'Wilders Factor' al snel onderkend

Diplomatenpost

De Amerikanen voorspelden na het vertrek van Wilders uit de VVD dat hij toch nog een prominente figuur kon worden. Hun typering van het politieke besluitvormingsproces: ‘Op z’n best langzaam en vaag’

Den Haag, 17 jan. - Hij weet dat hij ons nodig heeft om in leven te blijven. Een hoge medewerker van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding (NCTb) was er zeker van: Geert Wilders zou de anti-Koranfilm Fitna 24 uur van tevoren laten zien. Dat zei de NCTb’er in een gesprek met een Amerikaanse diplomaat, op 30 januari 2008, daaraan toevoegend: „He knows he needs us to stay alive”.

Het is een van de opmerkelijke passages uit de bijna zeventig cables waarin Wilders voorkomt. De Amerikaanse ambassade blijkt vanaf het moment dat Wilders uit de VVD trad, in 2004, geïnteresseerd te zijn in „de rebelse populistische politicus” die „uiterst rechts op het politieke spectrum van de Nederlandse politiek opereert”. De toenmalige ambassadeur Clifford Sobel meldde in zijn eerste serieuze cable over Wilders, in september 2004, dat de afsplitsing van de VVD het einde van zijn carrière als mainstream politicus kon betekenen. Maar de angst voor immigranten kon hij als springplank gebruiken om een prominente figuur te worden. Hiermee zou hij het voorbeeld kunnen volgen van Pim Fortuyn, schreef Sobel, „wiens uiterst rechtse LPF, nu in verval, ook gebaseerd was op negatieve gevoelens over immigranten”.

Zo schatte de Amerikaanse ambassade het politieke belang van Wilders goed in. De meeste aandacht hadden de Amerikanen voor Fitna. Tientallen berichten gaan geheel of gedeeltelijk over de 16 minuten durende film die op 27 maart 2008 uitkwam. Een bericht van 13 maart ging over de Nieuwspoort-kwestie. Wilders wilde Fitna in het Haagse perscentrum vertonen, maar de NCTb vond dat Wilders, los van zijn eigen beveiliging, voor de kosten van de veiligheidsmaatregelen moest opdraaien. De drie à vier ton kon hij echter niet betalen. „Wilders is geen rijke man”, zei NCTb-baas Tjibbe Joustra tegen een Amerikaanse diplomaat.

Eén belangrijke vraag rond Fitna is nooit helemaal opgehelderd. In het Kamerdebat na de première ontstond commotie over gespreksverslagen die minister Hirsch Ballin (Justitie, CDA) vrijgaf. Hieruit bleek dat Wilders de NCTb en enkele ministers al in het najaar 2007 vrij gedetailleerd op de hoogte had gesteld van de inhoud van de film. Wilders betitelde de verslagen als ‘leugens’. De kwestie werd belangrijk, omdat Wilders Balkenende eerder verweet dat die overdreven voorbereidingen trof voor een film waar hij niets van wist.

In het door Hirsch Ballin geopenbaarde gespreksverslag stelde hij dat Wilders „citaten uit de Koran” zou gebruiken, die moesten aantonen dat de inhoud ervan „oproept tot geweld”. Dit kwam er inderdaad in. De film zou afsluiten met „Wilders die (delen van) de Koran verscheurt”. Het verscheuren van bladzijden werd in de film uiteindelijk alleen gesuggereerd.

Uit de Amerikaanse cables blijkt dat de Nederlandse ambtenaren inderdaad specifieke informatie hadden over de inhoud van Fitna. Dat lijkt de lezing van de regering van destijds te bevestigen. Crisisexpert André van Wiggen van Buitenlandse Zaken vertelde in januari 2008 aan de Amerikanen dat de autoriteiten wel een idee hadden over de film. Er zouden Koranverzen worden getoond en de film zou eindigen „met een symbolische daad”. NCTb-baas Joustra meldde op 11 maart, dus twee weken voor verschijning, juist „geen specifieke informatie” te hebben over Fitna. Wel wist hij dat Wilders de enige persoon was die in de film zou verschijnen en dat de anonieme regisseur zich ‘The Scarlet Pimpernel’ noemde. Dat bleek te kloppen. Hoe Joustra aan deze informatie kwam is niet duidelijk: óf hij had toch meer contact met Wilders dan bekend is geworden óf de NCTb had andere bronnen.

De Amerikanen namen Fitna uitermate serieus. Op 29 januari 2008 ging er vanuit Washington een bericht naar alle Amerikaanse diplomatieke posten. Het dringende verzoek was om alert te zijn en veiligheidsmaatregelen te nemen in verband met de „forthcoming release of Geert Wilders film”. De ambassades werden opgeroepen zo nodig een waarschuwing per sms aan alle Amerikaanse burgers ter plekke af te geven. Na het verschijnen meldt de ambassade in Den Haag haast opgelucht dat er kalm is gereageerd op de langverwachte film. Wilders heeft de NCTb niet zoals beloofd 24 uur van te voren maar drie uur eerder gemeld dat de film op internet zou verschijnen. Ook in het buitenland zijn de reacties over het rustig, zo melden diverse ambassades in de dagen en weken erna aan Washington. In Jakarta is er wel een demonstratie maar het was onnodig om burgers per sms te waarschuwen te verzenden, meldt de ambassade.

Fitna droeg niet bij aan de populariteit van Wilders bij de Amerikanen. Dat maken de berichten wel duidelijk. In een recenter bericht, ter voorbereiding op het bezoek van premier Balkenende aan president Obama op 6 juli 2009, krijgt de PVV-leider een apart hoofdstukje onder de kop The Wilders Factor. In dit al eerder geopenbaarde ambtsbericht, van 6 juli 2009, wordt Wilders „geen vriend van Amerika” genoemd. Dat komt omdat hij tegen Nederlandse militaire aanwezigheid in Afghanistan is, omdat hij gelooft dat ontwikkelingssamenwerking weggegooid geld is en omdat hij angst en haat tegen immigranten aanwakkert. Zijn partij geldt als extreem-rechts, melden de cables.

Contacten tussen Amerikaanse diplomaten en Geert Wilders lijken er niet veel te zijn geweest. Op 10 december 2009 heeft hij wel een gesprek met ambassadeur Fay Hartog Levin. Het gaat over de discussie over de verlenging van de missie in Uruzgan. Volgens de politieke analyse van Wilders heeft de PvdA zich in een hoek gemanoeuvreerd waar ze niet uit kan komen. „It was a lose-lose situation”, aldus Wilders. Hij zegt in dit gesprek, opmerkelijk, de nieuwe strategie van Obama in Afghanistan te steunen. In het openbaar liet Wilders zich zelden positief uit over Obama.

De Amerikaanse diplomaten zijn niet onfeilbaar, blijkt ook uit de berichten. In het ene bericht staat dat Wilders tegen NAVO-missies buiten geallieerd grondgebied is. Een half jaar later, en dat is wel correct, meldt de ambassadeur dat hij voor de aanwezigheid van de NAVO in Afghanistan is. Zonder Nederlanders, dat wel. Dat vindt hij nog steeds, twitterde hij gisteren. Daarom zal hij niet snel een vriend van Amerika worden.