Ben je een S of toch meer een N-type?

Wie solliciteert bij een groot bedrijf of de overheid kan er niet omheen: het maken van een persoonlijkheidstest.

Drie persoonlijkheidstesten op een rij.

Illustratie Thomas Schats

Bij grote bedrijven en bij de overheid is het inmiddels meer regel dan uitzondering: al in de eerste week krijg je een persoonlijkheidstest, waarna je de rest van je carrière door het leven gaat als een INTJ, of juist een ESFP.

Abracadabra voor buitenstaanders, maar voor je baas en je collega’s waardevolle informatie over hoe jij functioneert. Teams worden evenwichtig samengesteld uit mensen met verschillende profielen en iedereen weet van elkaar ‘wat’ hij is. Heb je geen zin in de zoveelste borrel, dan pak je als introvert persoon even een ‘I’-momentje en snapt iedereen waarom je er niet bij bent.

Deze letters komen uit de Myers-Briggs Type Indicator (MBTI), de oudste en wereldwijd meest gebruikte persoonlijkheidstest, gebaseerd op de theorieën van psychiater Carl Jung. Het model werd tijdens de Tweede Wereldoorlog bedacht door Katharine Cook Briggs en haar dochter Isabel Briggs Myers. Zij waren ervan overtuigd dat vrouwen met kennis van hun persoonlijkheid beter in staat zouden zijn om in de oorlogsindustrie een passende baan te vinden en efficiënt te werken.

We zetten drie persoonlijkheidstesten op een rij.

1De MBTI onderscheidt vier dimensies die de basis vormen van je persoonlijkheid, elk met twee tegenpolen. Je neemt bijvoorbeeld een besluit op je gevoel of met je verstand. In de praktijk zal je allebei wel eens doen, maar het gaat om je natuurlijke voorkeur. Die voorkeur is het resultaat van aanleg en ontwikkeling, waardoor kleine verschillen door de jaren heen mogelijk zijn. De voorkeuren worden aangeduid met een letter (zie kader). In totaal zijn er zestien combinaties mogelijk en bestaan er dus zestien verschillende typen.

De test wordt vooral door bedrijven gebruikt als onderdeel van een sollicitatieprocedure of om teams beter te laten samenwerken. Organisatiepsycholoog Marlies Brenters schreef vorig jaar het boek De Carrière Code om te laten zien hoe je met de kennis van je eigen MBTI- type meer plezier krijgt in je werk of op zoek kunt gaan naar de baan die het beste bij je past.

Brenters: „Veel andere tests geven wel inzicht in de persoonlijkheid, maar missen direct verband met het werk. De resultaten van de MBTI zijn heel concreet toe te passen.” Bijkomend voordeel is dat de test niet per se begeleid hoeft te worden door een psycholoog, mits je een redelijk uitgesproken profiel hebt.

Bij sommige dimensies is het heel duidelijk, bijvoorbeeld of je introvert of extravert bent. „Het gaat er dan niet om of je een sociale nerd bent, maar waar je energie van krijgt”, legt Brenters uit. „Is dat van contact met mensen of door je even terug te trekken? Een I kan best heel sociaal zijn.”

Omdat de test over persoonlijkheid gaat, kun je het niet goed of fout doen. Wel ziet Brenters dat vooral in het bedrijfsleven een E sociaal wenselijker is dan een I. „Presenteren, netwerken en samenwerken zijn daar heel belangrijk, dus werkgevers geven de voorkeur aan iemand die dat van nature goed afgaat.”

Toch heeft het weinig zin om de uitslag zo te manipuleren dat je als extravert uit de bus komt, denkt Brenters. „Uiteindelijk gaat het erom dat je een baan vindt die bij je past en waar je voldoening uit haalt. Dan presteer je ook beter.”

2Een andere bekende persoonlijkheidstest is het Enneagram. Met behulp van negen persoonlijkheidstypen (zie kader) wordt op zoek gegaan naar de innerlijke drijfveren van mensen.

„De meeste persoonlijkheidstests kijken vooral naar gedrag, terwijl de achterliggende reden heel verschillend kan zijn”, zegt psycholoog Monique Schouten. In haar boek De psychologie van het Enneagram beschrijft ze hoe de negen typen staan voor overlevingsstrategieën. Iedereen heeft wel iets van alle negen, maar als het erop aankomt is er maar een strategie waarop je steeds terugvalt, het is je onbewuste motivatie. „Veel mensen noemen zich een perfectionist, maar dat betekent niet dat zij allemaal type 1 zijn. Het kan ook gedrag zijn, dat is aangeleerd.”

Hoewel het Enneagram in de zoektocht naar drijfveren verschilt van de MBTI, gaat ook deze test uit van een aantal vaste profielen. Veel gehoorde kritiek op beide modellen is dan ook dat er te makkelijk etiketten op mensen worden geplakt.

3Daarom bedacht Schouten de V-cirkel: een verzameling van vier drijfveren die voor ieder mens uniek is. Deze drijfveren worden teruggevoerd op Verleiding, Vermijding, Verslaving en Verdediging.

Kort samengevat: je verleiding is iets wat je onbewust nastreeft bij alles wat je doet, je vermijding iets wat je koste wat kost wilt voorkomen, je verslaving houdt je streven naar je verleiding in stand en je verdediging houdt je bij je vermijding uit de buurt. Zo kan de verleiding bijvoorbeeld succes zijn, de vermijding falen, de verslaving hebzucht en de verdediging ontkennen.

„Als je je eigen V-cirkel kent, weet je wat je motiveert en hoe je patronen kunt doorbreken”, legt Schouten uit. Steeds meer bedrijven vinden het belangrijk dat werknemers hun eigen valkuilen en die van collega’s leren kennen, al blijven er altijd mensen die niet in ‘hokjes’ geduwd willen worden. „Grappig”, zegt Schouten, „want eigenlijk duwen zij zichzelf de hele dag in een hokje. Zo’n test laat dat juist zien en geeft ze de sleutel om eruit te komen.”