Regie ontbrak in zaak-Wilders

De geslaagde wraking van de strafrechters in de zaak-Wilders heeft geleid tot een een ‘crisissituatie’ bij de rechtbank van Amsterdam. Het gerechtsbestuur onthield zich zowel intern als in de media van commentaar, waardoor een vacuüm ontstond. Dit staat in een evaluatierapport dat de rechtbank liet opstellen.

Eind oktober vorig jaar werden de rechters in de zaak tegen PVV-leider Geert Wilders succesvol gewraakt wegens de schijn van partijdigheid. Daardoor moet het hele proces opnieuw worden gevoerd. Wilders wordt verdacht van haat zaaien en aanzetten tot haat en discriminatie van moslims. Het proces wordt op 7 februari hervat.

De evaluatiecommissie vindt dat het gerechtsbestuur te weinig regie heeft gevoerd en niet voorbereid was op de grote mediadruk. In de toekomst moet een gerechtsbestuur zich actiever bemoeien met de gang van zaken. Ook de Raad voor de Rechtspraak, het overkoepelende orgaan van de gerechten, moet zich actiever opstellen. Er moet ‘publicitaire tegendruk’ gegeven worden als er onjuist, onkundig of onevenwichtig verslag wordt gedaan. De president van de Amsterdamse rechtbank, Carla Eradus, zegt de aanbevelingen „zo spoedig mogelijk” uit te voeren.

Het proces tegen Wilders werd live op televisie uitgezonden. De commissie noemt de beslissing dat toe te staan ‘pionierswerk’ en gedurfd, maar constateert ook dat er niet goed over is nagedacht. De strafrechters waren niet voorbereid op een publiek oordeel over eventuele politieke vooringenomenheid. Ze konden niet reageren op wat ze als onevenwichtig of onjuist ervoeren. De commissie adviseert rechters hierin te coachen en bij dit soort grote zaken een ‘collegiaal klankbord’ te organiseren.

Hoogleraar strafrecht Theo de Roos erkent dat de rechters te weinig wisten hoezeer ze „op eieren moesten lopen”. Wraking en evaluatierapport zijn „een harde les”.

Commentaar: Twee