Unilever kampt met hoge grondstofprijzen

Aan twee kanten is Unilever kwetsbaar voor de recente prijsstijgingen van grondstoffen en landbouwproducten.

Als zijn sneer naar speculanten op de grondstoffentermijnmarkten bedoeld was om de negatieve koersontwikkeling van het aandeel Unilever te keren, is de campagne van Paul Polman mislukt.

Afgelopen weekend uitte de bestuursvoorzitter van voedingsmiddelenconcern Unilever in The Sunday Telegraph kritiek op hedgefondsen die wereldwijd speculeren op de stijging van prijzen voedsel en grondstoffen. Dat soort gelukzoekers werken met hun gedrag die enorme prijsstijgingen van de laatste tijd juist in de hand, stelde Polman. Hij vertelde hiertegen maatregelen te hebben voorgesteld aan Eurocommissaris Michel Barnier (Interne Markt en Financiële Diensten).

De koers van het aandeel Unilever ging gisteren, een dag na het interview opnieuw omlaag – zij het licht, met 0,6 procent tot 22,74 euro. Sinds eind vorig jaar heeft het Brits-Nederlandse concern al ruim 4,5 procent moeten inleveren. Uitgedrukt in beurswaarde klinkt dat altijd nog dramatischer: Unilever is in de afgelopen drie weken ruim 3,3 miljard euro minder waard geworden.

Voor beleggers en analisten sneed Polman in de Britse krant immers vooral een nijpend probleem aan: de oplopende prijzen op de voedings- en grondstoffenmarkten hakken er bij Unilever hard in. Het bedrijf is zowel aan de inkoop- als aan afzetkant kwetsbaar voor die ontwikkeling. In bijna alle verzorgingsproducten van het bedrijf is palmolie een belangrijk basisproduct. In de voedingsmiddelen tak is het erg afhankelijk van het prijsniveau in de agrarische sector.

En als Unilever de in die sectoren opgetreden prijsstijgingen doorberekent aan zijn klanten, loopt de omzet snel terug. „In opkomende markten, waar Unilever zo’n beetje de helft van zijn omzet vandaan haalt, geven huishoudens relatief veel uit aan voeding”, zegt analist Richard Withagen van SNS Securities. „In Afrikaanse landen wel 60 tot 70 procent.”

Withagen was begin november al somber over deze ontwikkeling. Unilever zal in 2011 bijna een kwart meer moeten uitgeven aan landbouwproducten. De analist van SNS stelde het koersdoel van Unilever op 20 euro, de laagste prognose onder zijn Nederlandse collega’s. Withagen: „Ik ben er na Polmans verhaal dit weekend niet positiever op geworden. Mijn theorie is alleen maar bevestigd: zowel de volumes als de marges van Unilever staan onder grote druk.”

Analist Nico van Geest van Keijser Capital is met een koersdoel van 26 euro aanmerkelijk optimistischer gestemd. „Maar ik geef toe: de eerste weken van dit jaar vallen tegen.” Van Geest gelooft wel dat de basis van Unilever goed is: „Een goede cashflow, de kosten zijn onder controle en met name in Europa worden heel hoge marges gehaald.” Hij denkt dat de achterblijvende koers van Unilever vooral te maken heeft met „de perceptie van de markt”. „Kennelijk is het niet innovatief genoeg in de ogen van beleggers en doen concurrenten het beter. De klacht van Polman over de hoge grondstofprijzen komt daar nog boven op.” Vergeleken met directe concurrenten als Nestlé met Nespresso en Danone heeft Unilever in recente jaren inderdaad geen grote innovatieve klapper op zijn naam staan. Al doen het Knorr bouillonketeltje en de antiroosshampoo Clear het op deelmarkten goed.

Van Geest verwacht op korte termijn veel van Polman en zijn vorig jaar aangetreden financiële man Jean-Marc Huet (ex-Numico). „Het management van Unilever is in lange tijd niet zo sterk geweest. De druk om te scoren is groot, en ik verwacht dat zij dat ook snel zullen doen.” Hij denkt aan een overname, een spectaculaire innovatie of het afstoten van een onderdeel dat minder draait.

Paul Polman heeft één groot voordeel: hij kent vanuit zijn vorige functies de bedrijfsgeheimen van zijn grote concurrenten. Voor hij in oktober 2008 bij Unilever aantrad werkte hij jarenlang voor zowel Procter & Gamble als Nestlé.