Sjoeff, de zuignappen gaan om de spenen

Jelle Draaijer is melkveehouder in Gaasterland, Friesland. Elke ochtend om vijf uur melkt hij met een van zijn zonen de koeien. Bij het avondeten drinkt het gezin rauwe melk, de room er nog op. „De lekkerste melk die er is.”

01-12-2010, Harich. Boer Jelle Draaijer, KOE Foto Bas Czerwinski

04.58 uur „Kom maar jongens, allez, kom maar.”

Alida 1101 sloft als eerste van de ligbox naar de melkmachine. De andere Alida’s volgen haar. De Klaartjes. De Pia’s. „Kom maar jongens, allez, allez.”

Boer Draaijer harkt de mest uit de boxen en maakt de ondergrond van gedroogde en gemalen paardenvijgen weer glad. Zoon Meine doet de zuignappen om de spenen. Sjoeff, sjoeff, sjoeff.

05.30 uur Pia 2019, in de rij voor de melkmachine, steekt haar kop omhoog en snuift. Boer Draaijer kijkt naar haar, op zijn hoede. Een paar dagen geleden heeft hij moeten rennen voor zijn leven. „Hij is getikt. Hij heeft een kalfje gebracht en nu is hij getikt.” Hormonen. Maar normaal is het niet dat een koe de boer achterna zit. Binnenkort gaat Pia 2019 naar de slager.

06.10 uur Zoon Meine brengt een emmer biest, de eerste melk van een koe na het kalven, naar de nuchtere kalveren en maakt zich klaar om naar zijn werk te gaan, zijn andere werk. Hij is betongieter. Sommetje: als een boer 900.000 liter melk produceert tegen een kostprijs van 32 cent per liter en hij ontvangt 23 cent per liter, wat verdient hij dan in een jaar? Zo was het in 2009.

Nu krijgt hij 38 cent, nu verdient hij weer.

06.40 uur Boer Draaijer bidt en eet zijn boterhammen, dik belegd met boter en kaas. Als ze op zijn, gaat hij terug naar bed. Gisteravond had hij kerkeraadsvergadering. Vanavond is er een bijeenkomst van de Herenkraamclub. Boeren uit de buurt die bij elkaar op bezoek gaan als er een kind of kleinkind geboren is. ’s Nachts slaapt hij nooit langer dan zes uur.

10.00 uur RTL Nieuws, koffie met koek, mopperen op Brussel en op het CDA. Boer Draaijer is lid van het CDA – „nog wel” – maar heeft in juni op de PVV gestemd: niet van die boervijandige ideeën over de natuur.

In 1975 brandde de boerderij af. „Hooibroei. De controleur was net geweest, we hadden de ventilator weer aangezet. Ik zei tegen mijn moeder: de hooiberg moest eens in de brand gaan. Dat moest maar niet, zei ze. Mijn broer ging kijken en zei: hij staat al in de brand.”

Het werd vechten tegen de brandweer. Die wilde het voorhuis redden, Draaijer, zijn broer en de toegesnelde buren wilden de stal redden. ’s Avonds om negen uur kon er weer gemolken worden. „Agressie is niet goed. Maar het moest.” Nog een geluk dat de oude boer Draaijer die dag van huis was. Dan was er misschien wel bloed gevloeid.

11.30 uur Met de shovel mengt boer Draaijer vast het voer voor vanavond: kuilgras (eiwit), snijmaïs (zetmeel) en luzerne (extra vezels). De koeien maken er melk, mest en kalveren van. Hij loopt door de stal en observeert. Een boer die niet observeert, is al snel geen boer meer. Koe tochtig? Hij – boer Draaijer zegt altijd ‘hij’ – laat het maar kort zien en je moet 100 procent op tijd insemineren. Doe je het niet, dan wordt hij vet, want hij blijft wel vreten. En een vette koe wordt niet drachtig. Een vette koe gaat naar de slager.

12.30 uur Boer Draaijer bidt en eet samen met Femmie. Zij heeft gekookt. Gehaktbal, sperziebonen, stoofperen, aardappelen. Yoghurt met Roosvicee toe. Daarna gaat boer Draaijer de waterleidingen controleren.

15.10 uur Wat de boer niet zo goed kan, kijken of een koe tochtig is, kan de stier heel goed. De stier staat buiten bij de pinken (jonge koeien die nog niet gekalfd hebben) en bespringt ze zodra dat kan. Als boer Draaijer langs loopt, loopt de stier – aan de andere kant van een ijzeren hek – snuivend met hem mee. Dat is het grote nadeel van een stier: dat hij de boer graag zou doodmaken. „Rustig maar jongen.”

16.15 uur Thee met koek. De vakbladen. Zoon Bart van 16 komt uit school, Femmie komt thuis van haar werk.

Femmie: „Als Bart boer wil worden, dan moet Bart boer worden.”

Boer Draaijer: „Maar als Bart het niet wil, dan wil hij het niet.”

Bart: „Ik denk niet dat ik het wil.”

Een broer van Femmie, Oene, is boer in Amerika. Ze zijn bij hem op bezoek geweest. Vijfhonderd koeien, vijf Mexicanen voor de verzorging, Oene op kantoor. Boer Draaijer moet er niet aan denken. Op zijn boerderij staan honderd koeien.

Zoon Meine komt thuis, zijn wangen blozen van de kou. Hij drinkt een glas cola.

17.00 uur Alida 1101 gaat voorop, de Klaartjes en Pia’s sloffen achter haar aan. „Kom maar jongens, allez, kom maar.”

Een tijdje terug had boer Draaijer rubberen koeienmatrassen gekocht, maar zijn koeien wensten er niet op te blijven liggen. En een koe die niet blijft liggen, produceert geen melk. „Nu zijn ze weer gelukkig.”

Hij harkt de mest uit de ligboxen en maakt de ondergrond van paardenvijgen weer glad. Zoon Meine doet de zuignappen om de spenen. Sjoeff, sjoeff, sjoeff.

18.45 uur Sperziebonen en gehakt voor zoon Meine, boterhammen met kaas en chocoladepasta voor boer Draaijer, Femmie en Bart. Ze bidden. De mannen drinken grote bekers rauwe melk, de room er nog in. „De lekkerste melk die er is.”

Een keer kreeg boer Draaijer een groep Marokkaanse jongens uit Utrecht op bezoek – een uitstapje van Jeugdzorg. Hij bood hun melk aan, in kleine glaasjes, op een dienblad. „Eerst durfden ze er niet van te drinken. Maar toen ze het geprobeerd hadden, vonden ze het lekker.”