Banken in VS draaien weer

De Amerikaanse banken boeken weer winst, al stelde goudhaantje Goldman Sachs beleggers teleur.

De handel in obligaties nam af, net als bij Citigroup.

Winstcijfers van miljarden dollars lijken goed nieuws. Maar bij de grote Amerikaanse banken zijn de zorgen nog niet voorbij.

Het jaarcijferseizoen is begonnen en een aantal Amerikaanse financiële instellingen heeft de resultaten bekendgemaakt. De cijfers laten zien dat de ergste crisis in het bankenlandschap voorbij is, maar de situatie is nog precair.

Goldman Sachs, een van de grootste zakenbanken ter wereld, boekte een winst van 7,7 miljard dollar (5,7 miljard euro) over 2010, een daling van 37 procent vergeleken met 2009. De afname kwam voor een groot deel door de ontwikkelingen in het laatste kwartaal, toen het de handel in obligaties, grondstoffen en valuta’s fors zag dalen. De winst in het vierde kwartaal halveerde tot 2,2 miljard dollar vergeleken met de laatste drie maanden van 2009. Ondanks de sterk gedaalde winst, die lager uitkwam dan analisten hadden verwacht, betaalde Goldman Sachs in 2010 ruim 15 miljard dollar aan salarissen en bonussen. Dit was 5 procent lager dan in 2009.

Een andere grootmacht in de Amerikaanse financiële wereld, Citigroup, boekte eerder deze week een winst van 10,6 miljard dollar over 2010. Het was voor het eerst sinds 2007 dat de derde bank van de VS geen verlies leed.

Maar ook hier waren er vraagtekens. Net als Goldman Sachs had Citi last van de afnemende obligatiehandel, al werd dit genuanceerd door financieel directeur John Gerspach. „Deze handel golft op en neer. Dit was een zwakker kwartaal, maar één kwartaal maakt nog geen trend.”

Citigroup werd tijdens de financiële crisis gered door de Amerikaanse overheid die 45 miljard dollar in het bedrijf stopte. Washington heeft zijn belang in Citi het afgelopen jaar geleidelijk afgebouwd. De bank was niet de enige die hulp nodig had van de regering. Een lange rij van financiële instellingen klopte aan bij de overheid omdat zij door het instorten van de huizenmarkt in grote problemen kwamen. De implosie van de Amerikaanse huizenmarkt en de enorme problemen die dit voor de banken veroorzaakte, zorgden voor een recessie in de westerse wereld.

De cijferreeks liet ook zien dat er een verschil in ontwikkeling zit tussen Amerikaanse zakenbanken en banken die zich richten op ‘gewone’ retailactiviteiten.

Well Fargo, een van de grootste commerciële banken in de VS, boekte een winst van 3,2 miljard dollar in het vierde kwartaal vergeleken met een winst van 394 miljoen dollar een jaar eerder. Het enorme verschil werd voor een groot deel bepaald door het terugbetalen van overheidssteun eind 2009.

Maar de bank zei dat het ook profiteerde omdat de reserves voor slechte leningen omlaag gingen. US Bancorp, de vijfde Amerikaanse bank gemeten naar deposito’s, zag de winst in het vierde kwartaal stijgen met 62 procent naar 974 miljoen dollar.

Ook de banken in dit marktsegment blijven voorzichtig, ondanks winststijging. „Het gaat beter dan een jaar geleden en de economie is bezig te herstellen”, zei de bestuursvoorzitter van Wells Fargo tegen analisten, „maar de stemming is nog flauw”. Hij zei dat de situatie op de arbeidsmarkt nog steeds zorgelijk is. De werkloosheid in de VS blijft hoog. Zolang de werkloosheid niet afneemt, lijkt het onwaarschijnlijk dat consumenten meer gaan besteden, wat nodig is om de economie echt weer op gang te brengen.

Op Wall Street waren de cijfers reden om bankaandelen, die de laatste tijd terrein wonnen, in de verkoop te doen. Goldman Sachs zag het aandeel met 5 procent kelderen, het grootste dagverlies sinds april vorig jaar.