Patiënt mag zelf bepalen wie medisch dossier kan inzien

De plannen voor het Elektronisch Patiënten Dossier (EPD) worden drastisch gewijzigd, omdat de oorspronkelijke opzet niet veilig is gebleken. Dat zei minister Schippers (Volksgezondheid, VVD) vanmorgen tegen de Tweede Kamer. Het elektronsich patiëntendossier maakt landelijke uitwisseling van medische gegevens mogelijk.

Schippers wil dat patiënten bepalen welke zorgverleners toegang krijgen tot hun medische dossier. In het oorspronkelijke voorstel, dat door de Tweede Kamer is goedgekeurd maar nog door de Eerste Kamer moest, was het andersom: patiënten mochten aangeven welke zorgverleners géén toegang kunnen krijgen.

Verder wil de minister de manier veranderen waarop patiënten hun eigen dossier kunnen wijzigen. Dat zou aanvankelijk via een door de overheid opgezet landelijke portaal gebeuren. Nu is het plan dat patiënten via de websites van artsen en apothekers in het EPD kunnen komen. Dat vinden veel Kamerleden bezwaarlijk, omdat patiënten daardoor afhankelijk zijn van anderen voor de toegang tot hun gegevens. Schippers vindt het voorlopig aanvaardbaar. Zodra iemand medische gegevens via het EPD opvraagt, zullen burgers daarvan automatisch een sms-je of e-mail kunnen krijgen.

Het was eerst de bedoeling dat mensen zich met hun DigiD konden aanmelden en dan met één muisklik hun dossier zouden kunnen inzien. „De toegang die we hadden gewild, kan niet veilig”, zei Schippers. Hackers kunnen bij de gegevens. Binnenlandse Zaken zoekt naar alternatieven.

De verwachting van artsen is dat burgers met de nieuwe plannen eerder aangeven dat alleen hun eigen huisarts, apotheker en fysiotherapeut hun gegevens mogen in zien. Het doel van het EPD was juist dat zorgverleners in het hele land over actuele gegevens zouden kunnen beschikken als patiënten buiten hun woonplaats spoedhulp nodig hebben.