Test cyberaanval op Iran in Israël

Israël en de Verenigde Staten hebben samen de effectiviteit van de Stuxnet-worm getest. Met deze computerworm werd in september vorig jaar circa eenvijfde van het Iraanse kernprogramma stilgelegd. Dat schrijft The New York Times op basis van anonieme bronnen. Wie de cyberaanval destijds heeft uitgevoerd is onduidelijk. Het testen van de Stuxnet-worm, een virus dat het beheer over een deel van de kerninstallaties overneemt, is volgens de krant zo goed als zeker gebeurd in de Negevwoestijn in Israël, op een vrijwel identieke reactor als die in Iran. De worm, aldus een bron, kan vanwege zijn „militaire precisie” niet van hackers afkomstig zijn. „Dit moest iemand zijn die weet hoe het Iraanse uraniumprogramma werkt.” Aanwijzingen dat Israël ermee te maken had waren er al wel. Zo bevat Stuxnet een code die verwijst naar een datum waarop een Israëlische spion geëxecuteerd werd in Iran. Volgens een bron is de worm getest op een P-1 centrifuge. Dat type werd in Nederland in 1976 gestolen door een Pakistaanse uraniumdeskundige die de „koppige, slecht ontworpen machine” op de zwarte markt verkocht aan Iran. (NRC)