Rechters in flipperkast door mediaspektakel

De rechters in de zaak-Wilders werden min of meer aan hun lot overgelaten, stelt een commissie die de zaak evalueerde. Dat moet anders.

Rechters zijn autonoom. Het bestuur van de rechtbank is formeel de baas, maar inhoudelijk bemoeit het zich niet met rechtszaken. Dit ‘afstandelijke’ model voldoet niet in een zaak die zo onder een vergrootglas ligt als die tegen politicus Geert Wilders.

Dat is een van de conclusies uit het rapport-Meijerink. De oud-secretaris-generaal van het ministerie van Onderwijs onderzocht op verzoek van de Amsterdamse rechtbank wat er mis is gegaan in de zaak-Wilders. De rechtszaak eindigde vorig jaar in een succesvolle wraking van de rechters. Het hele proces moet worden overgedaan met andere rechters. Op 7 februari gaat het weer van start.

Meijerinks conclusie is dat de rechters onvoldoende voorbereid waren op de politieke impact die hun uitspraken konden hebben. Van te voren hadden ze wel een cursus ‘presentatie’ gekregen, maar tijdens het proces werden ze min of meer aan hun lot overgelaten. Meijerink oppert in dit soort zaken een „collegiaal klankbord” te creëren, zodat rechters tijdens de zaak kunnen overleggen.

Het proces-Wilders heeft de rechtbank in een crisis gestort, constateert Meijerink. In deze krant uitten rechters na afloop kritiek op de ‘onzichtbaarheid’ van rechtbankpresident Carla Eradus. Ook toen openlijk gediscussieerd werd over verplaatsing van de zaak naar een andere rechtbank, nam zij geen deel aan de publieke discussie. Gisteren zei zij in het actualiteitenprogramma Nieuwsuur dat media „andere belangen” hebben tijdens een proces dan de rechtbank. Eradus vindt niet dat zij de crisis verergerd heeft. „Die conclusie laat ik graag aan anderen.” Eradus wilde geen vragen beantwoorden van deze krant.

Het proces-Wilders werd volledig live uitgezonden. De rechtbank besloot zo open mogelijk te zijn omdat een politicus terecht stond vanwege zijn uitlatingen. Wilders had geen bezwaar.

Maar de gevolgen van die beslissing zijn volgens Meijerink „onvoldoende doordacht”. Zo zou de continue stroom van beelden andere media hebben geïnspireerd „hun aandacht te intensiveren”. Daardoor ontstond „onevenredig zware druk” op de rechters. Rechters kunnen niet reageren als in hun ogen onjuist of eenzijdig wordt bericht. Dat is omdat de rechtszaak zich alleen dient af te spelen in de rechtszaal.

Het leek alsof de rechtbank tijdens dit proces „in een flipperkast was beland”, zegt hoogleraar strafrecht Theo de Roos in een reactie op het rapport. De rechters waren zich er volgens hem onvoldoende van bewust hoezeer „ze op eieren moesten lopen”.

Meijerink laat zich niet uit over de juistheid van het besluit om de rechters te vervangen. Eerder lekte een notitie van een advocaat-generaal van de Hoge Raad uit waarin hij zei dat de rechters niet gewraakt hadden moeten worden. Hoogleraar Theo de Roos zegt dat het wrakingsverzoek „in paniek” lijkt te zijn toegewezen. „Het kwam ook zo snel (enkele uren na het verzoek, red). Waarom daar niet een nachtje over geslapen?”

Meijerink wil niet inhoudelijk oordelen om de zaak die 7 februari verder gaat, niet te belasten. Wel constateert hij dat een eerste wrakingskamer die werd ingezet (en een wrakingsverzoek afwees) voorbereid was op het proces, en de tweede niet. Hij adviseert nu tijdens het hele proces wrakingsrechters paraat te houden.