Op weg naar een titel en ruim 15 mille schuld

Studenten demonstreren morgen tegen de bezuinigingsplannen van het kabinet. Ze vrezen dat hun schulden nog verder oplopen.

Staatssecretaris Halbe Zijlstra (Onderwijs, VDD) is morgen jarig. Studentenorganisaties hopen dat ze hem een partijtje kunnen bezorgen dat hij niet licht vergeten zal. Ze verwachten morgen meer dan tienduizend mensen op het Malieveld in Den Haag om tegen de kabinetsplannen voor het hoger onderwijs te demonstreren.

Die plannen treffen de Nederlandse student flink in de portemonnee. Wie meer dan een jaar studievertraging oploopt, moet vanaf september 3.000 euro collegegeld meer gaan betalen, ruim 4.600 euro in plaats van ruim 1.600 euro. En wie een mastertitel wil halen, moet dat straks doen zonder basisbeurs (95,61 euro voor thuiswonenden, 266,23 euro voor uitwonenden). Na de bachelorfase kan er enkel nog worden geleend. Alleen voor studenten met weinig kapitaalkrachtige ouders is er een aanvullende beurs.

Volgens de studentenbonden leiden deze maatregelen er onherroepelijk toe dat studenten zich dieper in de schulden moeten steken. En die schulden zijn het afgelopen decennium al fors omhoog gegaan. Gecorrigeerd voor inflatie is het door studenten van de overheid geleende bedrag sinds 1997 met 1,1 miljard euro gestegen.

Deels komt dit doordat het aantal studenten is toegenomen, maar deels ook doordat het geleende bedrag per student gestegen is. Uit de meest recente cijfers, van 2009, blijkt dat de helft van alle studenten leent, gemiddeld bijna 400 euro per maand. Een eerstejaars student leende in 2009 gemiddeld maandelijks 320 euro en heeft zo na vier jaar een studieschuld van minimaal 15.360 euro (exclusief rente) opgebouwd. In 2008 was de gemiddelde studieschuld volgens de Dienst Uitvoering Onderwijs, de organisatie belast met het verschaffen van de studiefinanciering, nog 12.523 euro (inclusief rente).

Maar studenten lenen niet alleen geld van de overheid. Volgens het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) had in 2009 16 procent naast deze lening nog één of meer andere leningen. Roodstand was daar de belangrijkste van. Van alle studenten stond 19 procent regelmatig of altijd rood, met een gemiddeld bedrag van 652 euro.

Het Nibud berekende dat de gemiddelde thuiswonende student maandelijks 835 euro uitgaf en de gemiddelde uitwonende student 1.239 euro. Bij de studenten op kamers was de huur goed voor ruim eenderde van al hun bestedingen. Eten kwam op de tweede plaats, gevolgd door collegegeld, kleding en ontspanning. Aan vertier ging ongeveer tien procent van het budget op.

Studenten steken zich overigens niet voor niets in de schulden. De overheid berekende vorig jaar dat hbo-studenten circa 28 procent en universitair studenten circa 36 procent meer gaan verdienen, dan wanneer zij zonder het volgen van hun opleiding de arbeidsmarkt waren opgestroomd.