Een gezinsuitstapje naar de paleizen van de Trabelsi's

Meer nog dan president Ben Ali haatten de Tunesiërs de familie van zijn tweede vrouw, Leila Trabelsi. De Trabelsi’s waren ‘nouveaux riches’ van het ergste soort.

Je herkent een Trabelsi-huis aan het vele volk dat in en uit loopt. De bezoekers mogen alles meenemen wat los en vast zit. "Dit is allemaal betaald met geld van het volk!" Foto AP Tunisian walk in the looted house of Adel Trabelsi, a nephew of the former President's wife, Laila Ben Ali, in Gammarth, 25 kms(15.5mls)north of Tunis, Sunday, Jan. 16, 2011. Tunisians cheering a new era after the authoritarian president fled the country are especially overjoyed at the prospect of life with out his wife and her family _ widely despised as the ultimate symbol of corruption and excess. (AP Photo/Hassene Dridi) AP

Op het nieuwe toeristische parcours van de Tunesische hoofdstad staat de villa van Belhassen Trabelsi in de Sukra-wijk met stip genoteerd.

Na dagen van verwarring en onveiligheid is het de ideale familie-excursie: de huizen gaan bekijken van de gehate leden van de schoonfamilie van de gevluchte president Zine al-Abidine Ben Ali.

Je herkent een Trabelsi-huis meteen aan de vele auto’s die er toeterend voorbijrijden en het vele volk dat binnen- en buitenloopt. Het heeft iets weg van een georganiseerde trip langs de villa’s van filmsterren in Hollywood, met dit verschil: in Tunis mogen de bezoekers ook alles meenemen wat ze kunnen dragen.

Op dag 4 na de val van Ben Ali valt er niet zo heel veel meer te rapen in de mooie villa van Belhassen Trabelsi. Maar iedereen doet zijn best. Een vader en zoon zijn bezig de planten uit te grond te rukken, een jongen toont trots de aansteker van Belhassen die hij heeft gevonden, iemand anders rukt de bedrading uit de muren.

Beter georganiseerd zijn de mannen die open bestelwagens laten aanrukken om de marmeren muren weg te voeren. Anderen kuieren een beetje beduusd door de riante tuinen en langs de twee openluchtzwembaden. „Dit is allemaal betaald met het geld van het volk”, roept iemand.

Belhassen Trabelsi is een broer van Leila Trabelsi, de vrouw van president Ben Ali. Hij gold als het hoofd van de Trabelsi-clan, de broers en zussen, neven en nichten van Leila, die Tunesië beschouwden als hun persoonlijk eigendom. Onbekend is waar hij nu is.

„Moet je dit zien”, roept een vrouw verbolgen uit. Ze wijst op twee ornamenten aan de muur in de woonkamer. „Dit zijn stukken van de ruïnes van Carthago”, weet ze. Het zou kunnen: de stenen zien er oud genoeg uit en Carthago is hier om de hoek. Belhassen Trabelsi heeft ze laten verwerken in een modern interieur.

Het huis van Imed Trabelsi in de wijk Marsa is heel wat minder indrukwekkend, maar het heeft wel een prachtig uitzicht op de Middellandse Zee.

Imed was de playboy van de Trabelsi-familie. Officieel is hij de neef van Leila, maar in Tunesië weet iedereen dat hij eigenlijk haar onwettige zoon is. Imed zou ooit het jacht van een vriend van de Franse president Nicolas Sarkozy in Corsica hebben gestolen en ermee naar de haven van Sidi Bou Said hier vlakbij zijn gevaren. Vorige week zou hij zijn doodgestoken door een naaste medewerker.

De 33-jarige Amal Jeanette woont in de buurt en is uit nieuwsgierigheid komen kijken. „Er zijn in Tunesië mensen die rijker zijn dan de Trabelsi’s, maar het was de arrogantie die ermee gepaard ging die tegen de borst stuitte”, zegt ze op het dak van Imeds villa.

„Zij liepen te koop met hun rijkdom. Ze gingen feesten in restaurants en vertrokken dan zonder de rekening te betalen.

„Ze kwamen overal mee weg. Het doet mij plezier dat de Trabelsi’s weg zijn maar het doet pijn om te zien hoe ons zuurverdiende geld werd verkwist. Vooral als je dit vergelijkt met een Mohammed Bouazizi die wel wilde werken maar daar niet de kans toe kreeg.”

Mohammed Bouazizi was de werkloze man die zich op 17 december in brand stak en daarmee de opstand op gang bracht die Ben Ali de kop zou kosten.

Bouazizi was naar de universiteit geweest maar moest aan de kost komen door zonder vergunning groenten te verkopen op straat. Hij pleegde zijn wanhoopsdaad nadat de politie zijn groenten in beslag had genomen.

Ironisch genoeg zijn de Trabelsi’s zelf ook begonnen als straatverkopers.

Ze behoorden tot de allerlaagste arbeidersklasse tot hun zus Leila, een kapster, twaalf jaar geleden met de president trouwde. Ben Ali wist toen nog niet dat hij ook met Leila’s tien broers was getrouwd.

„Dat maakt het alleen nog erger”, zegt een jonge vrouw met geblondeerd haar en een grote zonnebril die haar naam niet wil geven. „Het waren arme mensen die zich verrijkt hebben over de rug van het volk. Ze wisten heel goed wat het was om arm te zijn maar ze vergaten dat zodra ze de kans kregen om te stelen. De opstand van de voorbije maand was tegen de Trabelsi’s gericht, veel meer dan tegen president Ben Ali. Als hij nooit met Leila was getrouwd, dan was hij nu nog aan de macht.”

Zo gehaat waren de Trabelsi’s dat toen een deel van de familie vrijdag het land probeerde te verlaten met de vlucht Tunis-Lyon, de piloot van Tunis Air weigerde om op te stijgen.

De passagiers zouden hen vervolgens in bedwang hebben gehouden tot ze door het leger gearresteerd konden worden.

Volgens de krant Le Monde is Leila zelf aan de haal gegaan met 45 miljoen euro goud uit de nationale bank die ze al in december in veiligheid heeft gebracht in Dubai.

„Leila was een duivelse vrouw”, zegt Abdelrazak Yagouta, een 57-jarige ambtenaar die met zijn familie is komen kijken. „Maar Ben Ali was wel de president. Hij heeft zich laten inpakken door zijn vrouw en haar familie. Uiteindelijk is dit allemaal zijn schuld.”