Hoedster van oude waarden

Lang werd Cleopatra geplaagd door de negatieve beeldvorming die keizer Augustus haar oplegde. Nu een portret van haar als trotse, initiatiefrijke heerseres.

Stacy Schiff: Cleopatra. Een vrouwenleven. Uit het Engels vertaald door Corrie van den Berg en Carola Kloos. Ambo, 374 blz., € 24,95

Op 8 augustus 30 v.Chr. was de Egyptische koningin Cleopatra de wanhoop nabij. Haar pogingen om samen met Marcus Antonius heerseres van het Romeinse rijk te worden, waren gestrand. Overgeleverd aan de genade van winnaar Octavianus wist zij dat haar weinig hoop restte op een eervolle aftocht. Radeloos moet ze zijn geweest bij het vooruitzicht binnen niet al te lange tijd in Rome als buit te worden meegevoerd in de triomftocht van de man die verantwoordelijk was voor de dood van haar geliefde. Toch probeerde ze bij haar laatste ontmoeting met Octavianus de regie in handen te houden.

Wat er is gezegd zal altijd onderwerp van speculatie blijven, want de versies van de twee auteurs die haar levenseinde hebben beschreven, Plutarchus en Cassius Dio, verschillen op vele punten. Zeker is alleen dat Cleopatra nog één keer heeft geprobeerd haar charmes in de strijd te werpen en Octavianus voor zich in te nemen, maar de man tegenover haar was vooral een kille rekenmeester en niet geïnteresseerd in haar verleidingskunsten. Zij was intussen 39 jaar oud, zes jaar ouder dan hij. In zijn plannen was geen plaats voor een vrouw met een dubieuze reputatie. En medelijden kwam in zijn vocabulaire niet voor. Cleopatra zag geen andere uitweg dan zelfmoord. Zij zou door de beet van een slang om het leven zijn gekomen, hoewel daar de laatste jaren ernstig aan wordt getwijfeld.

Er bestaan talloze biografieën van deze vrouw, en telkens rijst de vraag of de werkelijke Cleopatra erin is terug te vinden, of zij niet te zeer is schuil gegaan achter de verhalen die rond haar zijn geweven. Zij is in de loop der eeuwen vooral neergezet als een berekenende verleidster, als een vrouw met een onverzadigbare seksuele begeerte en een grote hebzucht, als een zinnelijke zondares, als de hoer van oosterse koningen, als een heks en als een walgelijke vrouw. Ze is vereeuwigd in schilderijen, beelden, opera’s en haar naam leeft voort in een planetoïde, een computerspel en een sigarettenmerk.

Genot

Stacy Schiff, die voor haar veelgeprezen Vera, mevrouw Vladimir Nabokov werd bekroond met de Pulitzer Prize, durfde het aan om een nieuw boek aan de Cleopatra-reeks toe te voegen. Het is een genot om te lezen, want Schiff dient ons een Cleopatra op die niet afwacht maar het initiatief naar zich toe trekt, zoals bij de eerste ontmoeting met Julius Caesar in Alexandrië, toen zij zich volgens Plutarchus opgerold in een tapijt (of was het een beddenzak?) aan hem presenteerde. De verbouwereerde Caesar kon deze act wel waarderen. Alle spectaculaire momenten uit Cleopatra’s leven komen aan bod, afgezet tegen de achtergrond van Alexandrië, na Rome toen de grootste stad van de mediterrane wereld.

Of de auteur de traditionele beeldvorming die rond de Egyptische vorstin hangt heeft kunnen doorbreken en een portret heeft weten op te roepen dat recht doet aan haar werkelijke rol in de geschiedenis, blijft natuurlijk de vraag. Ook Schiff heeft te maken met de over het algemeen negatieve berichtgeving over Cleopatra. Onmiddellijk na haar dood verschenen al de eerste voor Cleopatra ongunstige verhalen van auteurs die Octavianus Augustus naar de mond praatten. Voor een positief oordeel over Cleopatra was weinig plaats, want de harde censuur van Augustus was alom bekend.

Schiff levert, vaak terecht, kritiek op de voor Cleopatra negatieve bronnen en roept een andere Cleopatra op: een trotse heerseres van Egypte, nazaat van de grote Ptolemaeïsche koningen die vanuit Alexandrië lange tijd hun stempel op de wereldgeschiedenis hebben gedrukt; een charismatische en kundige vrouw, die door vele tijdgenoten werd gezien als een hoedster van de oude waarden. Zij voerde het commando over een groot leger en een immense vloot. Kortom: een indrukwekkende vrouw, een waardige tegenspeelster van de Romeinse machtspolitici.

Schiff is geen oudhistoricus die het beschikbare bronnenmateriaal uitgebreid wikt en weegt en voorzichtige uitspraken doet. Zij is een literaire auteur met een prachtige pen die geen blad voor de mond neemt en de lezers haar visie op het woelige leven van haar hoofdpersoon helder voorschotelt. Ik vind wel dat zij Cleopatra erg groot maakt. Cleopatra wordt iets te gemakkelijk neergezet als de grote koningin, die een rijk in verval nieuw leven weet in te blazen, het vervolgens verliest en weer terugwint om uiteindelijk te moeten ervaren dat de machtsverhoudingen definitief zijn veranderd ten gunste van Rome. Schiff formuleert soms hypotheses die niet op feiten zijn gebaseerd, maar meer op gissingen en veronderstellingen. Ze pakken meestal positief uit voor Cleopatra, ook in situaties waarin het duidelijk is dat haar rol minder prominent is geweest.

Actium

Een goed voorbeeld is de zeeslag in Noordwest-Griekenland bij Actium in 31 v.Chr. Hier moest de beslissing vallen of Octavianus dan wel Antonius de machtigste man van Rome zou worden. Schiff plaatst Cleopatra ook hier op de voorgrond, hoewel je daar na lezing van de bronnen je twijfels over kunt hebben, want toen de nederlaag zich aftekende, wendde ze de steven, voer tussen de strijdende partijen door naar open zee en vertrok richting Alexandrië, kort daarop gevolgd door Antonius.

Meer dan in andere biografieën treedt ons hier een sterke vrouw tegemoet, geen vrouw die het alleen van haar charmes moest hebben. In dat opzicht is Cleopatra een mooi tegenwicht tegen de vele biografieën die de bronnen napraatten en met veel fantasie de erotische aantrekkingskracht van Cleopatra belichtten.

Het laatste woord over Cleopatra is met deze biografie natuurlijk niet gezegd. Daarvoor zijn de bronnen te complex. Wie zich een oordeel wil vormen over de vroegste overleveringen die aan alle biografieën ten grondslag liggen, verwijs ik graag naar het tien jaar geleden bij uitgeverij Voltaire verschenen Diva Cleopatra van M.A. Wes. Historische en onhistorische verhalen. De lezer kan dan zelf constateren of Schiff gelijk heeft met haar terloopse opmerking dat de oude bronnen zo gekleurd zijn omdat ze voor een belangrijk deel op mannelijke angst gebaseerd zijn. Ik ben daar nog niet van overtuigd.