Vrees voor inflatie door groei in China

Sterke economische groei is doorgaans goed nieuws, tenzij het over China gaat. Beurzen wereldwijd daalden vandaag na de bekendmaking van beter dan verwachte groei van China. Gevreesd wordt dat de Chinese overheid economische investeringen verder zal beperken in een poging de hoge inflatie onder controle te krijgen.

In vergelijking met 2009 groeide het bruto binnenland product van China vorig jaar 10,3 procent, geholpen door een versnelling van de groei in de laatste drie maanden van het jaar. In het vierde kwartaal bedroeg de economische groei 9,8 procent, een verdere verbetering van de toch al sterke groei van 9,6 procent in de periode van juli tot en met september.

Economen hadden juist gerekend op een vertraging van de groei in het vierde kwartaal. De onverwachte groeiversnelling betekent dat het beleid van de Chinese overheid om de stroom aan investeringen in te dammen niet het gewenste effect heeft gehad. Peking is bezorgd dat de hoge inflatie tot onrust zal leiden onder de Chinese bevolking.

Ondanks een lichte daling bleef de inflatie in december hoog met 4,6 procent. Dat kan de Chinese overheid aanzetten tot harde ingrepen in de economie. Begin vorig jaar heeft China de vereiste kapitaalbuffers van banken zeven maal verhoogd, zodat er minder investeringsgeld beschikbaar is.

De Chinese economie wordt steeds minder afhankelijk van de export naar westerse landen. De economische groei over 2010 werd voor 9,5 procentpunt veroorzaakt door binnenlandse consumptie en investeringen. De export van Chinese goederen en diensten droeg slechts 0,8 procentpunt bij aan de groei. Investeerders zijn bang dat China zal slagen in het vertragen van de economische groei, net op het moment dat het economische herstel van landen wereldwijd wordt aangevuurd door de sterke vraag vanuit China.