Britten versus Amerikanen in strijd om Oscars

In de aanloop naar de Oscarnominaties zijn The Social Network en The King’s Speech de grootste favorieten.

De ene film staat voor vernieuwing, de andere voor traditie.

Met de klinkende overwinning bij de Golden Globes van The Social Network belooft de race om de Oscars dit jaar niet bijster spannend te worden. De Facebook-film van regisseur David Fincher, en vooral scenarioschrijver Aaron Sorkin, liet met prijzen voor beste film, beste regie en beste scenario de voornaamste concurrent, het Britse kostuumdrama The King’s Speech, ver achter zich. Die film moest zich tevreden stellen met de prijs voor beste acteur voor Colin Firth, als de stotterende Britse koning George VI die zijn spraakprobleem moet overwinnen om de natie te kunnen toespreken tijdens de donkere dagen van de Tweede Wereldoorlog.

De Golden Globes worden vaak, overigens lang niet altijd terecht, gezien als indicator voor de Oscars, waarvoor de nominaties op 25 februari bekend worden gemaakt. Maar eergisteren sloegen de Britten hard terug met hun eigen filmprijzen. Bij de Bafta’s kreeg The King’s Speech liefst veertien nominaties, tegen slechts zes voor The Social Network.

Natuurlijk speelde het thuisvoordeel daarbij een grote rol. De Britten worden graag herinnerd aan hun finest hour, toen het land aan het begin van de Tweede Wereldoorlog dapper weerstand bood aan Hitler terwijl Amerika en Rusland zich nog schuilhielden. The King’s Speech zal op 5 februari het Rotterdams filmfestival besluiten en draait vanaf 17 februari in de Nederlandse bioscopen.

Wie gaat er winnen? De vraag is of de Academy zal kiezen voor traditie of vernieuwing. The King’s Speech is weliswaar pas de tweede film van de jonge regisseur Tom Hooper, die debuteerde met voetbalfilm The Damned United. Concurrenten Fincher en Sorkin zijn vergeleken bij hem door de wol geverfde veteranen.

Toch is The King’s Speech de Oscar-kandidaat van de traditie en The Social Network de kandidaat van de vernieuwing. The King’s Speech laat nog eens zien waarin de Britten van oudsher meesters zijn: smaakvol, uitstekend geacteerd, intelligent kostuumdrama maken. The Social Network probeert echt iets nieuws. De film pakt een belangrijk eigentijds verschijnsel bij de kladden, de opmars van sociale media op internet, en weet daar vervolgens een prikkelende, slimme vorm voor te vinden. De filmindustrie leeft van het vermogen om aansluiting te vinden bij maatschappelijke trends en veranderingen, The Social Network weet het hedendaagse leven te vangen. Dat zal respect afdwingen bij de Academy, collega-filmmakers die weten hoe lastig die opgave is.

Bijkomend voordeel van de uitverkiezing van The Social Network zou zijn dat de filmwereld daarmee blijk kan geven van haar waardering voor de opmerkelijke opmars van het televisiedrama de laatste jaren. Schrijver Sorkin is vooral bekend als de man achter de geliefde politieke dramaserie The West Wing. Ook The Social Network barst van de snelle, scherpe dialogen die zijn handelsmerk zijn. Nadeel van Sorkins schrijfwijze: The Social Network is bijna een gedramatiseerd essay en maakt een groot aantal meer en minder overtuigende punten over de nieuwe media, meer dan dat de film zelf ook helemaal tot leven komt. Een aardig staaltje ironie blijft dat de praatfilm The Social Network de strijd aangaat met de stotterfilm The King’s Speech.

De vorig jaar ingevoerde uitbreiding van vijf naar tien nominaties voor beste film leidt er vooralsnog alleen toe dat het aantal alom gewaardeerde, maar min of meer kansloze films toeneemt. Animatiefilms als Toy Story 3 hebben het moeilijk, omdat er nu eenmaal veel meer acteurs dan animators lid zijn van de Academy. Acteurs stemmen niet graag op films waarin geen acteurs te zien zijn, zo luidt een Hollywood-wijsheid.

Puzzelfilm Inception lijkt al wat te veel weggezakt in het geheugen om nog veel passie los te maken. Regisseur Christopher Nolan dreigt net als met zijn vorige film The Dark Knight opnieuw de pechvogel van de Oscars te worden, maar een behoorlijk aantal nominaties zit er voor Inception toch wel in. Ook de buitengewone lesbokomedie The Kids Are All Right, en het fantastische acteerwerk van Annette Bening en hopelijk ook Julianne Moore, zullen niet worden overgeslagen. Maar die film lijkt te klein om mee te dingen naar de hoofdprijs.

Als beste actrice zal de neurotische ballerina van Natalie Portman in Black Swan moeilijk te kloppen zijn. Vraag is wel: gaat het dan om het acteren of toch meer om de rol? Portmans rol is extreem en fysiek veeleisend; typisch iets voor de Oscars. Maar of de kracht ligt in de acteerprestatie, daaraan valt te twijfelen.

Hetzelfde geldt misschien voor de stotteraar van Firth; een rol met een ernstige handicap, geestelijk of fysiek, is altijd dankbaar Oscar-materiaal.