Niet met de brommer naar Inter

Weleens van Jetro Willems gehoord? Vermoedelijk niet. Maar hij had zomaar voetballer van Internazionale kunnen zijn. Jetro is 16, een leeftijd waarop je gewoonlijk voor je eerste brommer spaart of voor je derde, nu nog veel gavere smartphone.

Jetro staat als junior onder contract bij Sparta, maakte gisteren in het eerste zijn competitiedebuut en komt uit voor het nationale team in zijn leeftijdscategorie.

Sparta wees deze maand het bod van de winnaar van de Champions League af en Jetro meende zelf dat het op zijn leeftijd verstandiger is Rotterdam nog niet te verruilen voor Milaan.

Gyliano van Velzen dacht er vorig jaar, ook op 16-jarige leeftijd, anders over. Hij vertrok van Ajax B1 naar Manchester United. Nathan Ake (15) stapte vorige maand op bij Feyenoord en ging naar Chelsea. Rajiv van La Parra zal in Nederland om zijn bijzondere naam worden herinnerd. Niet omdat hij hier langdurig zijn kwaliteit heeft getoond. Hij was koud 17 toen hij in 2008 Feyenoord verruilde voor SM Caen. Oguzhan Özyakup was 16 bij zijn transfer van AZ naar Arsenal.

Hiermee is deze opsomming lang niet compleet. Neem Jeffrey Bruma. Hij ging in 2007 als 15-jarig jochie van Feyenoord naar Chelsea. Vorig jaar maakte hij zijn debuut in het Nederlands elftal voor grote mannen. Deze maand debuteerde hij in het eerste basiselftal van zijn rijke Londense club.

Bruma is wellicht op weg als voetballer te slagen. Toch voelt het niet goed, die jongens die al zo jong, kinderen nog, naar het buitenland verkassen. Volgens Maarten Fontein mislukt 99 procent van deze jeugdvoetballers. Hij is onder meer lid van een commissie bij de FIFA die zich over jeugdtransfers buigt. Michel Platini, voorzitter van de UEFA, zei al in 2007 dat hij een einde wil maken aan deze handel in jongens.

Sindsdien is het wachten op de daden. Intussen is te hopen dat meer jongens – en hun ouders – als Jetro Willems genoeg geduld kunnen opbrengen.

John Kroon