen de schuld voor hun problemen altijd bij anderen. Zodra het buitenland zich met hen gaat bemoeien, zijn de buitenlanders de klos.”

Maar wat is het alternatief? Simone Gbagbo, de gevreesde en fervent gelovige vrouw-van, zegt dat zij de „door God gegeven overwinning” van haar man tot haar laatste snik zal verdedigen. Liever oorlog dan een compromis. Veel Ivorianen zijn het erover eens dat de situatie onhoudbaar begint te worden. Het etnisch diverse Ivoorkust raakt steeds verder gepolariseerd. In het binnenland vielen de afgelopen week minstens veertig doden toen stamgenoten van Gbagbo slaags raakten met aanhangers van Ouattara. Gevreesd wordt voor een nieuwe burgeroorlog zoals in 2002/2003. Ivoorkust is sindsdien praktisch verdeeld in het zuiden (waar Gbagbo de meeste aanhang heeft) en het noorden (waar Ouattara het populairst is).

Wilfred Bro werkt voor een Midden-Oosters bedrijf dat vorige maand de laagste omzetcijfers ooit in Ivoorkust draaide. Hij noemt zichzelf gematigd, maar geeft toe dat hij Ouattara inmiddels ook als „onderdeel van het probleem” ziet. Hij legt met een lokale uitdrukking uit waarom hij vindt dat Ouattara zijn aanspraak op het presidentschap moet laten varen. „Stel, je staat onder douche en een gek steelt jouw handdoek. Je moet nooit in je blootje achter hem aanrennen om je handdoek terug te krijgen, want niemand ziet dan nog het verschil tussen jou en die gek. Ik wil maar zeggen: misschien is Gbagbo doorgeslagen, maar we schieten niets op als Ouattara net zo onverzettelijk blijft.”