Rosenthals stelligheid

Met zijn stellige verzekering dat topambtenaar Pieter de Gooijer de Amerikanen níét heeft opgeroepen om toenmalig vicepremier Wouter Bos (PvdA) te manipuleren in de kwestie-Afghanistan heeft minister Uri Rosenthal (Buitenlandse Zaken, VVD) zich in een riskante situatie begeven.

In een zwart op wit vastgelegde verklaring deelde Rosenthal dinsdag mee: „In het gesprek met de Amerikaanse ambassadeur bij de NAVO heeft de topambtenaar de Amerikanen niet opgeroepen om minister Bos onder druk te zetten. De ambtenaar heeft daartoe dus ook geen instructies ontvangen van de minister van Buitenlandse Zaken.”

In een ambtsbericht aan Washington heeft de Amerikaanse ambassadeur bij de NAVO, Ivo Daalder, in 2009 het omgekeerde beweerd. De Gooijer had hem aangespoord om de Amerikaanse minister van Financiën Geithner zijn Nederlandse ambtgenoot Bos te laten voorhouden dat zonder voortgezette militaire aanwezigheid van Nederland in Afghanistan Nederland niet mocht aanschuiven bij de G20. Aldus Daalder.

Wat nu als minister Rosenthal gelijk heeft? Dan beweert hij eigenlijk dat Daalder, die behalve Engels ook de Nederlandse taal goed machtig is, zijn superieuren heeft voorgelogen. Of, een mildere variant, bedoelt hij dat Daalder de Nederlandse ambtenaar verkeerd begrepen heeft? Dan twijfelt hij openlijk aan de bekwaamheid van de Amerikaanse ambassadeur.

Een probleem voor Rosenthal is dat andere, ook via WikiLeaks uitgelekte cables suggereren dat er voor wat betreft de tips van Nederlandse ambtenaren aan hun Amerikaanse gesprekspartners sprake is van een patroon. Een raadsadviseur van toenmalig premier Jan Peter Balkenende, Karel van Oosterom, heeft eenzelfde hint gedaan als zijn collega van Buitenlandse Zaken. De secretaris-generaal van Algemene Zaken, Richard van Zwol, heeft de Amerikanen gesuggereerd om Bos te laten voelen dat zijn houding inzake Afghanistan slecht voor zijn internationale carrière zou zijn. Ook andere Nederlandse ambtenaren speelden het spel van druk opvoeren op Bos en zijn partij, de PvdA, volop mee.

Zouden de Amerikaanse diplomaten dit allemaal hebben verzonnen of verkeerd hebben begrepen? Dan moeten we ons grote zorgen maken over de kwaliteit van de Amerikaanse diplomatie. Te vrezen valt eerder dat ambtenaren veel te ver zijn gegaan met hun politieke beïnvloeding. Tenzij ze handelden op instructie.

Dan hebben Balkenende en de toenmalige minister van Buitenlandse Zaken, Verhagen (CDA), vuil spel gespeeld. De ministeriële verantwoordelijkheid is hier volop aan de orde en die berust nu onder anderen bij Rosenthal. Voor hem is niet te hopen dat zijn stellige verklaring over zijn ambtenaar De Gooijer onjuist blijkt. Anders heeft hij een leugen verkocht en kan er straks moeilijk anders sprake zijn dan van ex-minister Rosenthal.